- blad nr 7
- 2-4-2005
- auteur L. Douma
- Redactioneel
Onderwijsbonden staken overleg met Hbo-raad
De Hbo-raad wil het aantal uren terugbrengen dat onderwijspersoneel in het hbo heeft voor deskundigheidsbevordering. De meesten hebben nu 167 uur per jaar voor het persoonlijk ontwikkelingplan, cursussen, seminars en andere vormen van scholing. De Hbo-raad wil dit terugbrengen naar 59 uur. De raad denkt voor het onderwijsondersteunend personeel aan niet meer dan acht uur per jaar. “In een land waar de kenniseconomie steeds belangrijker wordt, is het raar om deskundigheidsbevordering met tweederde terug te brengen. Met die 59 uur kan onderwijzend personeel het persoonlijk ontwikkelingsplan uitvoeren, maar voor de rest is geen tijd meer”, zegt AOb-bestuurder Gerrit Stemerding.
Begin maart schreven de werkgevers aan de Tweede Kamer dat zij het kennisniveau van de hbo-werknemers wilden verhogen en dat zij daarin wilden investeren. “Nu er boter bij de vis moet komen, geven de werkgevers niet thuis”, stelt Jan Duijnhouwer, bestuurder van de Onderwijsbond CNV.
Meer werkweken
De gemoederen liepen tijdens het cao-overleg eind maart zo hoog op dat de onderwijsbonden de benen namen. Ze raadplegen de achterban voor ze overgaan tot verder overleg. Als dat er al komt. “Ik denk dat de achterban flink zal schrikken van het voorstel van de Hbo-raad”, voorspelt Stemerding van de AOb. “Als de Hbo-raad geen concessies wil doen, komt er geen cao. Dan blijven de individuele arbeidsvoorwaarden maar gelden. Daar is de werkgever slechter mee af.”
De deskundigheidsbevordering is niet het enige struikelblok. De Hbo-raad wil eveneens dat er meer werkweken komen. In het cao-voorstel gaat het aantal lesuren niet omlaag. Volgens de bonden houdt dit in dat hetzelfde werk in minder uren moet worden gedaan. Wanneer er geen lessen zijn, kunnen de werknemers voor andere werkzaamheden worden ingezet. In de praktijk krijgt het hbo-personeel dan minder vrije dagen, vrezen de bonden.
“De werkgevers nemen de werknemers met dit cao-voorstel niet serieus. Temeer omdat het salaris ook nog eens fiks achteruit kachelt. Wij hebben een looneis van 1,25 procent. Zij komen niet verder dan 0,4.”