- blad nr 4
- 19-2-2005
- auteur . Overige
- Het moment
Neerslag
De brief was er de oorzaak van dat mijn gedachten teruggingen naar Marwan, vier jaar geleden.
Tijdens een lesuur wiskunde aan klas 2 waren de leerlingen allemaal zelfstandig aan het werk. Het was me eindelijk gelukt. Met een voldaan gevoel liep ik door de klas om leerlingen individueel te kunnen helpen. Marwan, een leerling afkomstig van het azc, stak zijn vinger op. Hij had een probleem met een opgave waarin sprake was van hoeveelheden regen, weergegeven in een staafdiagram. “Vertel maar eens wat jouw probleem is”, zei ik. “Wel meneer, in deze opgave staat van alles over regen. Maar daarna wordt er iets over neerslag gevraagd en dat snap ik niet.” Ik begreep nog niet wat zijn probleem was en vroeg om wat meer uitleg. “Nou”, zei Marwan, "ik weet wat opslag betekent. Dan krijg je voor je werk meer geld. Dus bij neerslag krijg je minder geld. Maar wat heeft dat nou met regen te maken?”
Met een grote grijns heb ik hem daarna geholpen. Marwans opmerking maakte me in één klap duidelijk hoe een leerling kan worstelen met een wiskundeopdracht door het gemis aan kennis van een, voor mij, eenvoudig woord als 'neerslag'.
Tijdens de docentenvergadering van deze week kregen we de opdracht om per sectie een foutenanalyse te maken van de afgelopen tentamens. Wij, de wiskundedocenten, concludeerden onder andere dat veel leerlingen moeite hebben met het goed lezen en begrijpen van de vragen. En dat zijn beslist niet alleen asielzoekerskinderen!
Henk van Loon, De Bilt