• blad nr 2
  • 22-1-2005
  • auteur . Lachesis 
  • Column

 

Zandhappen

Het is helemaal niet aannemelijk dat ik alles wat ik nu weet als leerkracht altijd al geweten heb. Ooit moet ik door vallen en opstaan wijzer geworden zijn. Het geheugen is echter een onbetrouwbaar instrument. Het vergeet de klap waarmee het destijds figuurlijk op de grond viel en onthoudt alleen het resultaat van deze pijnlijke ervaring: zo moet het dus niet. Ik aarzel dan ook niet gauw als ik mijn studenten van welgemeende adviezen voorzie: zo zit het en wel hierom… Het ontbreken van die aarzeling is onterecht. Ik kwam daarachter toen ik binnen een jaar twee keer op mijn gezicht viel. Dit keer letterlijk. Ik viel van het paard.
Ik kan niet rijden. Mijn paardrij-instructrice vanzelfsprekend wel. Zij is direct vanuit de wieg op het paard gesprongen. Zij aarzelt dan ook niet als zij mij van welgemeende adviezen voorziet: zo zit het en wel hierom… Ik word daar erg wanhopig van. Het kan heel goed zijn dat het zo zit maar ik zit niet, ik val.
Er is niets moeilijker dan paardrijden. Het moeilijkste deel van paardrijden is het paard. Het is een obstakel van belang dat het leeft en een eigen wil heeft. Dat het schrikt van een windvlaag, een voorbijlopende poes, een grote hond in de verte, dat het dwars wordt van foute aanwijzingen en plotseling danspasjes produceert als het vrolijk is. Het valt ook niet mee voor de berijder om tegelijk op de juiste stand van benen, rug en handen te letten en in één moeite door nog even het paard in bedwang te houden. Ik kan nog zo aandachtig rondstappen op deze edele viervoeter, als ik zijn oren plotseling naar achteren zie gaan, let ik nergens meer op en denk ik alleen nog ‘o heremijntijd’. Van al dat zandhappen kwam ik tot inkeer.
Er is natuurlijk een ding nog moeilijker dan leren paardrijden: leren lesgeven. Het moeilijkste deel van lesgeven is het kind. Het is een obstakel van belang dat het leeft en een eigen wil heeft. Dat het onrustig wordt van storm en regen, een voorbijlopende sinterklaas, een graafmachine in de verte, dat het onzeker wordt van onvoldoende aanwijzingen en plotseling door de klas rent als het vrolijk is. Als aankomende leerkracht kun je nog zo aandachtig je lessen voorbereiden, als de les maar enigszins een ander verloop heeft dan je in gedachten hebt dan denk je alleen nog maar ‘o heremijntijd’.
Je hebt makkelijk praten, denk ik soms nukkig als mijn paardrij-instructrice mij van advies voorziet, het is deze nukkigheid die ik voor ogen houd als ik mij tegenwoordig op een stageschool achter een tafeltje neervlij teneinde de door mij bijgewoonde lessen na te bespreken. Ik heb immers makkelijk praten. Het past niet om hier maar wat te wijsneuzen. Dus buig ik mij voorover en informeer naar hun wanhoop, hun frustratie en vooral naar hun kleine overwinningen. Ik knik en voel mee. Ik troost en plak pleisters. Ook al ben ik zo vanuit de wieg achter de lessenaar beland, ik begrijp het.

www.columnsvanlachesis.nl

Dit bericht delen:

© 2021 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.