• blad nr 22
  • 18-12-2004
  • auteur N. van Dam 
  • Vakwerk

 

Proeven aan het leraarschap

Leerlingen van het Dominicuscollege in Nijmegen kunnen sinds vorig jaar het keuzevak onderwijskunde volgen. Ze werken met boeken uit het hoger beroepsonderwijs, krijgen les van docenten van de hogeschool en volgen soms samen met de studenten al college. En ze doen ook nog stage, als tutor van leerlingen in lagere leerjaren.

Acht havisten en veertien vwo’ers volgen op dit moment het nieuwe keuzevak onderwijskunde, waarmee ze alvast kunnen proeven aan het leraarschap. Niet alleen krijgen ze les van docenten van de leraaropleiding, ook volgen ze samen met studenten een college op de hogeschool en mogen ze tot slot zelfs leerlingen van lagere klassen begeleiden. Het Dominicuscollege in Nijmegen startte dit keuzevak vorig jaar in bovenbouw havo/vwo. “Als werktitel hadden we de prachtige term ‘de pedagogische klas’, maar daar wilde de school niet aan”, zegt Rudi Liebrand van het Instituut voor leraar en school (ILS) in Nijmegen dat het opleiden van eerste- en tweedegraads docenten, onderzoek en onderwijsontwikkeling als hoofdtaken heeft. “Ons eerste idee was namelijk dat we niet alleen moesten proberen zoveel mogelijk zij-instromers voor het leraarsvak te interesseren, maar dat we ook aan de onderinstroom moesten werken. Dus gewoon bij leerlingen in havo en vwo, die per slot al zitten op de plaats waar ze later kunnen gaan werken.” Het vak hoefde niet uitsluitend wervend te zijn, maar de lerarenopleiders wilden er in ieder geval voor zorgen dat decanen in het voortgezet onderwijs het leraarschap als een positieve keuze zouden benaderen.
“De school wilde het breder”, zegt Gerald Steverink die vanuit de hogeschool een belangrijk deel van de lessen op het Dominicus verzorgt. “Daarom is gekozen voor een oriëntatie op alle beroepen waarbij kennisoverdracht een rol speelt: sociologie, psychologie en onderwijs.” De ondertitel bij het keuzevak op het Dominicus is nu geworden: een oriëntatie op sociale wetenschappen en het beroep van leraar.

Klap
Het wervende idee is inmiddels flink naar de achtergrond geraakt. Zelfs zonder het keuzevak groeit de studentenaanwas van de lerarenopleiding voortgezet onderwijs van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, waar de Nijmeegse universiteit ook de aspirant-eerstegraders laat doorstromen. Volgens Liebrand, hoofd van het bureau extern, is de groei de laatste jaren steevast zo’n twaalf procent.
Het was dus vorig jaar niet zo’n vreselijke klap voor Steverink toen hij aan het eind van de lessenserie op het Dominicus informeerde naar de toekomstplannen en nauwelijks het leraarschap voorbij hoorde komen. Daar komt bij dat de twintig leerlingen van vorig jaar vooral vwo’ers waren. Liebrand: “Zij gaan eerst studeren en doen daarna pas een kopstudie voor het leraarschap. Dus we wanhopen niet, want op de lange termijn kan nog uitgesteld effect loskomen.” En Steverink weet dat leraren in het voortgezet onderwijs bij havo aanvankelijk meestal vooral in het vak geïnteresseerd zijn: “Je hebt belangstelling voor biologie, dat ga je dus studeren en aan het einde van je studie vraag je je pas af wat je er eigenlijk mee kunt.”

Videotraining
Op het Dominicus loopt onderwijskunde parallel met het keuzevak kunstmatige intelligentie. Leerlingen kunnen zich aanmelden door vrije inschrijving en scoren tachtig studiebelastingsuren. Dit jaar deden dat acht havisten en veertien vwo’ers. Het vak begint in de herfst en loopt door tot februari. Het beslaat 28 contacturen, veertien keer twee uur. Tot de kerstvakantie is het geheel theoretisch, waarbij gebruik gemaakt wordt van hbo-studieboeken, die de lerarenopleiding heeft aangeschaft en die de leerlingen in bruikleen krijgen. De theorie blijkt moeilijk voor de havisten en goed te doen voor vwo’ers die soms het hele boek lezen in plaats van het opgegeven hoofdstuk. Vast onderdeel is het meedraaien tijdens een college leerstrategieën voor de eerstejaars lerarenopleiding. Dan zitten de scholieren in een zaal met zo’n 180 studenten.
Drie lessen presentatievaardigheden als houding en stemgebruik, vormen ook een vast onderdeel. Logopediste Karin Bruens van de lerarenopleiding gaat daarvoor naar het Dominicus toe. “Optreden voor een groep is een van de meest stressveroorzakende bezigheden.” Als hogeschooldocente was haar eerste indruk: wat zijn ze jong. “Ik moest erg wennen aan hun leeftijd, maar het bleek dat veel van hen tot een presentatie in staat zijn die aanmerkelijk losser is dan die van menig eerstejaars student.” Bij nader inzien waren de goede presteerders met name de vwo’ers. “Die zien we hier op de hogeschool niet veel. De havisten op het Dominicus durven misschien niet zo goed in het bijzijn van de vwo’ers.” Bij de splitsing van de groep (Bruens werkt met elf leerlingen tegelijkertijd) wordt hiermee rekening gehouden. Zij kan sowieso niet volstaan met haar hogeschoolprogramma: “Bij de studenten werk ik standaard met videotrainingen, daar is op het Dominicus niet voldoende tijd voor.”

Brugklasser
Aan de hand van kerstrapporten beslist het Dominicus welke leerlingen in aanmerking komen voor begeleiding door een tutor: een havist of vwo’er van onderwijskunde.
Vakinhoudelijk begeleidt de tutor dan bijvoorbeeld een brugklasser die zwak is in Engels, maar ook tweede- of zelfs derdeklassers worden soms begeleid. Hoe zij moeten begeleiden hebben de tutoren inmiddels van Steverink en Bruens geleerd, vakinhoudelijk zijn de leraren van het Dominicus inschakelbaar. Tijdens de begeleidingsperiode zijn er eens in de drie weken intervisiegesprekken.
De begeleiding door leerlingen bevalt het Dominicus, heeft Steverink gemerkt: de groep tutoren van vorig jaar geeft nu geïnstitutionaliseerd begeleiding, tegen betaling. “Ze leren zelf ook ongelofelijk veel van het uitleggen aan een ander.”
Het beste bewijs van het succes van onderwijskunde zag hij vorig jaar bij de overgangsrapporten: “Een meisje kwam vertellen dat de leerling die zij begeleid had met een zeven voor wiskunde was overgegaan, terwijl hij onvoldoende stond op zijn kerstrapport. Ze stráálde.”

Meer informatie bij gerald.steverink@han.nl

Dit bericht delen:

© 2023 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.