• blad nr 19
  • 6-11-2004
  • auteur T. Snel 
  • Vakwerk

 

Woorden vullen met beelden

Remedial teacher en orthopedagoge Marian van Leeuwen werkt al meer dan 35 jaar met dyslectische kinderen en volwassenen. De laatste jaren hanteert ze de Davismethode, waar ze erg enthousiast over is. “Woorden worden gevuld met beelden, daar hebben dyslectici echt wat aan.” Ze geeft ook cursussen aan leerkrachten om ze bekend te maken met beelddenken in relatie tot dyslexie.

De elfjarige Eva heeft een poppetje gekleid dat naar zichzelf wijst. Dat poppetje is ‘ik’. Een ander poppetje is ‘jij’. “Ik praat en jij luistert”, zegt Marian van Leeuwen tegen Eva, terwijl ze naar de verschillende poppetjes wijst. Eva kleit er nog een derde persoon bij. Dat is ‘hij’. Wanneer ze zelf moet verwoorden wat ‘ik’, ‘jij’ en ‘hij’ betekenen, zegt Eva: “’Ik’ praat, ‘jij’ luistert en over ‘hij’ roddelen we.”
Van Leeuwen is bezig om Eva de persoonlijk voornaamwoorden te leren. “Deze woorden zijn heel moeilijk voor een beelddenker. Ze zijn te abstract, ze kunnen zich er geen beeld bij vormen.” Eva, die zwaar dyslectisch is en gezondheidsproblemen heeft, heeft op drie verschillende scholen gezeten en is uiteindelijk opgegeven voor het reguliere onderwijs. “Aanvankelijk werd gezegd dat er weinig mogelijk was met haar”, zegt Van Leeuwen. Maar de orthopedagoge, die nu twee jaar lang met haar werkt, boekt resultaten. Een paar jaar geleden schreef Eva uitsluitend hoofdletters, ze heeft er een jaar over gedaan om tot kleine letters te komen. Afgelopen jaar is ze aan elkaar gaan schrijven. “Er is niets mis met haar motoriek”, zegt Van Leeuwen. “In schrijven heeft ze veel plezier en het ondersteunt het lezen.”
Uit een gekleid alfabet zoekt Eva de letters die ze nodig heeft om het woordje grap te leggen. Ze pakt twee a’s, een g en een p en legt gaap. Als Van Leeuwen haar vraagt het uit te spreken, zegt ze steeds graap, terwijl de r er niet ligt. “Ze is zo overtuigd dat de r erin zit dat ze graap blijft zeggen.” De woorden waar Eva nu mee werkt, komen uit Een grap van Tom van de serie Leeskriebels, een boekje op AVI 1 niveau.
“Letters in het platte vlak worden geen woordje voor Eva”, legt Van Leeuwen uit. “Door de letters driedimensionaal te maken, kan ze een beeld van de letter maken en herkent ze de letter in een woord.” Iedere keer als ze weer iets heeft geleerd bergt ze het op in de bibliotheek in haar hoofd, legt Eva zelf uit. Sinds ze met gekleide letters werkt, komt de b/d-verwisseling nauwelijks meer voor. Trots leest Eva moeiteloos het gekleide alfabet voor en dan ook nog eens van achter naar voor.

Bolletje ellende
Van Leeuwen werkt al meer dan 35 jaar met dyslectische kinderen. “Ik zag vrolijke kinderen in bolletjes ellende veranderen als ze moesten lezen. En ik dacht maar steeds er moet iets voor ze zijn waardoor ze wél leren lezen.” Ze is bezig geweest met functietrainingen, met het idee dat als je het zien en het gehoor traint, het lezen wel op gang komt. Ze ging aan de slag met edukinesiologie om de stress bij de leerlingen te verminderen. En ze ontwikkelde de methode Trapsgewijs lezen, waarbij structuur wordt aangebracht in een woord. “Het werkte allemaal een beetje bij dyslectische kinderen, maar het was het steeds niet helemaal.” Tot ze in 1996 de methode van de Amerikaanse dyslecticus Ron Davis ontdekte. Bij dyslectische leerlingen wordt vaak getraind wat ze niet kunnen, bij de methode van Davis wordt gekeken naar wat ze wel kunnen en dat wordt ingezet. “Hij noemt dyslexie een gave.” Mensen die dyslectisch zijn hebben een aantal kwaliteiten, een ervan is dat ze in beelden denken. Maar dat werkt ook tegen ze. Als ze een woord zien, krijgen ze een beeld en zien ze de letters niet meer. “Er staat ‘mus’ in het boekje, maar ze lezen ‘vogeltje’. Technisch lezen is daardoor heel lastig voor ze. Ze gaan lezen wat ze denken dat er staat en dat geeft verwarring”, vertelt Van Leeuwen.
Met de Davismethode wordt gewerkt aan het verminderen van verwarringen. De dyslectici leren zich te focussen. “Als ze zich focussen, verdwijnen ze niet in hun fantasiebeleving en kunnen ze hun aandacht houden bij wat ze aan het doen zijn.” Daarnaast leren ze hoe ze woorden die geen beeld hebben, zelf van beeld kunnen voorzien. Het gaat om 217 woorden.
Vijf hele dagen achtereen werkt Van Leeuwen met een dyslectische leerling. Ze krijgt ze uit het primair en voortgezet onderwijs, maar ze werkt ook met volwassenen. “Er gebeurt heel veel in zo’n week. Niet alleen op het gebied van taal, maar ook met het zelfgevoel.” Aan het begin en aan het eind van de week maakt ze een foto van de leerling. “Op die tweede foto zitten ze te stralen en te lachen. Het is ook een ongelooflijke stap dat ze iets met letters kunnen. Ze doen hun ogen dicht en lezen en alfabet van voor naar achter en andersom. Dat is een heel nieuwe ervaring.”

Geen trucjes
Na de basistraining van vijf dagen is het van belang dat de leerkracht er in de klas een vervolg aan geeft. “Als ze weer op de klassieke manier lessen krijgen, hebben ze het niet makkelijk.” De leerkracht moet attent zijn op verwarringen, zorgen dat er niet te veel afleidende geluiden zijn en ook het licht is van belang. Zelf heeft Van Leeuwen in de ruimte waar ze met de kinderen werkt een daglichtlamp hangen. “Tl-licht dat af en toe flikkert, leidt ontzettend af.” Ook moet de leerkracht weten dat een dyslectisch kind niet gebaat is bij het gebruik van trucjes en ezelsbruggetjes om dingen aan te leren. En let op je woorden, benadrukt ze. “Ik zei bijvoorbeeld een keer tegen een kind ‘sla het woord op in je hoofd’ en ze sloeg zichzelf tegen het hoofd. Beelddenkers kunnen woorden heel letterlijk nemen, dat is verwarrend voor het kind en de leerkracht. Het mooiste is als de leerkracht een vertaalslag kan maken van woorddenken naar beelddenken.” Om ervoor te zorgen dat haar methode van werken een vervolg krijgt in de praktijk, geeft ze cursussen aan leerkrachten.
Voor Eva, die een heel sterke beelddenker is, waren vijf trainingsdagen niet genoeg. Al meer dan twee jaar werkt ze drie keer per week met Van Leeuwen. Voortbordurend op de methode van Davis. Behalve aan taal werken ze ook aan rekenen. Eva gaat met plezier naar Van Leeuwen. “Ik heb een heel mooi rapport thuis liggen. Van Marian gekregen.” Haar ogen stralen.

15 Januari start er een nieuwe cursus voor leerkrachten en remedial teachers. Nadere informatie op www.ciso-web.nl
Marian van Leeuwen is te bereiken via info@ciso-web.nl


Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.