- blad nr 15
- 11-9-2004
- auteur E.. Prins
- Mijn collega
Mijn collega
Coenecoop-college
Waddinxveen
Na een lange omweg is Arco Zwijnenburg (40), docent biologie, weer terug op het Coenecoop-college in Waddinxveen, zijn eigen oude middelbare school èn de school waar zijn ouders gymleraar waren. Nadat hij er zijn vwo-diploma had gehaald, wilde hij in de voetsporen van zijn ouders treden. Arco, die op hoog niveau turnde, begon aan de academie voor lichamelijke opvoeding in Den Haag. Een zwaar motorongeluk maakte een einde aan zijn plan. “Lichamelijk kon ik het niet meer aan.” Na een revalidatieperiode van een jaar startte hij met de studie bewegingswetenschappen. Hij studeerde af, promoveerde en ging voor twee jaar naar Duitsland om wetenschappelijk onderzoek te doen. In Nederland was een baan als onderzoeker niet te vinden. En zo koos Arco opnieuw voor het onderwijs. Aan de universiteit van Leiden liet hij zich in één jaar omscholen tot docent biologie.
Zijn eerste stage liep hij op zijn oude middelbare school en na zijn studie kon hij daar opnieuw terecht. Parttime, als vervanger. Een combinatie van scholen en banen volgt: een paar uur hier, een paar uur daar. “Soms stond ik op drie scholen tegelijk. Dat was behoorlijk zwaar.” Maar Arco wil ervaring opdoen en contacten leggen, in de hoop op een volledige baan. Dat lukt uiteindelijk, drie jaar na zijn afstuderen, oh toeval, op het Coenecoop-college.
Hij is dan ook dik tevreden nu: een vaste, fulltime baan op de school van zijn eerste voorkeur. Maar gezien zijn verleden in al die baantjes vindt hij het wel een prettig idee om een bond achter zich te hebben waar hij met vragen over zijn rechtspositie terecht kan. “Voor het geval dat.”