• blad nr 15
  • 11-9-2004
  • auteur T. Snel 
  • Redactioneel

Als er met het mes op tafel beslissingen moeten worden genomen, is de sfeer verpest 

De parttimer

Parttime werken en toch meegaan met het schoolreisje op je vrije dag. En het paasontbijt wil je ook niet missen, al is het de werkdag van je duopartner. Voor de studiemiddag kom je terug, maar daar wil je dan wel compensatie voor. Je doet het allemaal omdat je je betrokken voelt bij de school en de kinderen. Maar waar ligt de grens? En hoe kan de school het goed regelen?

"Ik heb afgelopen schooljaar een halve dag ingeleverd en maak een halve dag gebruik van de bapo”, vertelt een 55-jarige leerkracht uit het speciaal basisonderwijs. “Maar ik heb evenveel leerlingen, maak evenveel rapportages en doe evenveel huisbezoeken als toen ik fulltime werkte.” Met het bijhouden van haar uren toont ze aan dat ze drie uur per week teveel werkt. “Ik moet heel goed nadenken of ik op mijn 56-ste weer bapo neem.” Ze bespreekt het met haar bestuur en directie, maar heeft niet het gevoel dat ze daar wat mee bereikt. Daarom is ze eind juni in Groningen naar de informatieavond voor parttimers in het basisonderwijs gekomen. Ze is niet de enige die met vragen zit, in totaal zijn er vijftig leerkrachten afgereisd naar het regiokantoor van de AOb.
“Ik heb twee keer per week overleg met mijn duopartner”, vertelt een ander. “Ik doe mee met het schoolreisje, het kerstdiner en het paasontbijt, al werk ik niet op die dagen. En de laatste schooldag wil ik niet missen. Wat mag er eigenlijk van je verlangd worden? En wie is er verantwoordelijk als je ieder een halve baan hebt?”
Het bijwonen van vergaderingen en studiedagen is een hot item voor de parttimers. Want wanneer en hoe wordt dit gecompenseerd als het niet op een werkdag valt? Een leerkracht die in de MR zit, vertelt dat volgens haar directeur de compensatie in het taakbeleid kan worden gevonden. “Moet ik dan een MR-vergadering niet bijwonen als compensatie voor een studiemiddag? Dat kan toch niet. Op papier ben ik dan verlicht, maar in de praktijk werkt het niet.” Op de dagen dat je niet werkt, hoef je niet terug te komen voor vergaderingen. Met scholings- en studiedagen ligt dat wat anders. Als er aan het begin van het jaar een duidelijk scholingsplan ligt, weet je van het begin af aan waar je aan toe bent. Neemt niet weg dat je compensatie krijgt voor het aanwezig zijn op niet-werkdagen. Dat kan in de vorm van geld of in tijd.
Vakbondsconsulent Folkert Veenstra van het regiokantoor in Groningen kent de problemen van de parttimers. Hij hoort ze van AOb-leden als hij aan de telefoon zit om vragen te beantwoorden over rechtspositie, cao en medezeggenschap. “De normjaartaak is de basis, maar dat geeft vaak problemen bij het parttime werken”, zegt Veenstra. De cao primair onderwijs en de Wet op de medezeggenschap bepalen hoe het parttime werken er uitziet. “Die moet je er dan ook altijd op naslaan als er onduidelijkheden zijn.” Voor de parttimers zijn in de cao de hoofdstukken ‘personeelsbeleid’ en ‘functievervullingen’ het belangrijkst. Tijd voor deskundigheidsbevordering is altijd tien procent, ook bij parttimers. Het taakbeleid verschilt nogal eens.

Pleindienst
Een leerkracht die twee dagen werkt is die twee dagen ook ingeroosterd om pleindienst te lopen. Ze vindt dat oneerlijk en wil dat veranderen. Hoe kan ze dat het beste aanpakken?
De leerkrachten die zich tijdens de bijeenkomst in Groningen over deze casus buigen, komen met verschillende suggesties. Als je zwaarder wordt belast dan voor je gevoel terecht is, kun je dat het beste met je werkgever overleggen. Als je het aankaart in het functioneringsgesprek, komt het in ieder geval zwart op wit te staan. Je kunt ook naar de MR gaan, want die moet instemmen met het taakbelastingbeleid. Waarschijnlijk kom je in de problemen met je recht op pauze als je beide dagen pleinwacht bent.
Een leerkracht die twee dagen werkt wordt drie dagen ingepland om mee te gaan op kamp.
“Ga je de derde dag mee, dan moet dat gecompenseerd worden”, zegt Veenstra. Van belang is dat je in overleg blijft met je leidinggevende, menen de aanwezigen. “Als er met het mes op tafel beslissingen moeten worden genomen, is de sfeer verpest.”
De inzet van een parttimer over de dagen van de week is allereerst een zaak van jaarlijks overleg tussen werkgever en werknemer, laat de juridische dienst van de AOb weten. Uiteindelijk beslist de werkgever, na overleg. Bij de beslissing moet de werkgever rekening houden met de jaartaak van de parttimer, de inzetbaarheid en de verplichtingen van de werknemer in de privé-sfeer en bij een andere werkgever. Met een goede jaarplanning en goede afspraken kunnen er nooit problemen ontstaan over de werkzaamheden en de werkdagen van de parttimer, meent de juridische dienst. De werknemer weet van tevoren wanneer er regulier gewerkt moet worden. Werkdagen waarop geen lessen of andere werkzaamheden zijn ingeroosterd, zijn vrije dagen. De werknemer hoeft op een niet-reguliere werkdag alleen terug te komen als er sprake is van incidentele, onvoorziene omstandigheden.

Teamteaching
De stichting Katholiek onderwijs zuid-oost Kempen (Skozok) in Brabant telt 34 scholen voor basisonderwijs en ruim zevenhonderd werknemers. De stichting heeft berekend dat het aantal parttimers flink zal toenemen. “Over een jaar of zes werken we hier met negenhonderd mensen”, zegt Henk Derks, algemeen directeur van Skozok. “Je moet je als organisatie afvragen wat dat betekent, want je wilt toch continuïteit en kwaliteit leveren aan de kinderen.” De personeelsoverzichten laten in de leeftijdsopbouw een piek zien bij de dertigjarigen en bij de 55-plussers. “Onze scholen zijn grijzer dan het landelijk gemiddelde.” Voor deze oudere groep, vaak fulltime werkende mannen, komen jonge vrouwen in de plaats die in deeltijd willen werken, is de verwachting. “En de vrouwelijke dertigjarigen gaan kinderen krijgen en komen daarna in deeltijd terug. We willen als organisatie gericht aandacht geven aan deze verandering.”
“Wat doet er echt toe in het pedagogisch klimaat, vragen wij ons af. Is dat de fulltimer, dan hebben we een probleem.” Een fulltimer kan de continuïteit beter bewaken en is meer betrokken bij de dagelijkse gang van zaken, dat onderkent Derks. Skozok wil met teamteaching gaan werken. Drie of vier leerkrachten worden verantwoordelijk voor veertig kinderen. “Dan is de organisatie flexibeler. En professioneler: er vinden dan continu gesprekken plaats over het onderwijs, het vak.” Derks vindt het onzin dat elke leerkracht alles goed moet kunnen. Met meerdere leerkrachten op een groep kinderen kan degene die goed is in muziek muziekles geven en degene die goed is in taal de taalinstructie. “Met deze vorm van werken kun je heel goed gebruikmaken van de passies en de kwaliteiten die mensen hebben.”
Zowel de interne als de externe communicatie moet goed geregeld zijn als er veel parttimers in de school zijn. “We zijn op weg naar het nieuwe leren, de scholen gaan van introvert naar extrovert en dat vraagt om een andere communicatie met de kinderen en de buitenwacht.” Richting ouders verwacht Derks niet veel problemen. “Toen we bij de invoering van de adv van een naar twee leerkrachten op een groep gingen, kregen we veel kritiek van ouders. Maar het blijkt geen probleem voor de kinderen. Parttimers zijn niet slecht voor de ontwikkeling van de kinderen.”
Volgens Derks moet het parttime werken uit de cultuur worden gehaald van ‘we kunnen het goed met elkaar vinden’. Het moet verankerd worden in een professionele structuur. “Ict wordt een belangrijk middel voor de communicatie. Je zult als school thuis een werkplek moeten faciliteren, iedereen e-mail geven en zorgen dat ze ermee vertrouwd zijn, want de vaardigheid om ermee om te gaan ontbreekt vaak nog. De bereikbaarheid van collega’s wordt vergroot met e-mail. Een parttimer kan de avond voordat ze aan het werk gaat het kinderdagboek lezen. Want ook de verhalen van de kinderen moeten worden overgedragen. En ze moeten kunnen volgen wat het kind in zijn digitale portfolio heeft gestopt.”

Wij-gevoel
Er kan volgens Derks veel efficiënter gewerkt worden in het onderwijs en dat is nog noodzakelijker als je veel deeltijders in je organisatie hebt. “Meer dan 25 mensen in een vergadering levert te weinig op. Er zijn er maar een paar aan het woord.” Hij wil naar overleg in kleinere groepen.
Het financiële aspect van de groei van parttimers moet niet worden onderschat, meent Derks. “Het is duurder voor de organisatie.” Er moeten meer mensen worden geschoold. Er moeten veel meer aktes van benoeming worden onderhouden en veel meer functioneringsgesprekken worden gevoerd. “En je hebt met meer specialistische regelgevingen te maken.”
Derks is er een fervent voorstander van om de regelgeving van de overheid in te perken. “Zoveel uren taakbeleid als je zoveel uren werkt, en dan staan er ook nog cijfers achter de komma… weg ermee! Het is niet goed toepasbaar en er komen zoveel non-discussies uit voort. Ik wil het met de mensen zelf overleggen. Natuurlijk moet je rechten en plichten over en weer opschrijven, dat is belangrijk. Maar niet al die betuttelende regeltjes.”

Tips voor parttimers

Op de dagen dat je niet werkt, hoef je niet terug te komen voor vergaderingen.

Is er aan het begin van het jaar een duidelijk scholingsplan, dan neem je er aan deel en krijg je voor niet-werkdagen compensatie in tijd of geld.

Bij problemen geven de cao primair onderwijs en de Wet op de medezeggenschap duidelijkheid. Zie in de cao vooral de hoofdstukken ‘personeelsbeleid’ en ‘functievervullingen’.

Tijd voor deskundigheidsbevordering is altijd tien procent.

Bij onduidelijkheid over de taakbelasting kun je naar de MR gaan, want die moet instemmen met het taakbelastingbeleid.

De inzet van een parttimer over de dagen van de week gebeurt na overleg tussen werkgever en werknemer. De werkgever beslist.

Blijf in overleg met je leidinggevende. Als er met het mes op tafel beslissingen moeten worden genomen, is de sfeer verpest.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.