- blad nr 15
- 11-9-2004
- auteur E.. Prins
- Het zit in de familie
Baukje & Jelle
Baukje: “Daar heeft je vader zeker iets mee te maken, zeggen mensen vaak als ze het horen. Maar hij heeft er helemaal geen invloed op gehad. Deze opleiding was echt mijn eigen keus.”
Jelle: “Ik was stomverbaasd toen ze het me vertelde. Dat had ik helemaal niet achter haar gezocht.”
Baukje: “Hiervoor heb ik een toeristische mbo-opleiding gedaan. Ik had daarna nog helemaal geen zin om te werken. Ik was pas 20. Toen ben ik gaan denken: wat wil ik verder? Voor de klas staan is diep van binnen altijd wel een wens van mij geweest: met mensen werken, dingen uitleggen. En toen kwam ik uit bij de lerarenopleiding aardrijkskunde.”
Jelle: “Natuurlijk vond ik het hartstikke leuk. In het begin moest ik me vooral inhouden om niet met een lawine van adviezen en ideeën te komen. Ik heb heel bewust op de rem getrapt omdat ze er zelf achter moet komen.”
Baukje: “Je hebt gelijk gezegd: Het is niet zo dat je nu van mijn kennis en mijn boekenkast gaat profiteren. Je moet het wel zelf doen. Maar als ik wist dat mijn vader literatuur over een bepaald onderwerp had en ik vroeg: Pap, heb jij daar niet nog een boek over? Dan ging hij echt de hele middag voor me zoeken.”
Jelle: “Het bloed kruipt toch waar het niet kan gaan. Maar ze moet er wel zelf om vragen. En ja, gaandeweg gingen we samen flink aan de slag. Haar stageschool gebruikt dezelfde methode. Dan zitten we soms uren te brainstormen. Hoe doe jij dit? Hoe zou jij dat aanpakken?”
Baukje: “Elke zondagmiddag ga ik naar mijn vader en dan bereiden we samen onze lessen voor.”
Jelle: “Ze brengt mij ook op nieuwe ideeën.”
Baukje: “Ja, het is nu wel een wisselwerking tussen de ouwe rot en het groentje. Maar papa blijft toch vooral mijn adviseur en mijn voorbeeld. Ik kijk echt tegen hem op, om zijn vakkennis, maar vooral om zijn verhalen. Zo vertellen, dat wil ik ook leren.”
Jelle: “Ik ben een echte verteldocent. Maar dat moet je ontwikkelen. Dat deed ik de eerste jaren ook niet.”
Baukje: “Hij heeft echt een heel goede reputatie. Daarom weet ik niet of ik wel een baan op zijn school zou willen. Ik zou het aan één kant heel leuk vinden, maar ik zou ook het gevoel hebben dat ik tegen hem op moet boksen.”
Jelle: “Je moet altijd je plaatsje veroveren.”
Baukje: “Stel, er komt een vacature. Ik zou er wel goed over nadenken, want ik wil ook zeker terug naar deze regio.”
Jelle: “Ik zou heel trots zijn, maar dat zou ik alleen buiten school laten merken. Op school moet je het zelf verdienen. Dan zouden we gewoon collega’s zijn.”