• blad nr 11
  • 2-6-2001
  • auteur M. Vermeulen 
  • Column

 

Dwaas of domkop

Ik mag graag een mopje vertellen. Ik mag ze ook graag horen, dus als u leuke moppen heeft, ik houd me aanbevolen. Ik houd niet van racistische moppen, maar wel erg van politieke moppen. Beetje schuin mag ook op z¹n tijd. Ik ben eigenlijk ook wel een soort verzamelaar, ik heb een slecht geheugen, maar voor moppen is er op een of andere manier altijd wel plaats.
Ik vrees dat ik een beetje atypisch ben. Uit (serieus) wetenschappelijk onderzoek blijkt dat het vertellen van moppen en het uithalen van practical jokes eigenlijk meer iets is voor mannen (dat klopt dus), vooral de jongere (is een beetje voorbij) met een lagere opleiding (dat klopt dus niet). Godzijdank dat al dat studeren niet ten koste van mijn gevoel voor humor gegaan is, ik zou spontaan een drop-out geworden zijn.
Ondanks al die lichtvoetigheid maak ik me een beetje zorgen over de ontwikkeling van het gevoel voor humor in het onderwijs: daar wordt niet genoeg gelachen. De sector staat publiek niet bekend vanwege zijn vrolijkheid en gevoel voor humor. Van vroeger herinner ik me de feestjes van jarige collega-leraren, op een begrafenis had je meer plezier. De vergrijzing en de feminisering van de onderwijssector stemmen weinig hoopvol in dit opzicht en het feit dat er in het onderwijs vrijwel uitsluitend hbo¹ers en academen werken doet de rest.
Humor kan een belangrijke rol spelen in een school. Afgezien van het feit dat lachen gezond is, schept het ook een band. Er is fantastisch Engels onderzoek gedaan naar humor in docentenkamers door Peter Woods. Je ziet die kamers voor je: beetje rokerig, kopje thee, armoedig meubilair en dan van die prachtige onderkoelde humor. Met z¹n allen lachen om wat die rare bureaucraten nu weer bedacht hebben. Het is een heerlijke manier om solidariteit te bevorderen en met de groeiende bureaucratieën in onze mammoetinstellingen ligt de stof voor het oprapen. Het draagt bij aan het ontmaskeren en relativeren van hoogdravende managementretoriek of onderwijskundige vergezichten. Je kunt samen een soort carnavalsoptocht bouwen met op iedere wagen een andere beleidsnota.
Grappen maken helpt ook de ingewikkelde buitenwereld overzichtelijker te maken: we scheren hele groepen over een kam en we snappen allemaal over wie we het hebben. Dat kan natuurlijk doorschieten en tot vooroordelen en zondebokken leiden, maar een beetje stereotyperen is menselijk. Onvoorspelbare sociale situaties worden daardoor iets meer voorspelbaar en dus hanteerbaar.
Via een milde sneer kun je ook eens wat reacties krijgen op je eigen gedrag, dat is best te hebben en zet je aan het denken. In het onderwijs is het geven van feedback op elkaars professionele handelen niet sterk ontwikkeld. Wat dacht u van de volgende oneliner:Ordeproblemen zijn net als geslachtsziekten: iedereen weet dat ze bestaan, maar niemand heeft er last van.¹ Als we op een wat luchtige manier elkaars gedrag zouden kunnen becommentariëren, is dat al een hele stap vooruit.
Voorbij de somberheid ligt de spot als een overlevingsstrategie. Het valt soms helemaal niet mee om in een te oud gebouw, met te veel uren en te weinig steun overeind te blijven. Er is dan die prachtige Duitse uitspraak ŒEin Lachen weil es zum weinen nicht mehr reicht¹, die werkers in het onderwijs zich ter harte kunnen nemen.
Onderwijs is een bloedserieuze zaak, maar het helpt erg als we ons zelf af en toe eens wat minder serieus nemen. ŒAan het vele lachen herkent men de dwaas, aan de nooit verstoorde ernst de domkop.¹ Het lijkt me dan ook heerlijk om eens langs een school te fietsen waar een daverend lachsalvo uit de ramen van de lerarenkamer dondert. Daar kan geen imagocampagne tegenop!

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.