- blad nr 21
- 29-11-2003
- auteur . Overige
- Vakwerk
Ouderen praten met leerlingen over veiligheid
Jongeren leven in hun eigen wereldje'
De tweede klas van het Melanchtoncollege in Rotterdam is onrustig. Eigenlijk waren de leerlingen nu vrij, maar ze moeten nog een uurtje blijven. Mevrouw Meyer en mevrouw Oosterling zijn vandaag naar de scholengemeenschap gekomen om te praten over de gevoelens van onveiligheid onder ouderen. Ze vertellen over de verschillen tussen vroeger en nu. Ouderen voelen zich onveilig, legt mevrouw Meyer uit. "Als ik ergens een groepje jongeren zie staan, loop ik een stukje om." Een meisje met zwart krullend haar is niet onder de indruk van het voorbeeld: "Daar durf ik ook niet langs te lopen." Tijdens de les wordt duidelijk dat er van weerskanten een hoop onbegrip bestaat. Ouderen klagen over gebrek aan respect en jongeren voelen zich onbegrepen.
Om de misverstanden tussen de twee leeftijdsgroepen op te helderen, startte vorig jaar het project Vertel mij wat!. Het idee kwam van het programmabureau Veilig van de gemeente Rotterdam. Het bureau kende al het project Verhalenderwijs, verhalen van vroeger en ver, waarin ouderen vertelden over hun leven en cultuur. Het programmabureau was enthousiast over de verhalen en vroeg Pluspunt een project te ontwikkelen voor jongeren over veiligheid. Dat werd Vertel mij wat!. Vertellers tussen 55 en 85 jaar oud gaan met leerlingen van de onderbouw vmbo in gesprek. Ze praten over hun ervaringen met jongeren en waarom ze zich onveilig voelen. Volgens Pluspunt is dat hard nodig, want de twee generaties begrijpen elkaar niet en de kloof dreigt alleen maar groter te worden. "Jongeren leven in hun eigen wereldje", legt projectmedewerkster Hilverda uit. "Ze praten nauwelijks met oudere mensen. De kracht van ouderen is hun levenservaring. Zij hebben zoveel meegemaakt en kunnen daar goed over vertellen."
De dertien vertellers zijn van Nederlandse en Surinaamse afkomst. Pluspunt wil ook graag Turkse en Marokkaanse vertellers bij het project betrekken, maar dat is nog niet gelukt. "Het is erg jammer dat we geen ouderen met een islamitische achtergrond hebben gevonden", vertelt Hilverda. "Ze hebben wel meegewerkt bij de opzet van het project, maar de taalbarrière is te groot om een verhaal goed te vertellen en met leerlingen te communiceren."
Stelen
Het project bestaat uit drie onderdelen. Eerst bereidt de klas zich voor op de komst van de ouderen door het lezen van een lesbrief. Daarna volgt het gesprek met de vertellers. Een evaluatie rondt het project af.
Op het Melanchtoncollege is de klas enthousiast. Er wordt gepraat over 'buurvrouw Emma', die zo verbaasd was dat twee meisjes haar achterna kwamen toen ze haar geld in de pinautomaat had laten zitten. Mevrouw Oosterling vraagt wat de klas zou doen en meteen barst er een heftige discussie los. Iedereen is het erover eens: ze zouden de dame het geld gaan brengen, maar één leerling protesteert. "Ik zou het zeker houden", zegt de jongen hardop. De klas reageert heftig. "Dan steel je gewoon." Daar had hij nog niet over nagedacht. "Misschien dat ik het toch maar teruggeef", besluit hij. Mevrouw Oosterling is tevreden. "Het is prettig om te zien dat jongeren elkaar aanspreken op hun gedrag."
Agressieve ouderen
Dat dit project een radicale omslag tussen jongeren en ouderen zal veroorzaken, is volgens Hilverda een weinig realistische gedachte. "Er is meer nodig om het gedrag van leerlingen te veranderen, maar wat wij doen is bewustzijn creëren. De mensen leven tegenwoordig zo individualistisch, dat het nodig is om via dit project met elkaar te praten." Dat lijkt goed te lukken, want zowel leerlingen als vertellers geven positieve reacties. Hilverda: "Vaak zeggen leerlingen tijdens de evaluatie dat ze helemaal niet wisten dat ouderen zich onveilig voelen. Als ze dat weten, snappen ze beter wat ouderen voelen."
Tijdens de lessen wordt duidelijk dat onbegrip geen eenrichtingsverkeer is. Jongeren voelen zich ook niet begrepen door ouderen. "Vaak horen we van vertellers tijdens de evaluatie dat ze helemaal niet wisten dat jongeren 's avonds ook bang zijn op straat." Dat is niet het enige. De tweedeklassers vinden ouderen soms agressief reageren op jongeren, terwijl dat niet nodig is. "Ze denken vaak dat je kwaad wilt doen, terwijl je probeert te helpen", zegt een meisje verontwaardigd. Hilverda begrijpt de reactie van de leerlingen wel: "Laatst bleek uit een onderzoek dat eenderde van de ouderen nooit met jongeren praat. Daarom hebben ze de meest vreselijke vooroordelen. Onbekend maakt onbemind."
Scholen tonen veel belangstelling voor het project. Het aantal aanvragen is hoger dan verwacht. Hilverda: "We hadden verwacht dat er dit jaar twintig klassen mee zouden doen, maar het ziet er naar uit dat we in februari al aan 27 klassen zitten. Daar zijn we heel blij mee."