- blad nr 18
- 18-10-2003
- auteur T. Snel
- Redactioneel
Minder geld voor ambulante begeleiding in mbo
Gehandicapte leerling de dupe
De medewerkers van het Servicepunt van het roc van Amsterdam hebben aan de bel getrokken. "Mensen in het onderwijs hebben nog niet door wat de gevolgen zijn, maar die kunnen desastreus zijn. Voor de leerling en voor de groep", zegt trajectadviseur Els Hofman. "Een gehandicapte leerling die zonder extra begeleiding in de klas wordt gezet, gaat de leerkracht extra tijd kosten. Dat zullen ze nog gaan merken."
Tot nu toe krijgt een gehandicapte leerling die naar het middelbaar beroepsonderwijs gaat, van zijn vorige school voor voortgezet speciaal onderwijs (vso) de ambulante begeleiding mee. De leerling heeft daar tot zijn twintigste jaar recht op. De extra begeleiding is er niet alleen voor de leerling, maar ook voor de leerkracht. Die krijgt adviezen hoe hij in het onderwijsproces het beste met de leerling om kan gaan. Als tijdens de mbo-opleiding een leerling gehandicapt blijkt te zijn of gehandicapt raakt, wordt deze door het roc naar een vso-school verwezen voor nader onderzoek. Dan wordt ook vastgesteld hoeveel ambulante begeleiding deze leerling krijgt in het mbo. "Deze groep is het meest gedupeerd", zegt Hofman. "Zij hebben vanaf 1 augustus 2003 nergens meer recht op."
Het gaat om een behoorlijk aantal leerlingen en om een flink bedrag geld. Het roc van Amsterdam heeft vorig jaar 22 leerlingen verwezen naar Heliomare in Wijk aan Zee. Die zijn daar door het expertisecentrum onderzocht en zijn allemaal met ambulante begeleiding teruggekomen in de mbo-opleiding. Per leerling is er per jaar vierduizend euro voor ambulante begeleiding beschikbaar. Dat geldt ook voor de leerlingen die vanuit de vso-school van Heliomare een mbo-opleiding gaan volgen. Afgelopen jaar zijn er twaalf naar het roc van Amsterdam gegaan. Alleen al voor de 34 mbo-leerlingen die vanuit deze school extra begeleiding kregen, werd 136.000 euro uitgetrokken.
Het roc van Amsterdam heeft daarnaast van de AG Bell, een vso-school voor kinderen met spraak-, taal- en gehoorstoornissen, het afgelopen jaar 25 tot dertig leerlingen gekregen die uitstroomden met ambulante begeleiding. Zij hebben tot hun twintigste jaar recht op anderhalf uur per persoon per week. Vanaf 1 augustus 2003 wordt de extra begeleiding nog maar voor een jaar vergoed. En dan moet de leerling wel echt hinder ondervinden van zijn handicap; de eisen om voor extra begeleiding in aanmerking te komen zijn aangescherpt. Hofman: "Voor niveau 1 en 2-leerlingen is een jaar veelal te weinig. Vaak hebben de leerlingen ook tijdens hun stage nog extra begeleiding nodig, maar dat is nu helemaal niet meer mogelijk." Vorig jaar zijn vanuit het roc ook nog leerlingen aangemeld bij AG Bell en die aanvragen voor extra begeleiding zijn gehonoreerd. Sinds 1 augustus kan dit niet meer.
"Het is voor leerlingen een groot gemis omdat ze alleen zullen staan in hun opleiding", zegt trajectadviseur Paula Ronday. "En de docenten zullen het zonder de tips van de begeleider moeten stellen."
Het gebeurt nogal eens dat pas tijdens het volgen van een beroepsopleiding duidelijk wordt dat de leerling gehandicapt is. Knieklachten bijvoorbeeld vormen geen probleem in het voortgezet onderwijs, omdat de leerling dan de hele dag zit. "Maar in de beroepspraktijkvorming krijg je serieus te maken met die beperking", zegt Ronday. "Wanneer die leerling een beroepsopleiding met staand werk wil volgen, krijgt hij last van zijn handicap." Zo'n leerling ging dan naar Heliomare voor een beroepskeuzeonderzoek en kreeg dan het advies om niet de koksopleiding te volgen omdat hij daar hinder ondervindt van zijn handicap. Heliomare kon vervolgens de leerling ondersteunen bij het maken van een nieuwe beroepskeuze.
Hofman en Ronday vrezen dat ook zij flink hinder ondervinden van het wegvallen van de ambulante begeleiding. "Wij zijn makelaar tussen opleiding en expertisecentrum. Het expertisecentrum is weggevallen. Zij zijn voor ons de experts waar wij onze deskundigheid vandaan halen."
Rugzakje
Dat de financiering van de extra begeleiding in het mbo is weggevallen, heeft te maken met de invoering van het 'rugzakje', de leerlinggebonden financiering voor gehandicapten in het regulier onderwijs. "Het rugzakje is uitsluitend voor primair en voortgezet onderwijs", zegt Theo van Munnen, voorzitter van de vereniging van scholen en regionale expertisecentra voor kinderen met auditieve en communicatieve stoornissen (cluster 2). "Vroeger was die beperking er niet en konden de mbo'ers van dezelfde regeling gebruik maken als de leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs." Daarnaast kunnen geen reïntegratiemiddelen meer worden ingezet voor gehandicapten die geen arbeidsverleden hebben (wet Rea). Vrijwel alle gehandicapte leerlingen in het mbo hebben nog niet gewerkt.
"Het rugzakje is gewoon niet doorgetrokken naar het mbo", is de uitleg van de voorlichter van de Bve-raad. Paula Ronday meent dat het ministerie van Onderwijs gewoon vergeten is het voor het mbo te regelen en er is dan ook geen geld voor gereserveerd in de begroting. "Wij gingen er vanuit dat het geregeld zou worden in het rugzakje, dat lag het meest voor de hand. Een leerling met een rugzakje die uit het reguliere onderwijs naar het mbo komt, heeft nu ook geen recht meer op begeleiding in het mbo. Dat is toch wonderlijk. Door de invoering van het rugzakje worden steeds meer gehandicapten gestimuleerd om naar het regulier onderwijs te gaan, maar ze kunnen niet door naar het mbo."
Rob de Koning van de AOb zegt dat bij de discussies over de leerlinggebonden financiering de sector beroepsonderwijs en volwasseneneducatie (bve) wel aan de orde is geweest. "Aangezien er veel problemen waren om het goed in te voeren is toen uit financiële overwegingen gekozen om de bve niet mee te laten doen. We hadden in ons achterhoofd dat de wet Gelijke behandeling spoedig door de Kamer zou komen en dat daarin het nodige geld zat om ook de bve-leerlingen mee te laten doen. De wet is er door, maar er is geen geld meegekomen."
Fonds
De Bve-raad, de Chronisch zieken en gehandicaptenraad en de Federatie van ouderverenigingen willen dat het rugzakje ook in het mbo wordt ingevoerd. "En we hebben een voorstel gemaakt om een fonds te vormen om deze extra voorzieningen te betalen via een soort leerlinggebonden financiering", laat Leo de Wit van de Bve-raad weten. "Op dit voorstel dat we in januari al hebben gedaan is nog geen enkele reactie vanuit het kabinet gekomen."
Trajectadviseur Els Hofman is nijdig. "Nijs zegt dat de roc's hun eigen verantwoordelijkheid moeten nemen. En dat we er geld voor vrij moeten maken uit de lumpsum. Maar dat doen we al!" Op mbo-niveau 1 zijn speciale groepen voor leerlingen die vanuit het speciaal onderwijs komen. Daar gaat veel geld naar toe.
Het roc van Amsterdam heeft op jaarbasis een budget van 45.000 euro voor gehandicapte leerlingen. Ronday: "Dat is absoluut niet toereikend. En naarmate we meer gehandicapte leerlingen aannemen wordt het budget voor extra begeleiding per persoon lager." Daarnaast is de wet Gelijke behandeling aangescherpt voor chronisch zieken en gehandicapten; iedereen heeft recht op deelname op beroepsonderwijs. Ronday: "Gehandicapte leerlingen mogen door ons niet geweigerd worden." En de roc's willen helemaal geen gehandicapten weigeren, want ze hebben al jaren de gewoonte om ze toe te laten.
Voor dit schooljaar is de financiering van de gehandicapte leerlingen in het mbo nog goed geregeld. Alle aanvragen voor ambulante begeleiding die voor 1 juni zijn ingediend zijn nog gehonoreerd. De verwachting is dat gehandicapte leerlingen voor volgend schooljaar een beroep zullen gaan doen op de wet Gelijke behandeling voor chronisch zieken en gehandicapten die 1 december ingaat. Ronday: "Het is wrang te constateren dat er wordt gekort op de extra begeleiding die gelijke kansen mogelijk maakt."
Potje
"Het geld voor de gehandicapte leerlingen in het mbo zit versleuteld in de lumpsum", zegt de voorlichter van het ministerie van Onderwijs. "En het budget voor deze groep gaat omhoog, dat is al gepland, maar het is inderdaad niet voldoende om te compenseren wat er wegvalt." Maar waarom is er voor deze groep nou geen apart potje? "Een roc krijgt één bedrag. Dat is ook voor huisvesting, allochtone leerlingen en extra begeleiding van gehandicapten. Het is een kwestie van prioriteiten stellen. Heeft een school veel gehandicapten dan zal daar meer geld naar toe gaan. Daar waar een knelpunt is, zet de school extra geld in." Het roc van Amsterdam kampt met veel gehandicapten, veel zieken en veel allochtonen.
Leo de Wit van de Bve-Raad: "De gevolgen van de jeugdwerkloosheid moeten we ook al binnen het eigen budget opvangen. Het aantal deelnemers groeit en de begeleidingsbehoefte van risicogroepen neemt toe. De bve-instellingen zijn hierdoor gedwongen keuzes te maken, terwijl de instellingen de maatschappelijke taak hebben iedereen die dat wil beroepsonderwijs aan te bieden."