• blad nr 11
  • 31-5-2003
  • auteur J. van Aken 
  • de Vereniging

 

De Vereniging: directiegroep primair onderwijs

De AOb vertegenwoordigt zo’n 73.000 werknemers in het onderwijs. Leden met ieder een eigen achtergrond en een eigen belang. Daarom zijn er binnen de vereniging afdelingen, groepen en sectoren. Wie zitten daarin en wat doen zij voor de leden? Dit keer de directiegroep primair onderwijs.

Adviseren en informeren ziet de directiegroep primair onderwijs als haar belangrijkste taak. Zo informeert de groep haar leden en komt op voor hun belangen. Daarnaast adviseert ze zowel de bond als ministerie over items als Weer samen naar school en de Wet onderwijstoezicht.

Zo’n tweeduizend bovenschoolse directeuren, (adjunct-)directeuren en locatiedirecteuren staan inmiddels geregistreerd als lid van de directiegroep primair onderwijs (DGPO). “Op congressen valt vaak op dat leidinggevenden weliswaar AOb-lid zijn, maar geen lid van de directiegroep. Ik hoop dat veel mensen zich nog zullen aanmelden”, zegt voorzitter Kees Mos.
De vraag is waarom leidinggevenden juist lid zouden worden van de AOb en niet van een organisatie specifiek voor schoolleiders. “De AOb is een grote club en kan daardoor een vuist maken naar bijvoorbeeld de politiek”, vindt voorzitter Mos. Secretaris/penningmeester Sijbe de Jong denkt dat je vanuit een brede bond zaken kunt regelen voor alle leden, maar ook speciaal voor leidinggevenden. Daarbij komt dat ook een directeur nog steeds een werknemer is, die via de AOb zijn recht kan halen bij zijn werkgever. “En als een directeur een probleem heeft met een leerkracht dan kan hij ondersteuning krijgen via de werkgeversorganisatie”, licht hij verder toe.
De DGPO heeft een tijdlang het probleem gehad dat zij onzichtbaar was binnen de bond. “We waren vooral organisatorisch bezig. Nu richten we ons meer op beleid en informeren de leden daarover”, vertelt De Jong. Om de leden te bereiken is onder andere een e-mailnetwerk opgezet, geeft de groep een directiebrief uit en beheert ze de eigen plek op de AOb-site.
Dankzij het e-mailnetwerk ontdekte de groep bijvoorbeeld dat veel leden problemen hadden met de huisvesting van de school. Het geld daarvoor verdween vaak in de algemene pot van de gemeenten. De Jong vertelt dat het uiteindelijke resultaat was dat de Vereniging van Nederlandse gemeenten haar leden berichtte dat het geld ingezet moet worden ten behoeve van onderwijs.
Voorzitter Mos vult aan: “Onze kracht als groep is dat we met de poten in de bagger staan. Onze praktijkervaring brengen we naar voren binnen de bond en in verschillende landelijke stuurgroepen.” Zo gaf de groep advies over de Wet onderwijstoezicht. “We hebben met de inspectie meegedacht en zo meegeholpen aan de ontwikkeling van die wet”, legt Mos uit.
Ook is de groep vertegenwoordigd in Q*Primair, een project om basisscholen een kwaliteitszorgsysteem te helpen ontwikkelen. Daarmee wordt het onderwijzen gecontroleerd, maar ook het personeelsbeleid. Mos zit namens de AOb in de stuurgroep ‘Weer samen naar school’. De groep heeft meegewerkt aan een oplossing voor de wachtlijsten speciaal basisonderwijs.
Beiden zijn het erover eens een prachtberoep te hebben, al is het een lastige functie. “De taak van een directeur verandert hard, er komt veel meer op het bordje van de directeur te liggen. Soms zijn we beleidsvoorbereiders, -vormers en –uitvoerders, dat is lastig”, verduidelijkt Mos.

Meer informatie via www.aob.nl (doorklikken via ‘de vereniging’ dan ‘groepen’) of via DGPOAOB@hotmail.com

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.