- blad nr 8
- 19-4-2003
- auteur E.. Prins
- Mijn baan
Mijn baan
Als 'timmerman in hart en nieren' werkte Bruinsma eerst jaren in de bouw. "Zwaar werk, vooral 's winters in de kou." Zestien jaar geleden maakte hij de overstap naar het onderwijs en hij zou niet anders meer willen. "Ik vind de werksfeer en de collega's heel leuk en ook het werken met de jeugd. Daar blijf je jong bij."
Hij begon als conciërge op de Prof. dr. P.H. Kohnstammschool in Assen. Die fuseerde een aantal jaren later tot het Threantcollege en na nog een aantal fusierondes ontstond zeven jaar terug het Drenthecollege, een roc met zo'n vijftienduizend studenten en duizend medewerkers. Bruinsma vindt die groei 'hartstikke mooi'. "Ik vind het heerlijk om op al die verschillende plekken te werken."
Wat hem alleen stoort, is dat het opb, het ondersteunend beheerspersoneel, een beetje een 'ondergeschoven kindje' is. Dat merkt hij vooral aan de lage salariëring, maar ook aan de geringe aandacht in alle onderwijsplannen. Als vertegenwoordiger van het opb laat Bruinsma daarom zijn stem horen in de medezeggenschapsraad. "Helemaal te gek", vindt hij dit belangenbehartigende werk.
Voor zijn MR-werk werd Bruinsma opnieuw lid van de AOb, de bond die hij eerder verliet vanwege de hoge contributie in verhouding tot de beperkte aandacht voor het opb. Die klacht heeft hij nog steeds. "Maar", zegt hij, "ik haal er voor mijn MR-lidmaatschap veel nuttige informatie uit."