• blad nr 4
  • 22-2-2003
  • auteur R. Sikkes 
  • Commentaar

 

Wapengekletter

'Team onderwijs op maat' is een van de paradepaardjes van de hedendaagse onderwijsvernieuwing. Het project is een soort functiedifferentiatie-laboratorium, waarbinnen allerlei nieuwe onderwijsbanen worden uitgeprobeerd en scholen een poging doen om onderwijs anders te organiseren, zodat het voor alle betrokkenen aantrekkelijker wordt. Het ministerie ventte deze voorbeeldprojecten op de NOT in hun stand uit in kleurige mapjes. Nieuwe functies als onderwijsassistenten en onderwijsondersteuners moeten het werk van leraren verlichten. Een mooi streven. Want leraren kunnen wel wat hulp gebruiken, zodat zij zich volledig op het echte lesgeven kunnen storten.
In Almere gaan ze zelfs nog eens stapje verder. De lerarenondersteuner wordt daar als nieuwe functie ingevoerd. "Lerarentekort leidt tot creatieve oplossingen", juicht het persbericht. Van de nood is ene deugd gemaakt, door de nieuwe lerarenondersteuner in te voeren. Mooi denk je dan, totdat je Uitleg leest. Met een column over de realiteit in Almere.
Op basisschool De Egelantier, zo schrijft Alfred Jeths, komen leraren vertwijfeld vragen hoe het nu zit met idealen en praktijk. Assistenten werken er in een vaste bouw. "Althans dat is de bedoeling", merkt Jeths op over de kloof tussen droom en daad. "In de praktijk draaien onderwijsassistenten regelmatig één of meer dagen een vaste groep." Waarop een hele opsomming volgt. Esther staat structureel twee dagen voor ene kleutergroep, Nelly één dag voor groep acht. Bij ziekte vallen assistenten steevast in. Kan dat wel? "Eigenlijk niet", verzucht Jeths. "Maar het is helaas niet anders."
En de komst van een lerarenondersteuner zal die realiteit ook niet veranderen. Functiedifferentiatie zal het lerarentekort niet kunnen oplossen. De bedoeling is natuurlijk om het werk van leraren te verlichten, maar vooralsnog lijkt in de praktijk functiedifferentiatie alleen maar te leiden tot werkdrukvermeerdering. Leraren komen verder van de klas af te staan, sturen assistenten en ondersteuners aan en krijgen de verantwoordelijkheid over méér leerlingen. De wereld op zijn kop.
In de Verenigde Staten is een andere koers ingeslagen. De schaalverkleining - die daar in de steden zowel in het basis- als in het voortgezet onderwijs plaatsvindt - leidt tot kleinere klassen en minder functies in de school. Het bewakingspersoneel kan naar huis, er is geen laag middenmanagement nodig dat vergadert en afstemt, veel administratieve taken verhuizen naar het schoolbestuur. Wat overblijft is een groter team van docenten dat meer tijd heeft om aan de leerlingen zelf en aan de eigen professionalisering te besteden. Verschillen zijn er natuurlijk ook: in de VS is het onderwijsaanbod regionaal georganiseerd in schoolboards die afstemming tussen de verschillende kleine scholen mogelijk maakt en de kwaliteit bewaakt.
Een bijkomend voordeel is bovendien dat het team zelf meer grip op de vormgeving van het onderwijs krijgt. En ook daar valt wat van te leren. Op de bijeenkomsten over het vmbo en het studiehuis die de AOb de afgelopen weken organiseerde, bleek vooral dat leraren en scholen zelf meer greep willen hebben op de vormgeving van het onderwijs op hun school en de aanpassing van de aanpassing van de aanpassing meer dan beu zijn. Geef het onderwijs aan ons terug is eigenlijk de boodschap, in plaats van alles tot aan de laatste komma van boven te besluiten. Behalve wapengekletter komt er ook nog wel eens een aardig idee van de overkant van de oceaan.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.