• blad nr 4
  • 22-2-2003
  • auteur . Overige 
  • Redactioneel

 

Internet maakt knip- en plakplagiaat simpel

'Wie heeft er Engelse boekverslagen voor mij, ik heb ze zo snel mogelijk nodig!!!!!!' Was getekend: een wanhopige vijf-vwo'er op de forumpagina van www.scholieren.com. Veel middelbare scholieren halen hun boekverslagen, werkstukken en spreekbeurten tegenwoordig van het wereldwijde web. Een paar pagina's doorzoeken, beetje knippen en plakken en het hele handeltje kan naar de docent. Minimale arbeid, met in de regel een maximale beloning.

Vroeger was er in de gangen van scholen een levendige ruilhandel onder scholieren. Wie op het laatste moment nog een boekverslag nodig had om zijn lijst compleet te maken, ging gewoon naar een klasgenoot en 'leende' er eentje die nog niet in zijn of haar map zat. Daarnaast had je de uittrekselboeken waar je gretig uit kon overpennen. Met internet is er een nieuwe dimensie ontstaan in het 'kopiëren van kennis'. Voor scholieren zijn er uitgebreide databases te vinden waar het gezochte boekverslag, maar ook werkstuk, scriptie of huiswerk, kant-en-klaar worden aangeboden.
In Amerika is onderzoek gedaan naar het gebruik van internet door middelbare scholieren. Onderzoeker Donald McCabe van de Duke University in North Carolina interviewde 500 scholieren op vijf highschools in New Jersey. Zijn conclusie was dat minstens de helft van hen meedoet in, zoals hij het noemt, cut-and-paste plagiarism. De geïnterviewde leerlingen gaven als reden dat het ze wel erg makkelijk gemaakt werd. De docenten hadden vaak toch geen verstand van internet. McCabe concludeerde daarnaast dat scholieren zelfs meer gebruik maakten van de kopieerfunctie van internet dan studenten (bron: USA Today).
"Het gebeurt vaker dan vroeger", constateert Bernt Feis, docent geschiedenis van het Leidsche Rijncollege in Utrecht. "Scholieren proberen namelijk altijd om op een makkelijke manier aan informatie te komen. En hoe vaker ze gebruik moeten maken van internet voor opdrachten, hoe vaker het voorkomt dat ze iets kopiëren." Er is volgens hem wel iets aan te doen. "Je kunt, als iets wat ingeleverd wordt niet betrouwbaar overkomt, een zoekprogramma als Google gebruiken. Je hebt de letterlijk gekopieerde werkstukken zo te pakken als je zoekt op woorden of zinnen uit het ingeleverde werk." Feis, met dertig jaar ervaring in het onderwijs, besteedt in de klas ook aandacht aan het verkeerde gebruik van internet, door de leerlingen erop te wijzen dat ze fraude plegen en bijvoorbeeld een schoolonderzoek verspelen. "Met het knippen en plakken doen ze geen kennis op, ze gebruiken de kennis van anderen."
Een jongere collega van Feis is Coen Witberg. De wiskundedocent aan het Leidsche Rijncollege geeft pas een jaar les in de onderbouw en heeft nog niet op een negatieve manier kennis gemaakt met internetplagiaat. "Als ze bij een vak als wiskunde de rauwe informatie, zoals cijfertjes, van internet halen en het verwerken in grafieken of formules heb ik er geen probleem mee", zegt hij. "Maar als ze gewoon informatie overschrijven en ik kom erachter, dan is het natuurlijk een onvoldoende. Ze moeten er wel iets van leren."

Zwaar gestraft
Docente Duits en informatica aan het Barlaeusgymnasium in Amsterdam, Alice van Raam, heeft ook geen ervaring met het letterlijk overgeschreven internetwerk. "Ik geef voor mijn vak geen boekverslagen op, maar de leerlingen krijgen altijd gerichte vragen over de gelezen boeken", legt ze uit. Van Raam, drie jaar werkzaam in het onderwijs, vindt dat internet niet meer weg te denken is als hulpmiddel in het onderwijs. "Dus als leerlingen op deze manier informatie zoeken, is dat niet erg. Maar elke vorm van fraude wordt hier op het Barlaeus, als het tenminste aangetoond kan worden, zwaar gestraft."
Op internet is ook een aantal sites waar de antwoorden op vragen uit de lesboeken zijn te vinden. "Als deze antwoorden klakkeloos zijn gekopieerd uit de docentenhandleidingen, is er natuurlijk sprake van schending van het auteursrecht", zegt manager internetdiensten van uitgeverij Malmberg, Josefien van Galen. "Maar zolang de oplossingen in de woorden van de scholieren staan geschreven, is er niks aan te doen." Malmberg maakt af en toe wel mee dat het auteursrecht wordt geschonden. "Het gebeurt niet in grote mate, studieboeken zijn wat dat betreft ook niet zo populair", zegt ze.
Volgens onderwijskundig socioloog Ger Tillekens van de rijksuniversiteit Groningen kunnen de nodige vragen gesteld worden rond het 'leereffect' van de internetverkenningen. "Internet is vooralsnog geen echte kennisbron, maar een onmetelijke hoeveelheid al dan niet kloppende informatie. Een werkstuk bij elkaar harken is dus niet zo moeilijk, zo praten leerlingen er ook over. En dat harken gebeurde vroeger natuurlijk uit uittrekselboeken en encyclopedieën. Het vinden van relevante informatie en het omgaan met tegenstrijdige kennisbronnen, wat nodig is voor het gebruik van internet, is echter iets anders", zegt hij. Scholen zouden volgens Tillekens het internet wel moeten gebruiken, maar dan van het kind een actievere inbreng eisen, zoals essays schrijven en vragen naar de eigen mening van de leerling over een onderwerp of onderwerpkeuze. "Tegenwoordig geven te veel docenten de opdracht mee om maar even op internet te zoeken en worden de keuzes van leerlingen beperkter omdat er 'niks over op internet te vinden is'. En daar ligt in feite ook een taak voor de overheid. Het ontwikkelen van goede startsites, waar de 'waarde' van de kennis wordt aangegeven moet door de overheid gestimuleerd worden."


Portals

Veel scholieren starten het zoeken naar informatie via internetpagina's als scholieren.pagina.nl, werkstukken.pagina.nl of boekverslagen.pagina.nl. Deze portals verwijzen door naar andere sites waar toegang is tot een enorme database aan gecategoriseerde boekverslagen, werkstukken, spreekbeurten en scripties. De informatie op deze pagina's is aangeleverd door andere scholieren die er, in een enkel geval, een vergoeding voor krijgen.

Tips tegen internetfraude

Een aantal tips om het 'verkeerde' gebruik van internet door scholieren te beperken. Zo is het handig om duidelijke afspraken te maken: zorg dat het kopiëren van internet valt onder de noemer fraude en neem het op in de schoolgids. Een andere methode is het klassikaal vergelijken van het niveau van de verslagen op internet. Als aangetoond wordt dat er vaak onzin staat in de boekverslagen die andere scholieren naar de sites sturen, heeft dit een leerzame en ontmoedigende werking. Wat ook kan is de leerling, tijdens een afgesproken lesuur, een aantal opdrachten over het gelezen boek in de klas te laten beantwoorden. Dit zorgt voor een stimulans om het boek toch maar gewoon te lezen.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.