- blad nr 21
- 30-11-2002
- auteur M. Zuidweg
- Redactioneel
Educatieve uitgeverijen lopen achter, vinden onderwijsvernieuwers
Het lesboek is nog lang niet weg
Scholieren leren nog steeds vooral uit boeken. Maar dat verandert binnenkort, denken de grote educatieve uitgeverijen. Het digitaal lesmateriaal ligt klaar voor gebruik in het voortgezet onderwijs. Met animatiefilmpjes over zeevaart en hartkloppingen, leerlingendisks om gemiste lessen in te halen en methodensites met extra tests en verrijkingsstof. Maar revolutionair is het nog altijd niet. "We kunnen technisch meer en dat zouden we ook wel willen, maar we moeten niet te ver vooruitlopen op de scholen."
De afgelopen jaren klaagden onderwijsvernieuwers steen en been over het gebrekkige aanbod aan digitaal lesmateriaal. Volgens de initiatiefnemers van Slash21 bijvoorbeeld lopen de educatieve uitgeverijen hopeloos achter. De nieuwe middelbare school in de Achterhoek maakt tijdens de lessen erg veel gebruik van computers. Maar dat is niet eenvoudig als er zo weinig digitaal lesmateriaal op de markt is. De techniek om lesstof via de computer aan te bieden is er al lang, maar op middelbare scholen leren ze nog altijd in hoofdzaak uit boeken. Nog wel.
Volgens de educatieve uitgeverijen verandert dat zeer binnenkort. Het digitale lesmateriaal ligt klaar voor gebruik in het voortgezet onderwijs. "Ict is nu een geïntegreerd onderdeel van ons lespakket", zegt directeur-uitgever voor voortgezet onderwijs S. de Valk van Wolters-Noordhoff.
De uitgever introduceert de Mixed media methode, waarbij de leermiddelen behalve uit een leerboek en een werkboek ook uit digitaal lesmateriaal bestaan. Het lesmateriaal laat zich on line verspreiden of via cd-roms.
Bij Wolters-Noordhoff is de ict verweven met de nieuwe lesmethoden. Thieme/Meulenhoff pakt het voorzichtiger aan. De uitgeverij in Zutphen biedt scholen de keus: lesmateriaal op papier of in digitale vorm. Kiest een docent bij de methoden van Thieme/Meulenhoff voor ict dan is dat in de vorm van een cd-rom. Elk vak heeft een 'methodensite' met behalve tests en toetsen, extra verrijkingsstof die zich goed leent voor een elektronische weergave. Zoals een animatiefilmpje over de zeevaart bij het vak geschiedenis. Momenteel hebben scholen bij wiskunde al de keus: een werkboek op papier of een digitaal werkboek. "Dat gaan wij dus langzaam uitbreiden naar andere vakken", kondigt directeur-uitgever voortgezet onderwijs E. Meijerink aan.
Malmberg heeft meer haast gemaakt. De uitgeverij heeft haar digitale lesmateriaal het afgelopen jaar al op de markt gebracht. Ook bij Malmberg is ict onderdeel van de leermethoden. De handboeken, werkboeken en de cd-roms zijn niet los van elkaar te gebruiken. "Voorheen was ict bij ons vooral aanvullend. Nu is het een integraal onderdeel geworden. Om bepaalde oefeningen in het werkboek te maken, moet je naar een cd-rom of methodensite. Anders kun je die oefeningen niet maken", zegt marketingmanager voortgezet onderwijs J. Besteman. In de werkboeken van Malmberg zit bij vrijwel elk vak een leerlingendisk, met daarop leerstof en opdrachten.
Huiswerk op school
Het gros van de scholen beschikt nog maar kort over computers met een internetaansluiting. Daarom heeft het digitale lesmateriaal op zich laten wachten, verklaart E. Meijerink van Thieme/Meulenhoff. "Wij moeten leermiddelen maken die voor iedereen geschikt zijn. En heel wat scholen waren nog niet zover. Veel leerlingen hadden bovendien thuis nog geen internet. Pas de laatste jaren is daar verandering in gekomen."
Momenteel beschikt zeventig procent van de huishoudens met schoolgaande kinderen over internet. Maar dat betekent ook dat dertig procent nog altijd geen aansluiting heeft. "Er zullen leerlingen bij zijn die een deel van hun huiswerk straks op school moeten maken", denkt Meijerink. En ook nog niet alle scholen hebben voldoende computers. Soms hebben ze er eenvoudigweg geen ruimte voor. Want je moet wel ruimte creëren voor al die techniek, of de computers nu in de klas komen te staan of in een aparte mediatheek. Verder zijn er altijd nog docenten met een uitgesproken voorkeur voor papier, constateren de educatieve uitgeverijen. En dat terwijl het tekort aan vakdocenten het gebruik van computers zou kunnen stimuleren. Meijerink van Thieme/Meulenhoff: "Met ict kan de leereffectiviteit omhoog. Je kunt per leerkracht een grotere groep leerlingen begeleiden. Maar dan moet je je wel anders organiseren als school. Je moet je leerproces opnieuw inrichten. Docenten moeten anders les gaan geven."
Scholen die dat willen, kunnen extra begeleiding krijgen bij het gebruik van digitaal lesmateriaal. Wolters-Noordhoff levert bijvoorbeeld bij elke lesmethode een 'digitale docentenomgeving' met onder andere een docentenhandleiding.
Dat niet alle docenten staan te springen over ict vindt voorzitter F. Gravenberch van de Nederlandse Vereniging voor onderwijs in de natuurwetenschappen (NVON) wel begrijpelijk. De verplichte kost voor het centraal schriftelijk examen is zo omvangrijk dat veel docenten niet aan iets anders toekomen. "En als je onder tijdsdruk staat, ga je niet experimenteren met dingen waarin je niet thuis bent."
Daar komt bij dat het digitale lesmateriaal dat nu op scholen wordt gebruikt, niet altijd van goede kwaliteit is. "Het ministerie van Onderwijs heeft voornamelijk geïnvesteerd in hardware, niet in educatieve software. Dat is goed te merken." Gravenberch juicht de inspanningen van de uitgeverijen op ict-gebied toe. De computer kan voor het onderwijs in de natuurwetenschappen een grote toegevoegde waarde hebben. Bijvoorbeeld voor de uitvoering van experimenten. Het verzamelen en verwerken van data tot tabellen en grafieken gebeurt nu ook al op de computer. "Er zijn een paar goede programma's, maar het is duidelijk nog een stiefkindje", oordeelt Gravenberch. Wat nog nauwelijks gebeurt, maar waarvoor de computer volgens de voorzitter van de NVON bij uitstek geschikt is, is modelleren. Op de computer kun je leerlingen berekeningen laten uitvoeren die op papier te veel tijd zouden kosten of te ingewikkeld zijn. "Als we hier goede programma's voor zouden hebben, zou dat echt een toegevoegde waarde hebben voor het bèta-onderwijs."
Bosatlas op cd-rom
Maar zover is het nog niet. Van een revolutionaire verandering is überhaupt geen sprake. Middelbare scholieren zitten ook straks nog vaak achter de boeken. De Valk schat dat zo'n tien tot vijftien procent van het lesmateriaal van Wolters-Noordhoff digitaal is. De uitgeverij heeft alleen die lesstof op de computer willen zetten die zich minder goed leent voor weergave in een boek. De computer wordt alleen ingezet als die ook echt iets toevoegt. "Het kloppen van een hart bijvoorbeeld kun je met een animatie op de computer beter in beeld brengen dan met een boek", noemt De Valk als voorbeeld.
Zo hebben Thieme/Meulenhoff en Malmberg ook gedacht. "Zaken die je heel goed in een boek kwijt kunt, hoef je niet op de computer te zetten", meent Besteman van Malmberg. Daar komt bij dat niet alle vakken zich even goed lenen voor ict-toepassingen. Neem de talen. Bij Engels of Frans blijft audiovisueel lesmateriaal erg belangrijk. Exacte en gammavakken profiteren meer van de nieuwe techniek. Zoals aardrijkskunde, een vak dat bij het digitale lesmateriaal een voorhoedepositie inneemt. De grote Bosatlas staat tegenwoordig helemaal op cd-rom. Inclusief gegevens over bijvoorbeeld kindersterfte, nationaal inkomen en grondgebruik. Bij praktische opdrachten kunnen leerlingen op de computer eenvoudig dit soort gegevens oproepen en met elkaar verbinden. "Leerlingen kunnen zo veel leren over regio's. En tegelijkertijd leren ze hoe ze snel aan de juiste informatie kunnen komen", denkt P. Lucas van het Koninklijk Nederlands aardrijkskundig genootschap (KNAG). Aardrijkskunde maakt ook gebruik van een digitale methode waarbij leerlingen zelf kaarten kunnen maken van een gemeente of regio. Compleet met gegevens over winkelvoorzieningen, grondgebruik, prijzen van vastgoed, percentage allochtonen/autochtonen en dergelijke.
Studiebol
Aan de educatieve uitgeverijen ligt het niet. Zij zouden best nog wat stappen verder willen gaan. "We kunnen technisch meer en dat zouden we ook wel willen, maar we moeten niet te ver vooruitlopen op de scholen", zegt Besteman van Malmberg. Malmberg zou bijvoorbeeld de technische mogelijkheden graag inzetten voor meer maatwerk in het onderwijs. Voor een deel doet de uitgeverij dat nu al. Leerlingen die ziek zijn geweest, kunnen met de leerlingendisk gemiste lessen inhalen. De minder vlotte leerling kan met de disk de stof thuis in eigen tempo nog eens doorlezen. En de studiebol kan extra stof doornemen en extra opdrachten maken. "Het grote voordeel is dat je met ict meer individueel onderwijs kunt aanbieden", aldus Besteman.
Als het om maatwerk gaat, denkt de uitgeverij niet alleen aan leerlingen. Docenten willen vaak meer dan een aangeleverde leermethode biedt, merkt de uitgeverij in contacten met het veld. Ze zouden graag zelf meer accenten willen leggen. Daarom wil Malmberg docenten meer materiaal bieden dat ze zelf kunnen verwerken tot lesstof. Besteman: "Je levert een basispakket lessen met lesstof, vragen en opdrachten en daarnaast geef je extra materiaal via de site dat docenten naar eigen inzicht kunnen verwerken tot een les. Dat is het grote voordeel van ict: dat je in plaats van één vorm voor een leermethode, docenten en leerlingen een keuze kunt laten maken in de manier waarop zij de stof krijgen aangeboden."
Er zit ook een groot nadeel aan, beseft de uitgeverij. "Je moet docenten hebben die veel tijd kunnen en willen steken in de voorbereiding van hun lessen. En die tijd is er heel vaak niet."