- blad nr 21
- 4-12-1999
- auteur O. Bosma
- Commentaar
Polderconflict
De vakcentrales FNV en CNV ontmoeten in hun actie tegen de gewijzigde kabinetsplannen met de organisatie van de sociale zekerheid hoegenaamd geen steun uit de samenleving, ook niet uit doorgaans welgezinde kringen. Vrijwel alle commentatoren vinden dat de centrales schromelijk overdrijven en de indruk wekken alleen een gevecht om eigen posities te voeren. Dat werkgevers en werknemers broederlijk vereend ten strijde trekken, versterkt die indruk. Het argument dat het om Œons geld¹ gaat, weegt daar niet tegen op. Een aanzienlijk deel van de gelden, bestemd voor arbeidsvoorziening en andere reïntegratie-activiteiten, bestaat niet uit premies maar uit gemeenschapsmiddelen.
De sociale partners kampen met nog een geloofwaardigheidsprobleem: de publieke opinie is niet vergeten hoe desastreus de uitkomst was van de parlementaire enquête over de sociale zekerheid, toen zij voor de uitvoering verantwoordelijk waren. Daarbij komt dat de achterban helemaal niet blij was met de aanvankelijk vergaande privatisering van de uitvoering van de sociale zekerheid. Minister De Vries (Sociale Zaken) oogst veel instemming door terug te keren van het privatiseringspad dat hij in zijn vorige functie als voorzitter van de Sociaal-economische raad was ingeslagen.
De vakcentrales kunnen de kloof met de publieke opinie overbruggen als ze zich concentreren op een pleidooi voor een gelijkwaardiger rol tussen werkgevers en werknemers bij het geven van opdrachten tot reïntegratie van werklozen en zieken. De ervaringen met de uitvoering van de nieuwe ziektewet hebben geleerd dat zo¹n evenwicht geen overbodige luxe is.