• blad nr 11
  • 1-6-2002
  • auteur T. van Haperen 
  • Column

 

Een verloren generatie

Kees zet zijn koffie neer, pakt een tijdschrift. Als de rector in het gebouw is en aan zijn 0,05 fte personeelszorg werkt, vormt alleen zitten in de pauze een risico. Elke loner wordt getrakteerd op bezorgde aandacht. Eerst aanschuiven, dan strak aankijken, gevolgd door de openingszin: 'hoe gaat het?' In het begin gaf Kees serieus antwoord, maar halverwege zijn relaas begon het wegkijken. Vandaar dat Kees tegenwoordig antwoordt met 'goed'. De daaropvolgende stilte is benauwend en daar heeft hij even geen zin in, lezen dus. Zijn oog valt op een foto van een jonge leraar. Lerarentekort verhoogt zijn marktwaarde en in het begeleidend verhaal domineert dan ook het bekende deuntje: de directie deugt niet, de werkdruk is te hoog, collegae zijn sukkels, in het bedrijfsleven liggen de verdiensten hoger, de kinderen zijn vervelend en er is geen begeleiding.
Kees slaat geïrriteerd de bladzijde om. Een bescheiden hbo'er mag in zijn handen klappen met dit salaris. Kinderen zijn niet vervelend, zo lang ze wat leren. Hij neemt een slok van zijn koffie, kijkt naar zijn drukke collegae, ergert zich aan hun gelach. Kees wil rust, maar zit zich toch op te winden. Dat gezeur over begeleiding, wat wil die jongen? In de klas sta je er alleen voor. Zestien jaar geleden was er niks. Toen hij begon hielp niemand. Sterker, de collegae lachten hem in zijn gezicht uit. Voor dat salaris kwamen zij de deur nog niet openmaken. Begeleiding? Gezever van een bejaarde over bordgebruik, kort houden, de teugels laten vieren en dat na een dag werken. Een zelfbewuste jonge leraar heeft zelf ideeën, doet het anders, is idealistisch. In zijn eerste jaar kwam Kees thuis, lag een uurtje op de bank en daarna tot elf uur voorbereiden. Daar heeft de geïnterviewde geen zin in. De lestaak moet omlaag, het salaris omhoog. Kees voelt een steek in zijn zij, hij moest als beginner, net na de Hos, juist een les extra geven.
Hij kijkt op, ziet de rector inventariserend rondlopen en duikt in het artikel. Een leven lang voor de klas is niet van deze tijd, leest hij. De nieuwe aanwinst wil doorgroeien. Kees implodeert. Waar haalt het mannetje het vandaan? Met de hakken over de sloot havo gehaald, lerarenopleiding cadeau gekregen en dan hup in de centrale directie. Directieleden... die van Kees zaten er al toen hij aankwam. Door fusies werden het er alleen maar meer. Aan het eind van het jaar vertrekken er voor het eerst twee. Hun plaatsen worden niet herbezet. Beleid blijft bij de directie en uitvoering wordt omgezet in taakuren voor leraren. Het zijn administratieve baantjes, maar met een cursus vormen ze de enige toegankelijke managementervaring. Dus kwam er een sollicitatieprocedure met profielschets, toegeschreven naar de enige twee jonge vrouwen. Kees is kansloos, tien jaar geruzie over verdeling van bezuinigingsschaarste zet hem buitenspel. Hij en zijn generatie grijpen er naast. De grote bulk mocht er niet in, degene die zich heeft binnengevochten krijgt geen promotiekans en wordt onderbetaald. Eens schaal tien, altijd schaal tien. Oudere collegae halen slapend het einde, met duizend euro per maand meer. Hij werkt zich kapot met groepen boven de dertig, dat is de manier om hem onder het maximum aantal uren bovenbouw voor een schaal tiener te houden. Lang hield hij zich overeind met lesgeven is leuk. Een leugen, want van het eerste tot en met het achtste uur een potpourri van les en tussenuren is ondoenlijk. Hij heeft zero-perspectief; uitsluiting als vorm van structurele onderwaardering. Eerst de dictatuur van de <>babyboomers, straks gepasseerd door jeugd die opnieuw het wiel gaat uitvinden. Ondertussen neemt zijn rancune bizarre vormen aan. Rond 11 september betrapte hij zichzelf erop dat hij Bin Laden een grappig mannetje vond. Toen hij onlangs las dat de terrorist nog leefde, riep hij keihard yes aan de ontbijttafel. Met de verkiezingen heeft hij Fortuyn gestemd, terwijl hij zijn hele leven links is. Hij voelt het moment van omknakken naderen. De bedrijfsarts zal hem daarna tot een comeback dwingen. Hij heeft het al zo vaak gezien, goede leraren verdwijnen voor een paar maanden, komen terug en kunnen ineens geen orde meer houden. De zoemer gaat, hij wrijft in zijn ogen, legt het tijdschrift neer. Naast hem is de rector komen zitten, hij ziet Kees opstaan en vraagt: "Hoe gaat het?" "Goed."

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.