- blad nr 11
- 1-6-2002
- auteur T. Snel
- Redactioneel
Sluiting dreigt voor veel zwarte basisscholen
.
Uit een steekproef onder duizend Nederlanders blijkt dat er weerstand tegen zwarte scholen bestaat. Een op de drie Nederlanders zou zijn kinderen niet naar een zwarte school sturen. Een meerderheid vindt het ongewenst als een school meer dan eenderde allochtone leerlingen telt. In het westen van het land, waar meer dan driekwart van de zwarte scholen staat, leven deze meningen sterker.
Op scholen met de helft of meer zwarte leerlingen halen steeds meer witte ouders hun kind weg. Dit geldt ook voor relatief zwarte scholen, die meer allochtone leerlingen hebben dan andere scholen in dezelfde plaats.
Het aantal zwarte scholen is de afgelopen drie jaar met tachtig toegenomen, het zijn er nu 580. Dat komt ook omdat witte ouders er hun kinderen weghalen. Scholen met veel allochtone leerlingen worden dan vanzelf zwarter. De groei van het aantal zwarte scholen vindt vooral buiten de vier grote steden plaats. Toch kreeg Rotterdam er twaalf bij, Den Haag zes, Utrecht en Amsterdam drie. Als een school onder de opheffingsnorm zit, betekent dat overigens niet meteen sluiting. Dat is pas het geval als een school in twee van de drie opeenvolgende jaren te weinig leerlingen trekt. Meestal komt het voor die tijd tot een fusie.
Het nieuwe SP-Kamerlid Ali Lazrak stelde hierover direct na zijn installatie op 23 mei schriftelijke vragen aan de regering. Hij vindt dat staatssecretaris Adelmund van Onderwijs en minister Van Boxtel van Grotestedenbeleid scholieren moeten gaan spreiden om de vorming van zwarte scholen tegen te gaan. Lazrak: "In Nederland wordt de vrijwillige apartheid gedoogd. De politiek weigert maatregelen te nemen tegen de groei van zwarte scholen. Als we geen echte integratie willen, moeten we vooral zo doorgaan. Ik leg me daar niet bij neer en pleit voor een actievere overheid die stimuleert dat iedere gemeente een scholierenspreidingsplan gaat maken inclusief gratis vervoer van leerlingen."