• blad nr 11
  • 1-6-2002
  • auteur . Overige 
  • Column

 

Barth

Een uitzonderlijk lang zomerreces, daar was ik door de peilingen al op voorbereid. Maar de verkiezingsuitslag maakt van dit stukje een definitief afscheid. Dat valt me zwaar. De laatste weken raakte ik juist gemotiveerder dan ooit om door te gaan. Na de moord op Pim Fortuyn heb ik me vaak afgevraagd hoe die tot zoveel haat en geweld kon leiden. Waarom namen we geen voorbeeld aan New York? Een maand na de 11 september waren daar burgemeestersverkiezingen. Een politieke gebeurtenis van jewelste, die zich deze keer voltrok in waardigheid en saamhorigheid.
Het doden van Fortuyn is zonder meer vergelijkbaar met het verwoesten van de Twin Towers. Beide gebeurtenissen maken de weerloze onbevangenheid van het dagelijks leven kapot. Het rechtsgevoel van een land wordt geschokt als het ondenkbare gebeurt. Hoe komt het dan, dat de reacties zo verschillend waren? In New York ontstond direct een brede vastbeslotenheid om vertrouwen te herstellen, om een gemeenschap - toch bekend om haar stadse onverschilligheid - niet te laten breken door geweld. Bij ons bracht zelfs het veel te vroeg overlijden van een fantastisch volksvertegenwoordiger, GroenLinks-collega Ab Harrewijn, mensen niet bij zinnen. Nog geen twaalf uur later riep LPF-voorzitter Langendam toch weer dat 'de kogel van links kwam'. Hoe gespeend van mededogen kun je raken? De oorzaak is, hoor je nu overal, dat politici klachten van autochtonen over de gevolgen van immigratie moedwillig hebben genegeerd. Plotseling zijn we allemaal te politiek correct geweest. Op het gevaar af mezelf neer te zetten als een niet-luisterende politica: dat is kletskoek. Weinig onderwerpen zijn zo ruim en met zoveel scherpte in de Kamer aan de orde geweest. Maatregelen als een ongehoord harde vreemdelingenwet, sancties op het niet volgen van een inburgeringcursussen en fors moeten betalen voor een buitenlandse partner, zijn echt niet uit de lucht komen vallen.
Nee, zo overzichtelijk is het niet. Een voorbeeld. Zondag deed mijn zoon zijn Eerste Communie. Dat brengt veel mensen naar de kerk die er anders nooit komen. Velen voelden zich daar luid en duidelijk niet verlegen mee. Belangstelling, laat staan respect, voor wat de aanwezige gelovigen heilig achten, was akelig ver te zoeken. En er zat toch echt alleen witte middenklasse...
De Langendammen aan de macht lost dit dus niet op. In een open, vrije democratie als de onze, ligt verantwoordelijkheid voor een respectvolle omgang met elkaar allereerst bij mensen zelf. Te veel Nederlanders zijn dat grondig afgeleerd. Nog veel meer anderen raken daardoor steeds verder in de verdrukking. Dát is waar mijn partij te lang te weinig aandacht voor heeft gehad.
Dat moet anders, en dat kan ook. Ik had graag verder willen werken aan sterker onderwijs, dat volgens mij onmisbaar is als je een mooiere wereld wilt. Wat blijft, is mijn respect voor uw werk als leraar. In de frontlinie van de samenleving in een lastig land, dat ondanks alles zo de moeite waard blijft. Het ga u goed.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.