- blad nr 11
- 1-6-2002
- auteur R. Sikkes
- Redactioneel
Rotterdam vreest vertrek leraren door Omo-cao
Rotterdamse schoolbesturen voor voortgezet onderwijs stuurden vorige week een brandbrief van die strekking naar de Tweede Kamer. Hun angst is dat de aantrekkelijke Omo-cao leraren uit de stad zal weglokken naar Brabant, terwijl de maasstad al kampt met een flink tekort.
"Ten onrechte", reageert AOb-onderhandelaar Martin Knoop. "Alle tot nu toe afgesloten cao's worden uit het schoolbudget betaald, dus wat in Brabant kan moet ook in de randstad kunnen. Bovendien hebben scholen in de grote steden voor arbeidsmarktknelpunten extra budget gekregen. Daar hadden we dus nog beter maatwerk kunnen leveren. Parkeervergunningen kopen, iets doen met reiskosten, wat dan ook. Ik zou het dus prettig vinden om zo snel mogelijk met die schoolbesturen te gaan praten over een goed pakket voor hun werknemers. Met Den Haag hebben we een afspraak en het ziet er naar uit dat we ook daar in staat zullen zijn om een behoorlijke verbetering te realiseren."
De Rotterdamse brief werd direct onderschreven door de wethouders van Amsterdam en Utrecht. Ook daar vreest men de effecten van de decentrale cao, al zal Amsterdam na de zomer met een speciaal plan komen om het werken in de stad aantrekkelijker te maken. Knoop denkt dat de lerarentrek vanuit de stad naar buiten niet op gang is gekomen door de verschillen tussen cao's die nu aan het ontstaan zijn.
"Die beweging was al op gang, omdat mensen na jaren van ploeteren op scholen willen werken waar het wat rustiger is, of prettiger willen wonen. Nogmaals, alle scholen hebben evenveel schoolbudget en de grote steden meer. Wat ik dan jammer vind is dat deze grote steden nu opeens met een brandbrief komen, terwijl wij ze in januari een uitnodiging hebben gestuurd om met ze te onderhandelen. Ik had graag gewild dat een van de grote steden voorloper in dat proces was geweest. Maar de eersten die reageerden op onze uitnodiging waren Omo en Carmel. Aan ons ligt het niet en wij zijn nog steeds bereid om snel met de schoolbesturen in de grote steden te overleggen. En Den Haag is dus de eerste."