- blad nr 9
- 4-5-2002
- auteur R. Sikkes
- Commentaar
Patchwork
Algemene maatregelen zijn volgens Hermans overbodig. Hij denkt dat met maatwerk de problemen opgelost kunnen worden. Meer zij-instromers, scholen zelf opleidingen laten verzorgen, assistenten in opleiding voor de klas.
Al dat maatwerk lijkt alleen vooral op slordig patchwork, waarmee de problemen net als de afgelopen jaren niet worden opgelost. De rapportages van de inspectie en het Sociaal en Cultureel Planbureau die de week daarvoor verschenen, hadden een veel hoger realiteitsgehalte.
De inspecteurs zeggen gewoon ronduit dat de kwaliteit van het onderwijs daalt door het lerarentekort. Pats. Een effect dat zich vooral laat voelen in de grote steden, op scholen met achterstandsleerlingen, het speciaal onderwijs en het vmbo. Pats. Het SCP schrijft bovendien dat de invoering van het vmbo dreigt te mislukken door vormfouten, gebrek aan personeel en slechte gebouwen. Pats.
Kortom, op de scholen voor jongeren die het allerhardste zijn aangewezen op het allerbeste onderwijs, staat de kwaliteit het meest onder druk. Signalen die bij een minister van Onderwijs toch het gevoel van 'alarmfase één' moeten oproepen. Hermans eerste reactie op de persconferentie van de inspectie was heel anders. Dat we toch vooral moeten zien dat er héél véél goed gaat in het onderwijs.
Misplaatste peptalk. Eigenlijk is dat voortdurend aan de orde als het gaat om het lerarentekort. Toen verschillende onderzoekers midden jaren negentig de tekorten aankondigden werden ze op het ministerie met ongeloof aangehoord. Toen de eerste klassen naar huis werden gestuurd door gebrek aan invallers heette dat in Zoetermeer 'een regionaal probleem'. Toen de witte vlucht van leraren van zwarte scholen naar de buitenwijken begon, volgde een onderzoek met als conclusie dat deze stroom tot staan was gebracht. Toen Het Onderwijsblad onlangs wees op het snelle vertrek van beginners heette dat 'weinig constructief'.
Hermans zegt de laatste tijd dat het tekort voor hem vrij onverwacht kwam, dat ook het onderwijs er door overvallen is. Dan hebben of zijn ambtenaren zitten slapen of hem slecht voorgelicht. Al vanaf 1994 wordt regelmatig geschreven over het dreigende lerarentekort. Sinds begin 1997 wordt het echt een item in de media en niet pas vanaf het najaar van 1998 als Ritzen zijn klus aan Hermans overdraagt. Het gevoel van urgentie ontbreekt in al die jaren.
Dat plaatst de vakbonden in een moeilijke positie. Want er wordt inderdaad met hart en ziel gewerkt in het onderwijs. Er gaat veel goed. Het werken met jongeren is ontzettend leuk. Maar dat betekent niet dat vakbonden vanwege het imago van het beroep moeten zwijgen als zij zien en voelen dat er betonrot komt in de fundamenten van ons onderwijsbestel.
Politici moeten vervolgens de niet de zaak omdraaien. Zoals bijvoorbeeld VVD-voorman Dijkstal die in het Schooljournaal zegt dat de onderwijsbonden zelf verantwoordelijk zijn voor het lerarentekort door maar te zeuren over werkdruk en karige beloning.
Het is treurig dat als een maatschappelijk probleem uit de hand loopt - lerarentekort leidt tot kwaliteitsverlies - de politiek vakbonden de zwartepiet toespeelt. Terwijl de werkelijke redenen van het tekort toch terug te voeren zijn op drie elementen. Om te beginnen stuwen groei van het leerlingenaantal en de pensioneringsgolf de vraag op. Door het gevecht om hoger opgeleiden op de arbeidsmarkt neemt het aanbod af. Op de arbeidsmarkt gelden vervolgens simpele economische wetten. Als de vraag het aanbod overtreft moet de prijs omhoog, tot een nieuwe balans is bereikt. De prijs voor meer leraren moet niet versimpeld worden tot een hoger salaris alleen. Het gaat ook om investeringen in gebouwen, onderhoud en inventarissen. Begeleiding van beginners en goed personeelsbeleid. En om méér ondersteunend personeel. Als de politiek die prijs niet wil betalen, zal zich dat vertalen in verder kwaliteitsverlies van het onderwijs.