- blad nr 6
- 1-6-2024
- auteur L. Rötgers
- Column
Dadelijk blijk ik toch nog een streber te zijn
Ik kreeg een baan aangeboden op mijn stageschool. Het werd geen succes, maar met vallen en opstaan wist ik toch van een bevoegde naar een bekwame docent uit te groeien. Inmiddels durf ik dat wel over mijzelf te zeggen. ‘Fijn, zo’n eerstegrader!’, riep een teamleider bij een sollicitatie, na een blik op mijn cv en toen moest ik natuurlijk uitleggen dat een bachelor aan de universiteit misschien wel het academische werk- en denkniveau representeert, maar dat voor een eerstegraads bevoegdheid toch nog echt een masteropleiding vereist is. En die heb ik niet.
Het bleef een beetje knagen. Toch niet helemaal eruit gehaald wat er in zat, net als met die vijf jaar gymnasium. Vorig jaar kreeg ik een brief van DUO, die mij meldde dat ik vanaf januari 2024 rente zou moeten gaan betalen over mijn studieschuld. Niet zolang daarvoor had ik mijn Nederlandse huis goed verkocht en de spaarrente op de bank was nogal teleurstellend. Ik haalde dus diep adem en maakte de resterende 20 duizend euro over naar Groningen en daarmee was ik eindelijk student-af.
Merkwaardig genoeg bood dit ook ruimte in mijn hoofd om over een nieuwe studie na te denken. Omdat wij in Nederland in het paradijs leven, faciliteert de overheid een lerarenbeurs, waardoor je als bevoegd docent tegen veel gunstiger voorwaarden kunt studeren dan als gesjeesde gymnasiast. Toen de Groninger universiteit mij ook nog meedeelde dat vanaf het nieuwe collegejaar de door mij behaalde tweedegraads educatieve minor een fraai pakket aan vrijstellingen zou opleveren, had ik werkelijk geen enkel excuus meer om mij niet in te schrijven.
En zo kwam het dat ik na de aankomende zomervakantie, aan de vooravond van mijn veertigste verjaardag, andermaal de student zal gaan uithangen. Van de lerarenbeurs mag ik drie jaar doen over de tweejarige educatieve master. Dadelijk blijk ik toch nog een streber te zijn.