- blad nr 6
- 1-6-2024
- auteur M. Dubbelman
- Column
Deze generatie wordt 24/7 begluurd
Omdat onze glazenwasser ook Edu heet, gingen we er maandenlang voetstoots vanuit, dat de epistels afkomstig waren van iemand die Edu Arte heette. Ik stelde me er een artistieke man met een circusdirecteurensnor bij voor, die bij het roc werkte, omdat hij van de kunst alleen niet kon leven.
Oh, we twijfelden wel een beetje, omdat onze zoons mentor een totaal andere naam had. Maar, die stond nergens in de mail en wel dus die van Edu Arte; in gekrulde letters zelfs.
Pas na maanden kwamen we erachter dat Edu Arte geen mens was, maar de naam van het communicatieplatform van de school. De studiecoaches/mentoren gingen er blijkbaar vanuit dat Het Systeem hun naam wel als afzender zou vermelden, maar niet dus.
Dit is nog een redelijk onschuldig voorbeeld waar klakkeloos ingevoerde onpersoonlijke communicatieplatformen in het onderwijs toe kunnen leiden. Ronduit pedagogisch onverantwoord vind ik het welbekende Magister, dat ik van mijn telefoon heb gegooid en waarop ik weiger in te loggen.
Ik vind dat een puber net als ik vroeger een dikke onvoldoende moet kunnen halen, zonder dat ik het weet. Als ik het meteen mijn probleem maak, leert mijn kind niet hoe het zijn eigen ‘problemen’ kan oplossen. Bovendien vind ik ook dat een kind recht heeft op cijfer-privacy. Op het rapport zien we wel hoe het er echt voor staat.
Mijn dochter, die dus soms wel en soms niet vertelt welke cijfers ze haalt, is blij met onze aanpak. Ik snap haar: het is ook gewoon fijner om eerst de goede cijfers te vertellen en daarna pas die dikke onvoldoende te timen.
Ik vind het bovendien zorgelijk dat we een generatie aan het kweken zijn, die gewend is om 24/7 begluurd te worden met Magister en altijd hun locatie-settings aan.
Laatst vertelde mijn dochter: ‘Ik was met x mee naar huis en haar thuiswerkende moeder had drie schermen openstaan, waaronder Magister. Ze begon meteen te zeuren over het slechte cijfer van x. Sommige ouders appen hun kinderen meteen als ze een slecht cijfer hebben gehaald. Soms nog voordat ze het zelf hebben gezien.’
En dan heb ik het nog niet eens over die docenten, die er zelfs ’s avonds na negenen cijfers op knallen. Ik hoor nog de ijselijke gil en daarna het huilen van onze inmiddels studerende brugklasser, toen hij een 1 voor Frans had gehaald en hij eigenlijk geen idee had voor wat. Maar hij wist wel dat hij een 1 had en een 1 is Heel Erg. Ik vind dat je cijfers altijd persoonlijk terug moet geven aan een kind, zodat je het in de ogen kunt kijken en kunt zeggen: ‘Hee, wat ging hier mis?’