• blad nr 6
  • 25-3-2000
  • auteur O. Bosma 
  • Commentaar

 

De status

Waar was Hermans bijvoorbeeld, toen in de Balie in Amsterdam het boekje ten doop werd gehouden dat Robert Sikkes op uitnodiging van het ministerie van Onderwijs schreef over Het sprookje van de statusdaling? Zo¹n bijeenkomst is altijd goed voor wat publiciteit en deze zeker, want de titel is provocerend genoeg voor een fel debat. Een dolkstoot in de rug vond een verhitte discussiant, omdat de auteur het waagt om een aantal pluspunten van het beroep van leraar te noemen. Wie durft op te schrijven dat het gewone volk best een hoge dunk heeft van leraren, dat de meeste leraren tevreden zijn met hun werk en kinderen helemaal niet zulke ettertjes vinden, zo iemand is een soort klassenvijand. Het beeld van het leraarschap behoort in de zwartste kleuren te worden geschilderd, hoe zouden we er anders in slagen de politiek ervan te overtuigen dat er echt iets moet gebeuren? Ook buiten de Balie roepen de pogingen om wat lichtpuntjes te signaleren boze reacties op. Die zijn voor een deel veroorzaakt door het beeld dat in de publiciteit over het geschrift werd neergezet. De media waren zo verrast over een zonnige kijk op het leraarschap, dat ze weinig of geen aandacht besteedden aan de negatieve kanten, die wel degelijk worden belicht. Zo komen het achterstallig onderhoud, de kloof met de Oeso-normen en de respectloze manier waarop de overheid met het onderwijspersoneel omspringt in het boekje uitgebreid aan de orde. In andere opzichten is de benadering wat minder evenwichtig. Dat de twaalf weken vakantie in het onderwijs een pre zijn, mag best eens gezegd worden, maar het had niet misstaan om duidelijk te maken dat de totale arbeidsduur gelijk is aan die in andere beroepen. Dat de salarissen in het onderwijs in het algemeen niet veel meer verschillen van die voor andere mensen met een hbo- of universitaire opleiding is waar, maar dat het elke keer weer een gevecht vereist om een enigszins acceptabele cao af te sluiten is ook waar.
In de beroepsgroep mogen sommigen zich dood ergeren aan pogingen om ook eens wat zegeningen van het leraarschap te tellen, het werkt gelukkig wèl. Op de tweedegraadslerarenopleidingen zitten 17,5 procent meer eerstejaars dan vorig jaar. De groei van het aantal pabo-studenten zet al voor het vierde achtereenvolgende jaar door, dit jaar dertien procent meer, na het vorig jaar gevestigde record van 25 procent meer. Dat zijn niet langer druppels op de gloeiende plaat, met zulke aantallen kunnen de klappen van de grijze uitstroom in de komende jaren werkelijk worden opgevangen. De sector heeft gelukkig meer vitaliteit en aantrekkingskracht dan sommigen denken.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.