• blad nr 4
  • 1-4-2023
  • auteur M. Dubbelman 
  • Column

 

Hier en daar zat er nog een klein bibbertje

Nog nooit in mijn leven deed ik zo lang over het schrijven van drie woorden als op 13 april 2021. Sommige columns schreef ik nog sneller. ‘Vis’, ‘varen’ en ‘meeuw’ waren de woorden, die
ik voor het vak handschriftontwikkeling, in onverbonden schrift met een harde plastic pen op het gladde digibord moest schrijven.
Na een half uur kon mijn tien jaar jongere mentor mijn zuchtende zwoegen niet langer aanzien. ‘Zal ik het voor je doen, dan maak je daar een foto van?’ Zij had wél een keurig juffenhandschrift.
Maar dat zou fraude zijn en dat wilde ik pertinent niet: luctor et emergo. Ik worstel en kom boven. Mooie spreuk ook om met sierletters te schrijven.
Na bijna een uur uitvegen en opnieuw proberen, stonden er dertien letters op de grondlijn. De neerhalen waren tamelijk recht. Ik had me aan lushoogtes, rompzones en wat al niet meer gehouden. De letters waren ongeveer van gelijke grootte en hadden een acceptabele spatiëring. Hier en daar zat er nog een klein bibbertje, maar mijn vriendinnen van de middelbare school waren diep onder de indruk van mijn prestatie. Zij kennen mij niet anders dan als iemand met een onleesbaar handschrift. De opkomst van de personal computer in de jaren negentig maakte het er niet beter op. Ik typte gewoon alles. Toch heb ik mezelf later als journalist nog menigmaal vervloekt, omdat ik zelf mijn eigen aantekeningen ook niet kon lezen. Wat was het toch fijn geweest als ik netjes lees: leesbaar kon schrijven.
Nu, zoveel jaar later, kreeg ik als vrouw van middelbare leeftijd, dankzij de pabo, alsnog de kans.
Het mooie aan de term handschriftontwikkeling, is natuurlijk het woord ‘ontwikkeling’. Blijkbaar is het iets wat je (nog) kunt leren. Ik besloot er dan ook helemaal voor te gaan.
Ja, dat was zwoegen, want met die drie geslaagde woorden op het digibord was ik er nog niet. Er was ook nog een gevreesde schrijftoets. Ter voorbereiding volgde ik alle colleges, kocht schriftjes met groep 3 liniatuur, pennen in alle soorten en maten, die ik een leuke etui stopte want dat motiveert.
Ik luisterde nauwgezet naar de grafische aanwijzingen van mijn docent en voerde die eindeloos uit. ‘Dit stukje moet recht’, ‘hier begin je aan de lus en dan ga je tot daar’, ‘deze gaat tot de romplijn en die stopt tussen de romplijn en de luslijn’.
Ik ontdekte dat wanneer ik mij aan ‘de regeltjes’ hield, er zowaar leesbare letters in mijn oefenschriftjes verschenen. Dat motiveerde en ik kreeg er zowaar plezier in en dat niet alleen. Ik vond ook een aangenaam soort rust in het schrijven. Want om netjes te schrijven. Soms als ik me gestrest voel, ga ik gewoon eventjes zo netjes mogelijk schrijven. Eigenlijk is het een soort vingeryoga. Het kan verkeren.

Dit bericht delen:

© 2024 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.