• blad nr 4
  • 1-4-2023
  • auteur A. van Voorthuijsen 
  • Redactioneel

 

Altijd gehaast

Docenten in het hbo moeten te veel doen in te weinig tijd. Twee op de drie docenten krijgt het werk niet af binnen werktijd. Werken in het weekend en in de vakantie is voor bijna iedereen vaste prik.

Overwerk is normaal onder hbo-docenten. Dat blijkt uit een onderzoek naar de tijdsbesteding van hbo-docenten, waar 615 docenten van vier verschillende hogescholen aan mee hebben gewerkt. Bureau Zestor deed het onderzoek op verzoek van zowel vakbonden als hogescholen. De deelnemers vulden eind 2021 én in het voorjaar van 2022 vragenlijsten in over hun tijdsbesteding. “Dit is geen piekbelasting. De urentoekenning klopt gewoon niet.”
Sjoerd van Vliet, sectorbestuurder hoger onderwijs bij de AOb en docent bedrijfseconomie aan de Hogeschool Rotterdam ervaart elke dag dat zijn collega’s en hijzelf tijd tekort komen voor alle taken die er op hun bordje liggen, zegt hij. Maar hij schrikt toch van deze cijfers. “Docenten draaien wekelijks 30 procent meer uren dan waarvoor ze worden betaald. Het gaat in discussies vaak over ‘beleefde werkdruk’ of ‘effectiever en efficiënter’ werken. Daarbij wordt de bal snel bij een individuele medewerker gelegd en die krijgt dan het advies om een cursus timemanagement te gaan doen. Maar uit dit onderzoek blijkt overduidelijk dat je gewoon meer tijd moet krijgen voor je werk als docent.”
“Uit de manier van urentoekenning blijkt niet altijd begrip voor de alledaagse werkelijkheid”, zegt Mieke van Heerebeek (59 jaar), hoofddocent pedagogiek bij Hogeschool Inholland. “Ik heb het idee dat er soms wordt gedacht: je start je laptop en geeft je les. Maar in de praktijk ben je tien minuten van tevoren in het lokaal om alles aan te sluiten en op te starten, tafels en stoelen goed te zetten en na afloop zijn er altijd studenten die wat willen vragen. Dat is hartstikke leuk en belangrijk, maar het duurt dus ook minstens tien minuten voor je het lokaal uit bent. Vroeger hadden we ondersteuners die alles klaarzetten, maar dat is allang verdwenen.” Zelfs als ervaren docent kost voorbereiden tijd: “Je voelt je verantwoordelijk voor je studenten en voor de kwaliteit. Je kunt niet half voorbereid voor 120 studenten een college geven. Dan word je diep ongelukkig, je moet er 100 procent staan, een tandje minder kan niet.” De administratieve werkload is ook toegenomen, zegt zij. “We werken met allerlei verschillende digitale systemen, dat is vaak een doolhof: beoordelingsformulieren, klassenlijsten, cijfervolgsystemen. Je moet alles zelf invoeren, uploaden en uitzoeken en als je dat bij 40 studenten moet doen, is dat stom en vervelend en helemaal niet mindful. En het heeft niets met de inhoud van mijn vak te maken.”

Begeleiding
De urentoekenning klopt gewoon niet, zegt Van Heerebeek. Dat beaamt John de Jong (62 jaar), docent aan de Hogeschool Utrecht. “De begeleiding van studenten bijvoorbeeld, kost veel meer tijd dan er over het algemeen voor staat. De tijd die je krijgt om werkstukken te beoordelen is ook krap en er is altijd de druk om dat snel te doen. Het komt vaak voor dat ik op zondag werk. Dat vind ik zelf niet leuk en het is ook belastend voor de mensen om mij heen.”
De caseload is veel zwaarder dan toen hij twintig jaar geleden als docent in het hbo begon, zegt De Jong. “Er is sprake van enorme verdichting: het aantal uren dat je lesgeeft en alles eromheen. Administratieve ondersteuning is duidelijk verminderd en veranderd; ik moet bijvoorbeeld zelf mijn studenten uit een excelsheet met driehonderd namen vissen om presentielijsten te kunnen maken. Dat gaat mijns inziens ten koste van de onderwijskwaliteit die we willen bieden.”
Je voelt je als docent verantwoordelijk voor je studenten, zegt Jesse van der Beele (41 jaar), docent pedagogiek bij Hogeschool Inholland. “Maar dan valt er een collega uit door ziekte en dan neem je het werk over. Anders is een student direct de dupe, die kan bijvoorbeeld niet op stage of loopt studievertraging op. Dus dat moet je vaak onderling oplossen.”
Ook mist hij weleens erkenning voor de zwaarte van het werk, zegt hij. “Dan wordt er vanuit het management gevraagd: kan jij dit er even bij doen? En dan zit ik werk van 69 studenten van feedback te voorzien. Dat is geen kwestie van ‘even’ een formuliertje invullen. Wees er eerlijk over dat goed werk leveren, tijd kost.”
Het begeleiden en opleiden van studenten is corebusiness en krijgt voorrang, zegt iedereen. Mieke van Heerebeek: “We willen als docenten veel, dat is ook waar. Die drang is er: nieuwe inzichten, onderzoeksresultaten of actuele gebeurtenissen wil je meenemen in je onderwijs. Dat maakt het voor je sectie en voor de studenten ook leuker, maar daar is vaak geen ruimte voor. Dus doe je dat in je eigen tijd.”
John de Jong: “Vroeger hadden we expertmeetings op ons eigen instituut, daar ging je met collega’s in gesprek over de inhoud. Die zijn er niet meer, daar is geen tijd en ruimte meer voor. Iedereen ervaart hoge werkdruk en uiteindelijk gaat de kwaliteit van het onderwijs achteruit.”

Strak rooster
Nienke Aalbers (26 jaar) werkt ruim twee jaar als docent op de opleiding Social Work aan de Hogeschool Utrecht. “Superleuk”, vindt ze. “Maar mijn takenpakket is tot op het uur gevuld. Ik weet zelfs al hoeveel mailbox-tijd ik heb dit jaar. Zo’n strak rooster, dat is toch niet normaal?” Het lukt haar inmiddels om haar lessen voor te bereiden in de tijd die ervoor staat. “Maar persoonlijke tijd voor een student zit nergens in mijn pakket. Terwijl er wel vier keer per week een student nog even met mij wil sparren. Dan zeg ik toch geen nee? Dat takenpakket is zo dichtgetimmerd, er is helemaal geen tijd voor onvoorziene zaken en daar zit het onderwijs juist vol mee.”
Ze werkt bij het nakijken nauw samen met een collega: “Dat scheelt veel tijd. We moeten in een aantal verschillende digitale systemen werken. Dat zal wel een reden hebben, maar het kost veel tijd en is absoluut niet procesgericht.”
“Toen ik hier drie jaar geleden binnenkwam, werd ik verwelkomd door mijn collega’s met de waarschuwing: pas op, je moet echt nee zeggen en niet alles willen doen. Ik dacht toen: wat is dat hier voor cultuur, wat zijn dit voor ongepassioneerde mensen? Ik vond dat echt heftig.” En nu? “Als je geen nee zegt, werk je altijd in het weekend en de vakanties.”
Jesse van der Beele: “Ik werk nu vijftien jaar in het hbo en ik merk dat het begeleiden van studenten meer tijd vraagt. De kamernood in Amsterdam is zo hoog dat veel studenten niet dichtbij school kunnen wonen. Een deel wil liever online een les bijwonen. Dat kan natuurlijk ook, maar het blended werken kost ons wel meer tijd en levert dus ook meer werkdruk op. Er zijn studenten die meer tijd nodig hebben om op het verwachte niveau te komen. Daar stop je ook meer uren in als docent. Ik houd van dit werk, ik werk hier met 35 slimme en bevlogen collega’s en we kunnen samen hele mooie dingen neerzetten, maar daar hebben we tijd voor nodig. We zijn altijd gehaast. Dat is zo jammer.”
{Kader}
Reactie Vereniging Hogescholen:
Maurice Limmen, voorzitter vh: “Werkdruk is per definitie een veelzijdig vraagstuk. Het punt staat geagendeerd voor de aankomende cao-onderhandelingen. Het is goed dat het daar aan de orde komt.”

Dit bericht delen:

© 2024 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.