• blad nr 1
  • 1-1-2023
  • auteur A. Kersten 
  • Redactioneel

 

Passend onderwijs leegt spaarpotten te langzaam

Het onderwijs bulkt van het geld, mede dankzij het Nationaal Programma Onderwijs (NPO). Ook voor passend onderwijs ligt er veel geld op de plank, blijkt uit een analyse.

Aan de Bijlmerdreef in Amsterdam-Zuidoost staat al jaren de grootste spaarpot voor passend onderwijs. Hier is het kantoor gevestigd van het Samenwerkingsverband VO Amsterdam-Diemen. Eind 2021 had de organisatie ruim 9 miljoen euro aan overtollige reserves op de bankrekening staan. Dat is in absolute zin veruit het meest van alle 151 regionale samenwerkingsverbanden voor passend primair en voortgezet onderwijs.
Geld moet natuurlijk zoveel mogelijk naar onderwijs, maar elke organisatie mag wat geld achter de hand houden om tegenvallers op te vangen. Om te berekenen hoeveel, voerde de Onderwijsinspectie een paar jaar geleden ‘signaleringswaardes’ in. Voor samenwerkingsverbanden is die risico-buffer gekoppeld aan de omvang van de inkomsten. Wat opmerkelijk is: terwijl de meeste samenwerkingsverbanden dat jaar heel voorzichtig begonnen hun spaarpotten open te breken, voegde de grootste oppotter juist 9 ton aan haar reserves toe. De komende jaren zal het gros alsnog voor onderwijs worden ingezet, belooft de instelling plechtig in haar jaarverslag.
Honderd kilometer zuidwaarts in Kaatsheuvel, op een steenworp van attractiepark De Efteling, is het Samenwerkingsverband PO Langstraat Heusden Altena gevestigd. Het is een van de kleinere organisaties voor passend onderwijs, maar met de grootste relatieve spaarpot van het land. Eind 2021 beheerde ze 2,2 miljoen euro aan nodeloze reserves, bijna negen keer zoveel als de tweeënhalve ton die geoorloofd is als risicobuffer. Het samenwerkingsverband is zich ‘bewust van de ongewenstheid van deze reserves’, aldus het jaarverslag. Het geeft aan de bovenmatige buffers de komende jaren alsnog in te gaan zetten om de groei van het speciaal onderwijs te keren.

Rammelend
Het is de vraag of ze daarvoor de tijd krijgen. Het geduld in politiek Den Haag is op, achtenhalf jaar na de invoering van passen onderwijs. Eind vorig jaar vroeg de Tweede Kamer minister Dennis Wiersma in te grijpen bij te rijke samenwerkingsverbanden. De minister deelt de frustratie, nadat uit een tussenrapportage was gebleken dat de organisaties hun spaarpotten toch weer langzamer legen dan ze zelf in een plan van aanpak hadden toegezegd. Eind 2021 lag er nog altijd 130 miljoen euro onnodig op de plank voor passend onderwijs, zo blijkt uit een overzicht dat het Onderwijsblad samenstelde*. Dat is trouwens 8 miljoen meer dan de minister per brief aan de Tweede Kamer berichtte.
De minister kreeg zijn cijfers aangeleverd door duo. Een pijnlijke constatering in een jaar waarin het onderwijs miljarden euro’s extra incasseerde: de uitvoeringsorganisatie bleek de financiële data niet op orde te hebben. Die jaarcijfers, aangeleverd door onderwijsinstellingen zelf, werden in eerste instantie met meer dan een maand vertraging openbaar gemaakt. Omdat er toch nog fouten opdoken, besloot DUO de overzichten na drie weken weer te vervangen.
De oorzaak van de rammelende data lijkt te liggen bij de invoering van een nieuw DUO-portaal waar instellingen hun jaarcijfers invullen. Een kleine rondgang langs onderwijsadministrateurs leert dat het nieuwe systeem vorig voorjaar verlaat werd opgeleverd, en dat het als ingewikkeld, en onoverzichtelijk werd ervaren. Een woordvoerder van DUO geeft desgevraagd toe dat de data-inzameling niet van een leien dakje is gegaan. “Het was deze keer extra zwaar voor de schoolbesturen, en trouwens ook voor DUO.”
De organisatie kwam na verschillende correctierondes met een disclaimer dat de meeste gegevens ‘van voldoende kwaliteit’ zouden moeten zijn. Toch ontdekte het Onderwijsblad nog een aantal flinke fouten in de jaarcijfers. Zo bleek het jaarresultaat bij het Zwijndrechtse Develstein College 10 miljoen euro te hoog en bij de Friese openbare scholengemeenschap Singelland juist 34 miljoen euro te laag. Al met al komt het sectoroverschot voor het voortgezet onderwijs daarmee ruim 20 miljoen euro hoger uit dan minister Wiersma aan de Tweede Kamer meldde.

Coronagelden
Een flink aandeel in dat sectoroverschot heeft de grootste scholengroep in het voortgezet onderwijs, Ons Middelbaar Onderwijs (OMO). Daar bleef maar liefst 48 miljoen over onder de streep, oftewel 7,5 procent van de inkomsten. Van alle onderwijssectoren droeg het voortgezet onderwijs het meeste bij aan het gigantische landelijke ‘overschot’ van ruim 1,7 miljard euro. Een groot deel daarvan valt toe te schrijven aan de extra NPO-miljoenen die schoolbesturen eind 2021 voor een heel schooljaar op de rekening kregen gestort. Dat geld kwam met stoom en kokend water beschikbaar voor het wegwerken van corona-achterstanden en mag over meerdere schooljaren worden uitgesmeerd.
Zo gaf OMO in 2021 zo’n 10 miljoen van het NPO-budget uit, het resterende bedrag van 31 miljoen euro is in een aparte reservepot geparkeerd. Dat is een chique manier om het specifieke doel in beeld te houden. Gelukkig doen meer onderwijsinstellingen dat. Toch verdwijnt een deel van de coronagelden in de jaarstukken op de grote hoop. Later dit jaar zal uit de nieuwe jaarcijfers over 2022 blijken of dat geld weer echt van de bank af komt. Tegen die tijd moet er ook een wetsvoorstel op tafel liggen om de echt overmatige spaarpotten eindelijk aan te gaan pakken. Het is te hopen dat DUO de cijfers dan wel weer voor elkaar heeft, en ze op tijd naar buiten brengt.

Kijk op AOb.nl voor een complete lijst met reserves per samenwerkingsverband.

[kader]
Spaarpotten per onderwijssector
Alle schoolbesturen samen ontvingen in 2021 bijna 42,5 miljard euro aan inkomsten. Dat is 3,7 miljard meer dan het jaar ervoor, mede dankzij extra geld uit het Nationaal Programma Onderwijs. Van alle inkomsten hielden de schoolbesturen eind 2021 samen 1,77 miljard euro over. De bedoeling is dat dit geld de jaren erna alsnog wordt ingezet.

Het primair onderwijs had in 2021 de hoogste inkomsten…
po 12,6 miljard
vo 10,0 miljard
mbo 6,0 miljard
hbo 5,3 miljard
wo 8,6 miljard
totaal 42,5 miljard


… maar het voortgezet onderwijs hield het meeste geld over
po: 484 miljoen
vo: 563 miljoen
mbo: 243 miljoen
hbo: 273 miljoen
wo: 207 miljoen
totaal 1,77 miljard

Dit bericht delen:

© 2024 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.