• blad nr 2
  • 1-2-2022
  • auteur M. Lange 
  • Redactioneel

 

Overstap vso naar voortgezet onderwijs is complex

Een nieuwe wet is in de maak waardoor het voortgezet speciaal onderwijs (vso) voortaan valt onder de cao en wetgeving van het voortgezet onderwijs. Docenten zijn blij, maar hebben ook zorgen over hun bevoegdheden.

Op de school van docent Nanda van Hoek waren er bloemen en taart. Het nieuws dat in een nieuwe wet, die nog gemaakt moet worden, het voortgezet speciaal onderwijs (vso) voortaan zal vallen onder de cao en wetgeving van het voortgezet onderwijs (vo), hebben docenten, directie en leerlingen van het Amersfoortse Axia College samen gevierd. Dit is een opsteker voor iedereen, vindt Van Hoek, allereerst voor de leerlingen. “Er rust best wel een stigma op het speciaal onderwijs, leerlingen houden vaak verborgen dat ze op het vso zitten. Ze ervaren het als minder, mede omdat ze vaak geen vakdocenten hebben. Het voelt raar dat hun school valt onder het primair onderwijs (po).”
Op het Axia College zijn die vakdocenten er wel. Van Hoek geeft biologie. Het feit dat politici in Den Haag over hun opleiding praten is voor haar leerlingen op zichzelf al een vorm van erkenning. “Het sterkt ze in hun eigenwaarde”, zegt Van Hoek.
De leerlingen op het Axia College zitten op vmbo, mavo, havo of vwo, ze hebben ambities en dromen, en tegelijkertijd moeten ze zien te ‘dealen’ met een psychische stoornis of met gedragsproblemen. Een deel van de leerlingen is gediagnosticeerd met een vorm van autisme. Sommige leerlingen trekken zich bij tegenslag of frustratie terug in een hoekje, anderen worden boos. Voor al deze leerlingen is er naast de reguliere vakken extra begeleiding, ondersteuning en aandacht. Het vso is de verzamelnaam voor opleidingen voor kinderen met een gedragsproblemen, langdurige ziekte, leerstoornis of handicap. Veel van deze leerlingen kunnen een gewoon diploma voor vmbo, havo of vwo halen, dankzij extra hulp en kleine groepen. Een ander deel wordt opgeleid tot een beroep of heeft als uitstroom dagbegeleiding.

Petitie
Tot nu toe vallen alle scholen in het voortgezet speciaal onderwijs onder de cao en wetgeving van het po. Dat is veel scholen al lang een doorn in het oog. Vandaar dat de actiegroep Van vso naar vo vorig jaar een petitie met twintigduizend handtekeningen heeft aangeboden bij het ministerie van Onderwijs. Nanda van Hoek is één van de kartrekkers. “In het vso kan een leraar met een pabo-opleiding lesgeven in vijf havo. Eén en dezelfde leraar moet de leerlingen dan voorbereiden op de examens biologie, wiskunde, noem maar op.”
Ze vindt dat een groot onrecht. “Alle leerlingen hebben recht op goed onderwijs, en in het geval van vmbo, mavo, havo en vwo-leerlingen betekent dat een vakdocent.” Maar voor scholen is het tot nu toe moeilijk om vakdocenten aan te trekken onder de cao po, omdat ze veel minder lesvoorbereidingstijd hebben, meer uren moeten lesgeven en betaald worden als basisschoolleraar, soms een paar honderd euro minder dan een docent op een reguliere middelbare school.”

Opgelucht
Van Hoek is opgelucht dat de overgang nu wettelijk geregeld gaat worden. Wel beseft ze dat het nieuws het best zal vallen op scholen die, zoals het Axia, opleiden tot een diploma en die al langer bezig zijn om een team van vakdocenten op te bouwen. “Op onze school werken veel docenten met een eerste en tweedegraads bevoegdheid. Onder de nieuwe cao en wetgeving hebben we meer lesvoorbereidingstijd, worden we beter betaald en - heel belangrijk - mogen we zelf examens afnemen en nakijken.”
Andere scholen zullen de overgang spannend vinden. Wat als
leerlingen straks elk lesblok van lokaal moeten wisselen en leskrijgen van een andere docent? “Op onze school laten we zien dat het wel kan”, zegt ze stellig. “De leerlingen van het vso stromen uit naar reguliere vervolgopleidingen en als je al die tijd de leerlingen in één klaslokaal houdt met één leraar laat je ze niet wennen aan de vervolgopleiding, met misschien wel veel uitval van leerlingen uit het vso daar als gevolg.”
Op het Axia zitten enkele leerlingen die de wisseling van leraar en lokaal inderdaad niet aankunnen. Zij zitten in een aparte parallelklas. Van Hoek: “Voor deze leerlingen is het oké als ze in het vaste lokaal blijven zitten, maar ze kunnen af en toe oefenen om toch met de andere leerlingen mee te lopen. Op sommige andere scholen is het een automatisme dat de leerlingen altijd in dezelfde ruimte zitten.”
Bij de overgang van vso naar vo moet volgens Van Hoek goed gekeken worden naar drie overgangsmaatregelen. Zo moet er een uitzondering gemaakt worden voor leerlingen die een wisseling van klaslokaal en docent echt niet aankunnen. Als tweede moet er rekening gehouden worden met scholen met een beperkt aantal leerlingen, zoals psychiatrische klinieken of justitiële instellingen. “Daar kun je niet acht vakdocenten elke dag invliegen, maar je zou aan afstandsonderwijs kunnen denken of aan een vakdocent die zijdelings betrokken is.”
Tenslotte moet er een goede overgangsregeling komen voor docenten die niet de juiste bevoegdheid hebben om in het vo les te geven. Hierover ontving de AOb bezorgde vragen. Zo vraagt een vso-docent met een pabodiploma en een master Special Educational Needs zich af ze straks een tweedegraads bevoegdheid nodig heeft. Marieke Jansma, beleidsmedewerker van de AOb, zegt dat er niet à la minute iets zal veranderen. Voordat het vso definitief bij het vo zal horen, zijn er nog veel stappen te zetten. “Een bevoegdheid is niet één op één gekoppeld aan de sector”, voegt ze eraan toe. “Zo geeft de pabo ook de bevoegdheid af om een heel aantal vakken in het praktijkonderwijs te geven en het praktijkonderwijs valt ook onder het vso.”
Jansma ziet al langer dat de pabo niet goed aansluit op het vso. “Uit verschillende AOb-enquêtes komt steeds naar voren dat de pabo vooral voorbereidt op groep 3 tot en met 8, maar minder op het speciaal onderwijs. In het vso heb je te maken met twaalfplussers, dat komt niet goed overeen met de opleiding van de pabo. Daar zou ook iets aan gedaan moeten worden, dit is een mooie kans om daar aandacht voor te vragen.”

Wiskunde
In het vso mag je nu lesgeven met een pabo-diploma. Henk Vegter is tweedegraads docent wiskunde aan een vso-school in Lelystad voor havo en vwo. Op zijn school werken ze met zoveel mogelijk eerste- en tweedegraads docenten. “Leerlingen uit de hele regio komen naar onze school omdat we het zo goed doen. De mentoren en vakdocenten vormen samen een goed team, met hart en ziel zijn we er voor de leerlingen.”
Vegter is ook examinator voor het staatsexamen. Leerlingen van het vso mogen niet meedoen met de schoolexamens omdat het vso is ondergebracht bij het po, ze moeten staatsexamens doen. Vegter ziet als examinator het niveau van leerlingen zakken als ze les krijgen van paboleraren. “Iemand kan niet alle vakken op havoniveau voor het examen voorbereiden.”
Toch hoeven niet alle paboleraren straks te vrezen, denkt ook Vegter. “Er zijn pabodocenten die gewoon heel goed zijn in wiskunde en pedagogisch goed zijn. Die docenten zouden op basis van een portfolio of een verkort traject van bijscholing een bevoegdheid kunnen krijgen.”
Voor het deel van het speciaal onderwijs dat praktijkgericht opleidt, is en blijft een pabobevoegdheid voldoende. “Paboleraren in praktijkgerichte opleidingen krijgen straks wel meer tijd en waardering”, zegt Vegter. “Terecht, want het zijn heel zware beroepen.” Ook leraren met een pabo-opleiding die als mentor voor de groep staan kunnen volgens Vegter hun functie behouden. “Alleen als ze ook vaklessen geven, moet er een overgangsregeling komen zodat ze ook bevoegd zijn die te geven.”

{streamers}
‘In het vso kan een leraar met een pabo-opleiding lesgeven in vijf havo’
‘Een bevoegdheid is niet één op één gekoppeld aan de sector’

{fotobijschriften}
Nanda van Hoek, docent biologie op het Axia College is blij dat het nieuwe kabinet het voortgezet speciaal onderwijs qua wetgeving en cao wil onderbrengen bij het voortgezet onderwijs.

De foto’s zijn gemaakt in het najaar van 2020. Door een corona-uitbraak kon onze fotograaf de school in januari van dit jaar niet opnieuw bezoeken.

Dit bericht delen:

© 2022 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.