• blad nr 8
  • 1-9-2021
  • auteur M. Lange 
  • Redactioneel

 

Gluren bij de buren

Vlaamse startende docenten worden verleid om in Nederland les te komen geven. Betere salarissen, een meer open cultuur en meer kans op bijscholing.

Niet alleen Nederland kampt met een tekort aan leraren, in België is het niet anders. In Brusselse straten hangen spandoeken met wervende teksten als ‘Juf Mart zoekt toffe collega’s’ en ‘Word leerkracht in Brussel’. Volgens Stijn Buysschaert, opleidingshoofd van de lerarenopleiding van hogeschool Odisee uit Sint-Niklaas, vinden Vlaamse jongeren, net als die in Nederland, het beroep van leraar niet erg aantrekkelijk. “Jongeren vinden het onderwijs niet werelds genoeg.”
De komende twee jaar kunnen niet meer alle vacatures in Vlaanderen opgevuld worden, schat het opleidingshoofd in. Toch vissen Nederlandse scholen maar al te graag in de vijver van startende leraren in Vlaanderen. Ze kijken zelfs al rond op de lerarenopleiding. De toch al krappe markt, wordt zo nog verder uitgedund. Buysschaert geeft een voorbeeld: “Sint-Niklaas ligt dicht bij Nederland. We werken samen met een school in Hulst over de grens, als stageplaats. Twee leraren van ons zijn er nu aan de slag.”
Net afgestudeerde of startende docenten worden via advertenties in Vlaamse kranten, via symposia of sociale media over de grens gelokt. Naar Zeeland bijvoorbeeld, waar het platform Lesgeven in Zeeland probeert vacatures op te vullen in alle lagen van het onderwijs. Net voor de zomer stonden in heel Zeeland nog vijftig vacatures open. Toch wel iets om buikpuin van te krijgen, beaamt docent en ambassadeur van Lesgeven in Zeeland, Gorik Hageman. Normaal gesproken is voor de zomervakantie de formatie rond.
Dat er nu over de grens wordt gekeken, vindt Hageman heel normaal. Hij groeide op aan de Nederlandse kant van het grensdorp Clinge in Zeeuws-Vlaanderen. Hij ging naar de basisschool in België waar zijn tante werkte. “Ik heb in mijn jeugd nooit gevoeld dat die grens een rol speelde. Het was voor mij heel gewoon om hem over te steken.” Volgens hem is het in Zeeland ook helemaal niet raar om een Vlaamse leraar voor de klas te hebben staan. Het Vlaamse accent valt nauwelijks op. Het is bovendien van alle tijden, denkt hij. Zie zijn tante. En: “Achttien jaar geleden had ik een collega die aan beide kanten werkte en later directeur werd van een middelbare school in België, omdat hij de goede dingen van het Nederlandse onderwijssysteem daar kon introduceren.”
Het actieve werven over de grens is wel nieuw. Al gaat dat werven niet alleen maar richting Vlaanderen. Ook wordt, althans door de Zeelanders, het vizier gericht op Rotterdam of Brabant. Corona helpt daar misschien bij, zegt Hageman. Als je in Rotterdam op 70 m2 zit, dan kun je in Zeeland groter, groener en goedkoper wonen. Zo proberen ze Zeeland op de kaart te zetten.

Wisselwerking
Dat Nederlandse scholen in Vlaanderen komen shoppen, zien de Belgen niet per se als een probleem. Misschien schuilt er zelfs een voordeel in, oppert Marc Hermans, departementshoofd van PXL-Education, een hogeschool in Hasselt met een lerarenopleiding van bijna tweeduizend studenten. “Landsgrenzen bestaan niet meer, we zijn Europa en diploma’s zijn gelijkwaardig. Ik ben er blij mee dat er wisselwerking is tussen landen, want het houdt ons scherp.” Hermans vindt dat Vlaamse scholen moeten zorgen dat ze aantrekkelijk zijn voor startende docenten. “We moeten ons blijven afvragen waarom gaan onze leraren naar Nederland?” Hij heeft er wel een idee van. De eerste reden is volgens hem simpel: voor zijn studenten, die veelal uit Belgisch Limburg komen, is Nederland dichterbij dan Brussel en is lesgeven in een wereldstad als Brussel met veel nationaliteiten doorgaans ingewikkelder dan lesgeven op een dorpsschool in Nederland. Bovendien is de verloning in Nederland iets hoger. Een starter verdient in Nederland iets meer dan in België. Ook heb je in Nederland, in vergelijking met België, meer kans op een fulltime-opdracht met blijvende werkzekerheid op één en dezelfde school.
Maar het belangrijkste verschil is volgens Hermans dat Nederlandse scholen de mogelijkheid bieden om binnen de aanstelling extra opleidingen te volgen. “In België bestaat dat nog niet, zeker niet binnen het takenpakket. Als wij ons willen professionaliseren, dan moet dat buiten je aanstelling en moet je dat meestal zelf betalen.”
Het actieve werven over de grens is niet alleen maar eenrichtingsverkeer. Zo’n acht jaar geleden had Zeeland last van krimp en moest een aantal basisscholen samengaan en enkele scholen sloten de deuren. Toen zijn er afspraken gemaakt met de Vlaamse overheid om te kijken of er over de grens plekken beschikbaar waren voor Nederlandse leerkrachten. Dat is toen gelukt. Hageman: “We zitten nu nog steeds met de Vlaamse overheid aan tafel. Nu niet omdat er een overschot is, maar om te zien hoe we samen kunnen opgaan om het tekort aan leraren tegen te gaan.”
Ook Buysschaert ziet een duidelijke wisselwerking. “Dat een achttienjarige niet zo snel voor het onderwijs kiest, is een gezamenlijk probleem van Vlaanderen en van Nederland. We moeten ze het beste zien te bieden.” Zijn Vlaamse studenten gaan op stage in Nederland om het onderwijssysteem te leren kennen. Anderzijds zijn er zo’n tien tot twintig Nederlandse studenten op zijn school, onderwijsassistenten bijvoorbeeld, die een trapje hoger willen en een bevoegdheid willen halen om zelfstandig les te geven.

Spanning
Eén van de leerkrachten die dit nieuwe schooljaar over de grens in Nederland aan de slag gaat, is Sabrina De Meyer. Zij is opgegroeid in Antwerpen, maar woont nu met haar gezin in De Klinge, een langgerekt dorp dat doorsneden wordt door de grens. Het Vlaamse De Klinge grenst aan het Nederlandse Clinge. Alhoewel haar nieuwe school in het Nederlands Axel dichterbij is dan de school waar ze vorig jaar lesgaf in België, ervaart ze de overstap als een groot avontuur.
“Ik heb eerst in de thuiszorg gewerkt en ben pas aan de lerarenopleiding begonnen toen ik al een gezin had. Ik moet een hypotheek betalen en een jong gezin mee onderhouden. In Vlaanderen weet je jarenlang niet waar je aan het werk kunt. Het afgelopen jaar had ik geen eigen klas en heb ik op de hele school in alle klassen ingevallen, dat is leerzaam, maar ik kijk toch uit naar een eigen groep. In Vlaanderen was ik niet zeker of dat zou lukken.” Volgens De Meyer leggen ze de ‘vacature-puzzel’ sowieso pas eind augustus, waardoor ze vorige zomer de hele vakantie in spanning zat of ze een baan zou hebben. In Nederland kon ze tot haar opluchting het contract al tekenen voor de zomer.
De verschillen zijn groot, ervaart ze nu al, terwijl het schooljaar amper is begonnen. Door collega’s is ze al uitgenodigd voor een etentje. Zoiets zou in Vlaanderen nog niet na één jaar op een school zijn gebeurd, zegt ze. Al voor de zomer had ze haar inlogcodes en kopieerkaart. In Vlaanderen zou ze dat allemaal zelf en later moeten gaan regelen. In het urenrooster heeft ze wel iets ontdekt dat ze in Vlaanderen prettiger vindt. In Vlaanderen zijn alle lesuren opgedeeld in 50 of 25 minuten, in het Nederlandse rooster zitten taken van 15, 20, 25, 30, 35 minuten enz. “Het geeft mij nu nog meer rust en zekerheid om aan de Vlaamse indeling vast te houden. Op termijn zal ik ook de voordelen proberen te ontdekken van de Nederlandse indeling.”

Hiërarchie
Vlaamse starters worden de grens over gelokt met een beter salaris. Of de betaling echt beter is, is volgens De Meyer nog maar te bezien. “Dat vind ik wel een beetje gek. Ze maken er veel reclame voor, maar ik denk dat ik op hetzelfde of zelfs iets minder loon uitkom. Ik moet bijvoorbeeld zorgkosten gaan betalen.”
Volgens Hageman verdien je als Vlaamse leerkracht in Nederland ietsjes meer.“Je verdient meer, maar je betaalt ook meer, zoals ziektekosten. In je beginjaren zit er daardoor niet veel verschil in inkomen. Het belastingvoordeel gaat pas na twee jaar in.”
Hageman denkt dat niet per se een hoger loon Vlaamse aanwas kan lokken, maar vooral het Nederlandse schoolsysteem. “Als docent heb je meer eigen inbreng op Nederlandse scholen. Hier is minder hiërarchie. In België is de directeur Meneer de directeur, in Nederland is het gewoon Piet of Ria. Als het Nederlandse schoolsysteem je beter bevalt, kun je hier een gelukkiger docent worden.”

Dit bericht delen:

© 2021 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.