• blad nr 4
  • 1-4-2021
  • auteur J. Poortvliet 
  • Redactioneel

 

Nog steeds te weinig mbo-docenten in schaal LC


Ongeveer twee derde van de mbo-docenten in de Randstad zou al jaren in schaal LC moeten zitten. Toch haalt het gros dat niet. Sterker nog: sinds een paar jaar neemt het aandeel in LC weer rap af en in LB fors toe. Een nieuwe cao moet de trend doorbreken.

Yasar Temur is er inmiddels wel klaar mee. Kersverse collega’s met nauwelijks werkervaring worden in salarisschaal LC benoemd en Temur komt er met zijn achttien jaar ervaring maar niet in. “Het is te triest voor woorden. Ik ben al jaren mentor, op dit moment zelfs van drie klassen. Ik zit volop in de lessen: ik ben vakdocent elektrotechniek, docent burgerschap en docent keuzedelen. Maar ik ben ook rekenexpert, ontwikkel lesmateriaal, help mee met onderwijsplan en heb drie stagiairs begeleid.”
Temur, werkzaam op het Techniek College Rotterdam, heeft een indrukwekkend portfolio met taken en cursussen naast het lesgeven. Dat overzicht legt hij geregeld aan zijn teamleider voor. Zonder resultaat. Temur: “Dan wordt er gedreigd: We gaan naar je jaartaak kijken. Maar ik wil niet nog meer extra taken. Ik vind dat ik genoeg doe. Zeker om in aanmerking te komen voor schaal LC.”
Ook mbo-docent Tommy Derksen ervaart onduidelijkheid. “Als je me op de man af vraagt: Wat moet ik doen om in LC te komen? Ik weet het niet.” Derksen geeft les in financiële beroepen bij mbo Utrecht en volgt samen met een aantal collega’s een traject tot e-coach. Hij was al begonnen toen hij er zelf achter kwam dat voor e-coaching LC staat. Zijn teamleider wist van niets. “Ik merk op mijn school niet per se onwil, maar het is gewoon onduidelijk.”

Kentering
In het convenant Leerkracht uit 2008 werden onder andere afspraken gemaakt over de ‘functiemix’ in het mbo. Het aantal docenten met een LB-schaal zou verminderen, het aantal docenten in de schalen LC en hoger zou toenemen. Het Onderwijsblad analyseerde de mbo-cijfers uit de database Functiemix*. Daaruit blijkt dat in heel Nederland twee derde van de mbo-instellingen in 2019 naar rato minder docenten in schaal LC heeft dan in 2014. Gemiddeld nam het aandeel LC in deze periode met 8 procent af, met uitschieters tot 23 procent. Acht van de 63 mbo-instellingen doen het in 2019 beter dan in 2014. Bij één is de verhouding gelijk gebleven.
2014 is een sleuteljaar in het LC-dossier, omdat mbo-instellingen in de Randstad waarvoor aparte afspraken zijn gemaakt dat jaar hun doel moesten bereiken met het geld uit de regeling salarismix. Toen de monitoring door het ministerie stopte, ebde de aandacht voor de afspraken weg. Dat concludeert onderzoeksbureau Oberon in een rapport over de regeling dat vlak voor de kerstvakantie verscheen.
Maar het geld vloeit nog steeds. Jaarlijks ontvangen 26 mbo’s in de Randstadregio’s bijna 50 miljoen euro extra om docenten een hoger salaris te betalen en de werkdruk te verlichten. 75 procent van dat bedrag is bedoeld voor de salarismix. Met de andere 25 procent moest de werkdruk omlaag. Oberon gaf zijn rapport optimistisch de titel Een gemengd succes mee, maar wie het onderzoek in duikt, ziet vooral een oncontroleerbaar rommeltje.

Ontraceerbaar
Een deel van de mbo-instellingen in de Randstadregio’s hoeveel meldt Oberon niet stuurde op de mix van salarissen die in 2008 in het convenant Leerkracht werd genoemd: 25 procent lb-docenten, 65 procent LC-docenten en 10 procent LD-docenten. Welke doelen de andere mbo’s voor ogen hadden, blijft onduidelijk. Het ministerie heeft geen overzicht, schrijven de onderzoekers. Oberon kreeg wel inzage in correspondentie tussen het ministerie en de instellingen. Deze bevatte zowel ‘telefonische en mail-discussie als formele brieven’ en ‘meerdere versies van plannen en doelstellingen’.
De promotie van docenten naar schaal LD ook een doel van de investering kon het onderzoeksbureau niet achterhalen. Dit komt omdat de helft van de mbo-instellingen teamleiders, managers en begeleiders in schaal LD plaatst die weinig tot niet lesgeven. Wat zorgt voor ‘een vertekening van de cijfers’. Verreweg de opvallendste conclusie uit het Oberon-onderzoek: over een kwart van het budget het geld bedoeld voor de werkdrukverlichting valt helemaal niets zinnigs te zeggen. Deze euro’s zijn ‘ontraceerbaar’, aldus Oberon.
Oberon rekent wel uit dat waar het in 2014 nog 15 van de 26 Randstad-instellingen lukt om hun eigen beoogde aandeel docenten in lc te krijgen, dat vier jaar later nog maar op tien instellingen het geval is. Bij mbo-instellingen buiten de Randstadregio’s zet deze downgrading al voor 2014 in.
Oud-bestuurder Rob Schuur gaf vanaf 1996 tot vorig jaar leiding aan Noorderpoort, een roc in de provincie Groningen. Ook zat hij tussen 2012 en 2016 namens de MBO-raad aan de onderhandelingstafel met de vakbonden. Schuur wil best reflecteren op de salarissituatie in het mbo en gaat daarvoor een flinke stap terug in de tijd. Hij denkt dat de oorspronkelijke fusies waaruit de mbo’s zijn voortgekomen in de jaren negentig, met de daarbij behorende bezuinigingen, nog steeds debet zijn aan het ‘onevenwichtige salarisgebouw’.
Nieuw ontstane roc’s zaten aanvankelijk met een te duur personeelsbestand, aldus Schuur. Om financieel te kunnen overleven werden jarenlang alleen maar docenten in schaal 10 (vandaag de dag lb) aangenomen, of instructeurs. “Tot we aan het begin van dit millennium bikkelhard op de feiten werden gedrukt: er ontstond een kwaliteitsprobleem.” Het ging niet goed met de examinering. Roc’s kwamen in een slecht daglicht te staan. Schuur: “Terugkijkend is het een-op-een: als je niet investeert in de kwaliteit van het onderwijsgevend personeel, dan laat je steken vallen op de kwaliteit van je onderwijs.”
Het alleen maar binnenhalen van instructeurs moest stoppen. “Dat speelde zo rond 2006-2010. Het waren de eerste tekenen van herstel.” Afgunstig richting de Randstad, waar de scholen vanaf 2008 miljoenen kregen voor de salarismix, was Schuur niet. “De situatie in de regio is anders. Vastgoed is bijvoorbeeld in de Randstad veel duurder.” Wel keek hij met enige jaloezie naar de financiële positie van sommige vakinstellingen. “Zij worden bekostigd, maar daarnaast soms ook door een bedrijfstak flink gesubsidieerd.”
In de top vijf van mbo-instellingen met het hoogste aandeel docenten in LC staan inderdaad twee vakinstellingen. Ook de meeste andere vakinstellingen doen het qua salarismix aardig. lc’ers zijn doorgaans het minst te vinden op aoc’s: de mbo-instellingen die opleiden tot ‘groene’ beroepen.

Carrière
Terug naar de analyse. Want waarom wil het ook afgelopen tien jaar maar niet vlotten met die opschaling? In het Oberon-rapport voeren Randstad-bestuurders het hoge verloop van personeel aan. Starters zouden standaard in lb komen in tegenstelling overigens tot wat docent Yasar Temur beweert. En vervangt een lb-docent een lc- of ld-docent, dan komt er niet altijd een plek vrij voor een ander in een hogere schaal, signaleren de onderzoekers.
Werkgevers wijzen ook op een gebrek aan animo bij LB-docenten voor een promotie, vanwege de eisen die de mbo’s zelf hebben geformuleerd. ‘Gewoon een goede docent zijn’ is bij drie kwart van de Randstad-instellingen onvoldoende grond voor een hogere salarisschaal, concludeert Oberon.
Minister Ingrid van Engelshoven zei in januari nog zeer ontevreden te zijn over de regeling salarismix. Ze wil dat nu ‘echt wordt waargemaakt wat we allemaal wilden, namelijk meer mensen in hogere schalen’. Wordt dat in de cao niet voldoende hard afgesproken, ‘dan moeten we echt met elkaar een ander pad op’, aldus de minister.
Aan dat akkoord wordt flink gewerkt. “We hebben vorig jaar al vastgelegd dat er een nieuwe constructie moet komen voor carrièreperspectieven in het mbo, via de cao”, laat AOb-bestuurder Tamar van Gelder weten. De AOb vindt dat lc de spilfunctie moet zijn van een docent in het mbo. “De omvangrijke opdracht van het opleiden van studenten in het mbo verdient dat”, aldus Van Gelder. De huidige cao-mbo loopt nog een dikke maand, tot 15 mei.
Ook Schuur vindt inmiddels “maar dat is echt iets van de laatste paar jaar” dat LC de kernfunctie voor mbo-docenten moet zijn. Wat betekent dat eigenlijk, kern- of spilfunctie? Schuur: “Dat lb een aanloopschaal wordt voor starters. En dat je bij normaal functioneren na een jaar of acht à negen als je lb doorlopen hebt>Y> in schaal lc komt.”
Als dat zijn visie is, waarom kon Schuur dan Noorderpoort niet aan een hoger aandeel LC-docenten helpen? Het Groningse roc schommelt de laatste jaren rond een aandeel van 30 procent. Dat is onder het gemiddelde, zelfs van mbo’s buiten de Randstad. Schuur: “Het was bij ons best een ingewikkeld traject om te promoveren naar lc. En afgelopen vijf jaar is de helft van het personeelsbestand met pensioen gegaan. Daar krijg je veel nieuwe aanwas voor terug, die starten doorgaans in lb.”

Berg
Intussen geeft docent Yasar Temur het op. “Het is alsof ik een berg moet beklimmen met de verkeerde schoenen aan.” Het gaat hem niet om het geld dat een promotie met zich meebrengt. “Wat zal het zijn: honderd euro bruto per maand? Natuurlijk is dat fijn. Maar voor mij is de erkenning en de waardering van wat ik doe het belangrijkste. Op papier klopt het allemaal, die promotietrajecten, maar in de praktijk riekt het naar vriendjespolitiek.”

{noot}
*) Bron: database.functiemix.nl. Dertien van de 63 mbo-instellingen vermeld in de database Functiemix hebben geen cijfers gedeeld over 2014 dan wel 2019

{kader 1, op eerste twee pagina’s, grafiekje}
Aandeel mbo-docenten in LC
In de Randstad
2008: 37 procent, 2014: 53 procent, 2019: 47 procent
Buiten de Randstad
2008: 51 procent, 2014: 45 procent, 2019: 38 procent

{kader}
Scholen met het hoogste aandeel docenten in LC in 2019
Grafisch Lyceum Utrecht (vakinstelling)
77 procent
Nimeto Utrecht (vakinstelling)
73 procent
ROC Friese Poort
72 procent
De Rooi Pannen
63 procent
ROC Menso Alting
62 procent

Scholen met het laagste aandeel docenten in lc in 2019
Helicon (aoc)
13 procent
Terra (aoc)
14 procent
Zone.college (aoc)
19 procent
ROC Ter AA
22 procent
ROC de Leijgraaf
22 procent

Scholen met het snelst groeiende aandeel LC-docenten tussen 2014 en 2019
Clusius College (aoc)
Ging van 23 naar 31 procent
Summa College
Ging van 35 naar 40 procent
Grafisch Lyceum R'dam
Ging van 58 naar 62 procent
Terra (aoc)
Ging van 12 naar 14 procent
ROC Friese Poort
Ging van 70 naar 72 procent

Scholen met het snelst zakkende aandeel LC-docenten tussen 2014 en 2019
MBO Amersfoort
Ging van 62 naar 39 procent
ROC Friesland College
Ging van 77 naar 55 procent
ROC West-Brabant
Ging van 74 naar 53 procent
Cibap (vakinstelling)
Ging van 51 naar 31 procent
ROC Gilde Opleidingen
Ging van 54 naar 34 procent

Benieuwd hoe jouw school het doet? Check het op database.functiemix.nl

Dit bericht delen:

© 2024 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.