• blad nr 4
  • 1-4-2021
  • auteur R. Voorwinden 
  • Redactioneel

 

De brugklas wordt steeds smaller


In de grote steden worden leerlingen steeds vroeger voorgesorteerd voor één onderwijssoort. En dat gaat ten koste van kinderen uit kansarme milieus. De gemeente Amsterdam probeert het tij te keren met een ‘brede brugklas-bonus’.

Er ontstaat een kloof in de samenleving. En die begint al in het voortgezet onderwijs. Aan de ene kant van het ravijn staat de school voor havo of vwo, vooral voor de kinderen van hoger opgeleide ouders. Aan de andere kant staat de school voor vmbo. Leerlingen van beide scholen komen in twee heel verschillende bubbels terecht, waar ze de rest van hun leven niet meer uit komen.
Dat beeld rijst op uit het rapport Samen of gescheiden naar school dat het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) februari dit jaar uitbracht. En dat moet anders, vindt het scp. Het voortgezet onderwijs moet een plek zijn waar kinderen uit verschillende sociale milieus elkaar ontmoeten, zodat ze leren omgaan met sociale en culturele verschillen. En waar laatbloeiers de kans krijgen om nog op een hoger onderwijsniveau terecht te komen.
Dat zou bij uitstek lukken in brede scholengemeenschappen en brede brugklassen, waar de kinderen uit verschillende milieus bij elkaar in de klas zitten. De trend is echter precies andersom. Het aantal brede scholengemeenschappen en brede brugklassen slinkt in de grote steden. Waardoor leerlingen ook steeds vroeger op één onderwijsniveau worden geplaatst.
De teloorgang van de brede brugklassen komt door de wet van vraag en aanbod, concluderen de onderzoekers van het SCP na gesprekken met schoolleiders, docenten en ouders. Want schoolbesturen spelen in op de wens van ouders, en de hoger opgeleide ouders willen ‘een school zonder gedoe’, zoals een van die ouders het samenvatte. Gedreven door die wens proberen schoolbesturen hun afdelingen havo en vwo steeds vaker fysiek te scheiden van het vmbo.
Dat lukt volgens het SCP in de grote stad beter dan op het platteland. Want op het platteland is de bevolkingsdichtheid minder, daar zijn brede brugklassen noodzakelijk omdat de leerlingenaantallen per onderwijssoort anders te laag worden. Maar in de grote stad ligt dat anders en worden de onderwijssoorten steeds vaker van elkaar gescheiden.
De makkelijkste manier om die scheiding voor elkaar te krijgen is door de beide onderwijssoorten op verschillende locaties onder te brengen. Maar als vwo, havo en vmbo noodgedwongen toch in hetzelfde gebouwencomplex zitten, zijn er creatieve oplossingen om te voorkomen dat de groepen leerlingen met elkaar in contact komen. Zoals, zo merkte het SCP, gescheiden pauzes voor vmbo’ers en havo/vwo’ers, muren tussen twee afdelingen of het afsluiten van een verbindingstunnel tussen twee vleugels van een gebouw.

Sprong voorwaarts
Naast ouders en schoolbesturen spelen docenten een rol in de versmalling van het voortgezet onderwijs, zegt het SCP. Die docenten onderkennen, aan de ene kant, de socialiserende functie van onderwijs. En docenten weten heel goed dat die functie gebaat is bij contact tussen sociale groepen van diverse niveaus. Docenten worden echter niet afgerekend op socialisatie van de leerlingen, maar op kennisoverdracht. En die overdracht gaat makkelijker in een meer homogeen samengestelde klas.
Wie op dit punt van het rapport van het SCP is aangeland, verwacht dat de onderzoekers een voorstel gaan doen voor een ingrijpende wijziging van het onderwijsstelsel. Want er lijken forse maatregelen nodig te zijn om het principe te doorbreken waarmee ouders, bestuurders en docenten elkaar met de beste bedoelingen gevangen houden. Weg met al die hekken en die muren tussen onderwijstypen, maak ruimte voor brede scholen en brede brugklassen.
Zo’n voorstel zou niet uit de lucht komen vallen. Want er is de afgelopen jaren ook uit andere hoeken kritiek geuit op de Nederlandse smalle brugklassen. ‘Vroege selectie leidt tot grotere ongelijkheid in schoolprestaties tussen leerlingen uit verschillende sociale milieus’, schreven universitair docenten Louise Elffers en Thijs Bol vorig jaar bijvoorbeeld in de Volkskrant.
Promovenda Lotte Scheeren deed vorig jaar in Trouw een duit in het zakje met haar bevindingen. ‘Als Nederlandse meisjes hun keuze voor de middelbare school niet op twaalfjarige, maar bijvoorbeeld op veertienjarige (zoals in Italië) of zelfs zestienjarige leeftijd (in Zweden en Finland) zouden mogen maken, dan is de kans groot dat zij op een hoger schoolniveau uitkomen.’ De grootste sprong voorwaarts zouden we volgens de promovenda aantreffen bij meisjes uit migrantengezinnen en achterstandsmilieus.
Ook de rijksoverheid heeft problemen met het vroeger selecteren van leerlingen. ‘Door het afgenomen aanbod van brede brugklassen bestaat het risico dat kinderen een diploma halen dat onder hun potentiële capaciteit ligt’, meldt het rapport Fundament op orde uit 2020.
En wie zelf munitie nodig heeft om de tweedeling in het onderwijs aan de kaak te stellen, kan natuurlijk de documentaire Klassen nog eens terugkijken eind vorig jaar op de npo.
Het SCP schrikt echter toch terug voor een grote wijziging van het onderwijsstelsel. Daarvoor zijn verschillende redenen, zegt onderzoeker Monique Turkenburg. In de eerste plaats is het scp in het algemeen huiverig voor stelselwijzigingen in het onderwijs, omdat deze in het verleden niet altijd goede resultaten hebben opgeleverd. Bovendien is deze tijd van corona-achterstanden niet echt de beste periode om het hele stelsel overhoop te gooien. Verder speelt het probleem van het smaller wordende onderwijs zoals gezegd vooral in de grote steden. “Buiten de grote steden komen de vwo’er en de vmbo’er elkaar nog wel tegen op school”, zegt Turkenburg. “Het blijft natuurlijk de vraag of ze ook met elkaar omgaan, maar ze zitten in elk geval in hetzelfde gebouw.”

Idioot
Het SCP kiest daarom voor een andere methode om de scholen en brugklassen in de steden weer te verbreden. Turkenburg: “Gemeenten kunnen bestuurders aanspreken op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid. En gemeenten zouden, met een goed verhaal, ook ouders kunnen meenemen om wat breder te denken.” Ten slotte kunnen gemeenten brede scholen en brede brugklassen ondersteunen via de bekostigingsvoorwaarden.
Dat is makkelijk gezegd, vindt wethouder Marjolein Moorman van de gemeente Amsterdam. Want het ontbreekt gemeenten aan invloed bij de scholen. “Gemeenten hebben heel weinig ruimte om te sturen. Het beleid wordt grotendeels door de rijksoverheid bepaald, of decentraal door de scholen zelf.”
Toch probeert wethouder Moorman, tevens bekend uit de documentaire Klassen, al te doen wat het SCP adviseert: sturen via de bekostigingsvoorwaarden. Er is sinds kort een Amsterdamse ‘brede brugklas-bonus’ van 155 duizend euro per jaar voor scholen die zo’n brugklas aanbieden. Scholen kunnen dit geld gebruiken voor bijvoorbeeld ondersteuning van docenten. “Je kunt niet zomaar zeggen: Hier heb je een brede brugklas, ga er maar les aan geven”, zegt Moorman. “Je moet altijd de docent, als professional, kunnen ondersteunen als daar behoefte aan is.”
Het probleem met de bonus is echter dat Amsterdam deze uit eigen zak moet betalen. “Het is eigenlijk idioot dat je hier als gemeente zelf geld voor moet uittrekken”, zegt Moorman. “Dat moet op landelijk niveau gebeuren.”
Is er dan toch niet een stelselwijziging nodig? Moorman sluit het niet uit. “Van zo’n wijziging raakt iedereen altijd in paniek, maar laten we gewoon eens kijken wat we van andere landen kunnen leren. Veel Europese landen selecteren de leerlingen later of over minder onderwijsniveaus dan wij in Nederland. Onze vroege selectie en het smaller wordende aanbod bevordert het uit elkaar drijven van groepen in de maatschappij en het ontstaan van een klassensamenleving. Laten daar het gesprek maar eens over aangaan.”

{kader}
Brede brugklassen in het regeerakkoord?
Hoe denken de politieke partijen over het uitstellen van de selectie van leerlingen? Het Sociaal en Cultureel Planbureau bracht dit in kaart in het rapport Kwesties voor het kiezen dat in maart verscheen.
‘Uitstel van selectie van leerlingen is een manier om de gelijkheid van kansen te bevorderen’, zegt het SCP. Verschillende politieke partijen sluiten hierop aan door te pleiten voor uitstel van die selectie. ‘Hetzij door het moment van selectie over de hele linie uit te stellen (D66, Denk, GroenLinks en de PvdA), hetzij in minder vergaande vorm door meer ruimte te bieden voor brugklassen die verschillende onderwijsniveaus combineren (cda en ChristenUnie).’
Ook het maatwerkdiploma waarbij leerlingen in verschillende vakken examen op verschillende niveaus kunnen doen is een vorm van uitstel van selectie, vindt het scp. ‘Dit maakt immers een flexibeler omgang met niveaus mogelijk. Voor een partij als de vvd is dit de enige vorm van uitstel die wordt bepleit.’ Verder is uitstel van selectie ‘vooral een voorkeur van partijen aan de linkerzijde en het midden van het politieke spectrum’.

Dit bericht delen:

© 2024 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.