- blad nr 1
- 1-1-2021
- auteur N. Wexler
- Opinie
Tekort basiskennis berokkent arme kinderen schade
Ondanks miljarden dollars aan investeringen en de inspanning van duizenden intelligente en toegewijde mensen, gaapt er nog altijd een enorm gat tussen onderwijsprestaties van de rijkste en armste kinderen. Het jongste PISA-onderzoek van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling maakt duidelijk dat onderwijsprestaties van leerlingen met een lagere sociaaleconomische status in Nederland intussen net zo veel achterblijven als gemiddeld in andere OESO-landen. In de Verenigde Staten zijn bestaan deze verschillen al langer en zijn ze nog groter.
Leraren op middelbare scholen in arme wijken in Washington vertellen me, dat hun leerlingen de burgeroorlog soms verwarren met de burgerrechtenbeweging. Er zijn kinderen die het verschil niet weten tussen een land en een continent of tussen een stad en een staat.
Leerkrachten in de VS staan voor de onmogelijke taak om veertien- en vijftienjarigen met zulke hiaten in hun kennis binnen vier jaar klaar te stomen voor het hoger onderwijs. Dat blijkt vaak onmogelijk.
Experiment
Een experiment uit 1987 werpt enig licht op de verschillen in testscores tussen kinderen uit lagere en hogere sociaaleconomische milieus. Doel van het onderzoek was om vast te stellen of het vermogen van de kinderen om een tekst over honkbal te begrijpen vooral afhing van hun algemene leesvaardigheid of van hun voorkennis over dat onderwerp. Wat bleek: honkbalkennis en niet de leesvaardigheid maakte een enorm verschil in de scores van deze kinderen. Zelfs kinderen die goed konden lezen scoorden slecht op de test als ze weinig van honkbal wisten. Het belang van achtergrondkennis voor scores op leestesten is in later onderzoek keer op keer bevestigd. De implicatie is duidelijk: het abstracte begrip leesvaardigheid is een luchtspiegeling die makers van leestests in het leven hebben geroepen.
Leesstrategieën
Onderzoek heeft laten zien dat een belangrijk aspect van lezen expliciet moet worden aangeleerd: het koppelen van klanken aan letters. Het probleem is dat andere aspecten van het lezen ook op die manier worden gedoceerd. Leerlingen besteden wekelijks uren aan het leren van leesstrategieën, zoals: ‘het hoofdidee van een tekst bepalen’ of ‘conclusies trekken’, met behulp van eenvoudige boeken over veel verschillende onderwerpen.
Leesstrategieën toepassen kan sommige kinderen een beetje helpen, maar er is geen enkele reden om aan te nemen dat een dergelijke aanpak helpt om vaardige lezers te maken van kinderen met leesproblemen. Om zich de kennis en de woordenschat eigen te maken die nodig zijn om echte, complexe teksten te begrijpen, moeten kinderen de kans krijgen om zich gedurende langere tijd in een onderwerp te verdiepen.
Woordenschat
Onderwijzers weten wel dat woordenschat en kennis belangrijk zijn om goed te lezen. Het activeren van voorkennis is niet voor niets een veelvuldig aangeleerde leesstrategie. Als voorkennis ontbreekt, kan de leraar ontbrekende kennis ter plaatse aandragen, maar de Amerikaanse onderwijsexpert Daniel Willingham legt in zijn boek ‘The Reading Mind’ uit, dat dit soort incidenteel aangedragen informatie op lange termijn slecht blijft hangen.
Het is onmogelijk om kinderen expliciet alle woorden te leren die ze nodig hebben. In hun eerste schooljaren leren kinderen dagelijks acht nieuwe woorden, zo schrijft de Amerikaanse psycholoog Mark Seidenberg in zijn boek Language at the Speed of Sight. Zo snel nieuwe woorden leren kan alleen door tegelijkertijd je kennis uit te breiden. Een woord is het topje van een ijsberg, niet los te koppelen van de kennis waarin het is verankerd: als je weet wat een roeispaan is, dan begrijp je ook de concepten roeien en roeiboot.
Thuis
Onderzoek laat zien dat kinderen in families met een lager inkomen hebben een minder intensievere taalinteractie met hun ouders en dat leidt tot een taalachterstand op school. Met de huidige aanpak wordt die achterstand alleen maar groter. Kinderen die beginnen met meer kennis en een grotere woordenschat breiden hun voorsprong uit doordat ze meer lezen. De achterblijvers kunnen alleen geholpen worden door hun kennis systematisch uit te breiden. Daarbij helpt hardop voorlezen of in de klas discussiëren.
Werkgeheugen
Zoals Daniel Willingham uitlegt in zijn boeken, doen we een beroep op onze achtergrondkennis als we begrijpen wat we lezen. Als we woorden die we lezen proberen te koppelen aan bestaande kennis in ons hoofd, opgeslagen in ons langetermijngeheugen, dan wordt ons werkgeheugen ontlast. Zo konden kinderen die veel van honkbal wisten, de woorden in een honkbaltekst verbinden aan bestaande kennis in hun hoofd. Een raamwerk van bestaande kennis helpt enorm bij het begrijpen van een tekst op een bepaald vakgebied.
Er zijn verschillende manieren om kwalitatief goed onderwijs te geven, maar met de wetenschap in ons achterhoofd, moeten we kunnen begrijpen welke methoden het meest effectief zijn. Een belangrijke eerste stap is dat voor jonge kinderen een curriculum wordt vastgesteld waarin niet de strategieën maar de inhoud voorop staat. In de afgelopen jaren hebben we er daarvan verschillende op de Amerikaanse markt zien verschijnen. In deze methoden wordt de ontwikkeling van lees-, schrijf- en luistervaardigheden gecombineerd met de opbouw van kennis van literatuur, geschiedenis, aardrijkskunde en natuurwetenschappen. Daarnaast zullen we ons moeten richten op andere veranderingen zoals betere opleiding van onze leerkrachten en een betere support thuis voor leerlingen uit lagere sociaal economische milieus.
Als we kinderen op de lagere school geen toegang bieden tot kennis van de wereld, dan zullen we nooit ons doel bereiken: Een onderwijssysteem dat alle leerlingen toerust om een productief leven te leiden, daarin voldoening te vinden en om hun verantwoordelijkheden op zich te nemen als volwaardig lid van onze democratische maatschappij.
Dit opiniestuk is een aangepaste vertaling van enkele hoofdstukken in het boek, The Knowledge Gap: The Hidden Cause of America's Broken Education System - and How to Fix It. Engelstalig 336 pagina's.