- blad nr 1
- 1-1-2021
- auteur D. van 't Erve
- Redactioneel
Negatieve beeldvorming schaadt oudere werknemer
Steeds meer oudere medewerkers in het basisonderwijs komen langdurig thuis te zitten vanwege ziekte of werkloosheid. Dat blijkt uit de analyse van het Arbeidsmarktplatform PO, dat de oplossing ziet in de gesprekken over duurzame inzetbaarheid. Een direct verband tussen leeftijd en inzetbaarheid is er nauwelijks, blijkt een studie onder negenhonderd werknemers in het primair onderwijs uit 2013. De lichamelijke gezondheid en het werkvermogen van oudere werknemers blijven weliswaar iets achter bij die van jongere collega’s, maar de verschillen zijn niet dusdanig dat ouderen minder ingezet kunnen worden. “Het verschil tussen individuen is veel groter dan die tussen cohorten generaties”, legt Beate van der Heijden uit. Ze is hoogleraar strategisch Human Resource Management aan de Radboud Universiteit in Nijmegen, met loopbaanonderzoek onder ouderen als een van haar specialisaties. “Kalenderleeftijd zegt niet zoveel. Iemand van twintig kan ongezonder zijn dan een zestiger. Het gaat ook om de psychosociale beleving van de leeftijd: hoe oud voel je je zelf en hoe denk je dat anderen daarover denken? En de professionele leeftijd speelt een rol: hoe lang werk je in die functie, in de organisatie en hoe lang zit je al in deze loopbaan? Dat soort leeftijdsconceptualisaties verklaren veel meer iemands employability.”
Succesvol
Employability is volgens Van der Heijden de belangrijkste voorspeller van een succesvolle loopbaan. Het begrip vertaalt ze als ‘loopbaanpotentieel’: het vermogen van werknemers om werk te doen en te krijgen door optimaal gebruik te maken van hun competenties. Daarbij gaat het onder meer om de juiste kennis en vaardigheden, het omgaan met veranderingen en het vinden van een balans tussen je persoonlijke belangen en die van de organisatie. “Jongeren zijn met ict opgegroeid en gaan bijvoorbeeld veel intuïtiever met technologische veranderingen om dan ouderen”, vertelt ze. “De toenemende administratie in het onderwijs in combinatie met het werken met nieuwe systemen, kan bij ouderen dan veel stress geven. Als tegelijkertijd de inhoud van het werk stabiel blijft, vermindert de uitdaging in de loop der jaren. Je wordt niet meer cognitief geprikkeld.”
Je continu blijven ontwikkelen is volgens haar juist nodig om de employability op peil te houden. En dit is een gezamenlijke verantwoordelijkheid, benadrukt Van der Heijden. “In de jaren negentig was de gedachte nog dat de werkgever geheel voor het personeel moest zorgen, daarna sloeg het om naar ‘baas in eigen loopbaan’ waarbij mensen werden geacht in eigen tijd en op eigen kosten cursussen te volgen. Nu zien we een gedeelde verantwoordelijkheid, waarbij werknemers zelf regie nemen en werkgevers dit faciliteren.”
Stereotypering
Dat klinkt mooi, maar in de praktijk blijkt negatieve beeldvorming over oudere werknemers duurzame inzetbaarheid in de weg te staan. Onderzoek wijst uit dat vanaf 40 jaar leeftijdsstereotypering optreedt. In het algemeen geloven mensen dat werknemers vanaf die leeftijd minder goed presteren, minder gezond zijn, meer weerstand tegen veranderingen hebben en geen nieuwe dingen willen leren, ook al is hiervoor geen enkel bewijs. De mate waarin stereotypering optreedt door de leidinggevende, hangt af van het leeftijdsverschil: hoe jonger de leidinggevende hoe meer hij of zij stereotiepe oordelen over de medewerker heeft. En dat heeft ernstige gevolgen, weet Van der Heijden. “Als je niet meer gelooft in iemands loopbaanpotentieel, dan ontstaat er een selffulfilling prophecy. De attitude van de leidinggevende is negatief: hij of zij heeft minder aandacht voor en investeert minder in de medewerker. De medewerker zal hier op den duur in berusten omdat verzet geen zin lijkt te hebben. Dat komt ook omdat bijna iedereen in de omgeving zo over oudere werknemers denkt, dus ook andere werkgevers. Overstappen naar een andere baan wordt lastig als je nergens meer wordt uitgenodigd voor een gesprek.”
Mentorschap
Als iedereen, inclusief jezelf, gelooft dat je er niet meer toedoet, hoe los je dat dan op? Maatwerk is daarin het sleutelwoord, aldus Van der Heijden. “Algemene maatregelen als seniorendagen kunnen juist de stereotypering in de hand werken, omdat die bevestigen dat ouderen iets specifieks nodig hebben. Hoe inzetbaar je bent, heb je voor een groot deel zelf in de hand. Als je erin gaat berusten, gaat het zeker fout. Bewaak dus je fysieke en mentale gezondheid. Ga met je leidinggevende in gesprek over hoe jij je kunt blijven ontwikkelen. Misschien kun je een mentorschap vervullen of in netwerken participeren om kennis en ervaringen uit te wisselen. Daardoor leer je nieuwe dingen, evolueer je mee met ontwikkelingen, krijgt de omgeving kans om je als professional te leren kennen, en ontstaan mogelijkheden op nieuwe betrekkingen.”
Het is nooit te laat voor een nieuwe stap, is haar overtuiging. “Kijk samen met je leidinggevende naar wat je nodig hebt om de problemen die je ervaart aan te pakken. Grijp de kans om je te blijven ontwikkelen. Daar heb je niet alleen nu, maar ook na je pensionering profijt van. Uit onderzoek blijkt dat mentale uitdaging je employability vergroot, en de kans op dementie verkleint.”
{Bijschrift}
Hoogleraar Beate van der Heijden (Radboud Universiteit in Nijmegen): “Hoe inzetbaar je bent, heb je voor een groot deel zelf in de hand. Als je erin gaat berusten, gaat het zeker fout.”
{streamers}
‘Het werken met nieuwe systemen, kan bij ouderen veel stress geven’