• blad nr 7
  • 1-7-2019
  • auteur M. Lange 
  • Redactioneel

 

Van dealingroom naar klaslokaal

Een convenant van het ministerie met de financiële sector steunt bankiers in de switch naar het onderwijs. Het Onderwijsblad ondervroeg overstappers naar hun ervaringen.

‘Vorig jaar had ik mijn zoon in de klas’
René Bot (48) is docent economie en management & organisatie op Oscar Romero, een college voor voortgezet onderwijs in Hoorn. Hij werkte voorheen op de dealingroom van ING.

“De handelsvloer van ING in Amsterdam-Zuidoost is een hogedrukpan: ik had acht beeldschermen om me heen, twee muizen, als in een cockpit. En maar klikken. Ik had zulke zware rsi-klachten dat ik mijn auto bestuurde met mijn knieën, om mijn armen rust te geven. Geen enkele therapie hielp.
Nu zie ik: ik zat niet op mijn plek. De lange reistijd, de prestatiedruk. En ook het cultuurverschil tussen Amsterdam en West-Friesland, waar ik vandaan kom, was groot.
In 2008 ging het roer om. Mijn oudste zoon werd ziek, hij was zeven en had een zeldzame vorm van lymfeklierkanker. Het was onduidelijk of hij het zou gaan halen. Vier maanden was ik met ziekteverlof en toen realiseerde ik me: dit werk blijf ik niet de rest van mijn leven doen.
Maar stoppen is gemakkelijk gezegd. Ik had geen idee wat ik moest gaan doen. Een dierenzaak overnemen misschien? Maar het onderwijs kriebelde ook en ik bezocht een bijeenkomst voor zij-instromers.
In 2009 meldde ik me aan voor een eerstegraads opleiding aan de Vrije Universiteit. ING betaalde de opleiding. De overgang was groot, ik vond de studie veel te soft, veel te veel reflectie, dat was niks voor mij. Na twee weken wilde ik stoppen. Gelukkig hebben de opleiders me niet zomaar laten gaan. ‘We hebben genoeg gezien, jij hebt talent voor het onderwijs’, zeiden ze.
Toen ben ik doorgegaan. Sinds 2010 werk ik op het Oscar Romero en ik voel me er als een vis in het water. Ik geniet van het werken met jongeren, het houdt je jong. Ik kan mijn creativiteit kwijt en de rsi-klachten zijn verdwenen. Financieel ben ik erop achteruitgegaan en ik maak meer uren dan bij ING, maar ik heb ook meer autonomie. Ik ben veel gelukkiger. Vorig jaar had ik mijn zoon in de klas, met hem gaat het ook goed.”

‘Of bankiers kunnen helpen, weet ik niet zeker’

Marloes van Tilburg (46) is docent onderzoek & ontwerpen op het technasium van het Eckartcollege in Eindhoven. Ze werkte voorheen als hypotheekadviseur bij de Rabobank.

“Ik begon als hypotheekadviseur en heb na een aantal jaren de overstap gemaakt naar de afdeling productmanagement van Rabobank Nederland. Heel leuk, ook de samenwerking met collega’s, maar na een tijdje vond ik mijn werk te beleidsmatig, ik miste het directe contact met klanten, vooral het onmiddellijke resultaat. Bij projectmanagement gaat alles langzamer, soms duurt het lang voordat je weet of een project doorgaat.
Op mijn dertigste deed ik een loopbaantraject en daar kwam het onderwijs uit. Daar had ik nog nooit aan gedacht. Mijn broer werkte als controller bij Fontys hogescholen en adviseerde me een keer mee te kijken. Bij de opleiding financial services management zag ik dat ze een simulatiekantoor hadden ingericht en ik raakte meteen enthousiast. ‘Dit is gaaf’, dacht ik. In mijn eigen studie had ik de relatie met de praktijk gemist. Ik werd aangenomen als praktijkdocent financiële dienstverlening. Ik vond het meteen leuk om jongeren te helpen in hun ontwikkeling richting het werkveld.
Ik bleef goed contact houden met collega’s van de bank. Ik had ze nodig voor mijn lessen. We sparden over ontwikkelingen in de financiële wereld, zo probeerde ik up-to-date te blijven voor mijn studenten. Ook zette ik oud-collega’s in als gastdocent en mede-assessor. Voor studenten heeft deze werkwijze een grote meerwaarde.
Op de bank vond ik het leuk om oplossingen te bedenken voor klanten. Nu trekt de verdieping in het onderwijs me. Aan het ontwerpen van onderwijs heb ik altijd veel tijd besteed, de eerste jaren als docent werkte ik tijdens mijn vakanties door. Eigenlijk houdt onderwijs me altijd bezig. Een paar jaar geleden deed ik een master leren innoveren en sindsdien buig ik me over onderwijsvernieuwingsvragen: hoe krijgen we het beste onderwijs, hoe halen we het beste uit onze leerlingen? Of bankiers hierbij kunnen helpen, weet ik niet zeker. Het zou kunnen, maar het kan evengoed iemand anders zijn. We moeten gewoon op zoek naar docenten die het best bij het onderwijs passen.”

‘Even rustig nadenken kan als leraar nooit’

Als beursanalist maakte Jaap van der Geest (56) de overstap van ABN Amro naar het onderwijs. Hij was docent economie op het Bornego College in Heerenveen, maar keerde terug naar de financiële sector en werkt nu als portefeuillemanager duurzaam beleggen bij TKP Investments.

“Na negen jaar onderwijs raakte ik wat uitgekeken op het curriculum. Ik ben een opbouwer, het uitdenken en geven van nieuwe lessen vond ik prachtig, maar niet steeds opnieuw over dezelfde stof. Op school was er intussen ook wat veranderd, er kwamen iPads zonder goede didactische softwareprogramma’s, een keuze waar ik niet achterstond. In die zin was ik misschien een ouderwetse romantische docent.
Precies in die tijd werd ik gebeld door een oud-leerling met de vraag of ik zin had om naar een reünie te komen in Groningen van oud-leerlingen die allemaal economie waren gaan studeren. “Dat kwam toch een beetje door u, meneer.” Mooi natuurlijk, dat ze dat zeiden. Eén van hen liep stage in het bedrijf waar ik nu werk. “Jij hebt mooie baan”, zei ik. “Ik zal voor u uitkijken, meneer.”
Het was zo’n leerling die je toen het leven behoorlijk zuur kon maken. Nu is hij een fijne collega.
Ik ging dus weer terug naar het bankierswereldje. In zekere zin is mijn werkende leven nu saaier. Als docent ben je met honderd dingen tegelijkertijd bezig. Ik organiseerde een beleggingswedstrijd en begeleidde een hoogbegaafdenclubje. Je krijgt ontzettend veel voldoening van de directe feedback van leerlingen. Maar nu kan ik me inhoudelijk wel weer verdiepen. En even rustig nadenken over iets op weg naar het koffiezetapparaat, dat kan als leraar nooit.
De afwisseling in banen is voor mij belangrijk. Ze hebben me bij TKP Investment aangenomen omdat ik een brede achtergrond heb. Als ik in Heerenveen een leerling op straat tegenkom, geniet ik daar altijd van. Ook de voldoening van een eindexamen, dat een misschien zwakke leerling het toch gehaald heeft, iemand die je van de vierde tot de zesde hebt begeleid, dat krijg je nooit in de financiële wereld. In de lerarenkamer genoot ik bovendien van al die verschillende mensen, veel diverser dan in de bankwereld. De werkdruk in het onderwijs is hoog. Ik heb nog nooit zo hard gewerkt.”

{kader}
Bankiers voor de klas
Terwijl de lerarentekorten almaar verder oplopen is de werkgelegenheid bij banken de afgelopen twintig jaar gehalveerd. Eén en één is twee, moet minister van Onderwijs Arie Slob hebben gedacht, toen hij eerder dit jaar een convenant sloot waarin de financiële sector, docentenopleidingen en werkgevers in het onderwijs gaan samenwerken. Drempels voor bankmedewerkers die zich willen laten omscholen, moeten zoveel mogelijk worden weggenomen. Zo kunnen potentiële leraren uit het bankwezen een oriëntatietraject krijgen om te zien of het onderwijs bij hen past. Zij hoeven niet vier jaar voltijds de schoolbanken in; ze krijgen een opleiding op maat. Ook over het soms grote verschil in salaris is nagedacht. De werkgever zou de opleiding kunnen betalen en een werknemer een jaar de kans geven om tegen het oude loon rond te kijken in het onderwijs.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.