- blad nr 7
- 1-7-2019
- auteur W. de Lange, de
- Column
Kevin
Ik geef Kevin dit jaar geen les meer. Hij zit wel samen met mij in een groepje dat probeert een soort talentenjacht op onze school van de grond te krijgen. En van de winter praatten we af en toe, in de pauzes. Kevin heeft een grote belangstelling voor de Tweede Wereldoorlog ontwikkeld. Ik heb, puur voor hem eigenlijk, een non-fictie jeugdboek over de oorlog voor school gekocht en aan hem uitgeleend. Hij vond het ‘geweldig’.
Soms zei hij in die gesprekken dingen, die me diep raakten. Ik begreep niet hoe Kevin dat boek geweldig kon vinden en tegelijkertijd kon zeggen dat Hitler ‘behalve dat met de joden’ best goede dingen heeft gedaan, ‘voor de Duitsers dan, hè’.
Ik praatte op hem in. Dat Autobahnen niet opwegen tegen ‘dat met de joden’. Over wat ‘dat met de joden’ betekende, in Frankfurt, Minsk, Warschau, Amsterdam en alles ertussenin en eromheen. Dat ‘dat met de joden’ in het centrum stond van Hitlers taakopvatting. Dat de hele Duitse inboedel in 1945 in puin lag en grote stukken van de rest van Europa daarbij.
Ik probeerde mijn heftigheid in bedwang te houden. Maar ik praatte wel indringend. a) Omdat ik niet anders kan en b) omdat ik hoopte dat Kevin zou ervaren dat er kwesties zijn waarover een mens met hart en verstand moet doordenken, gewetenskwesties waarover je niet zomaar wat kan babbelen. “U hoeft zich niet ongerust te maken, hoor juf, ik ben geen extremist”, zei hij. Een verwarrende reactie, maar hij snapte kennelijk dat het er toe doet wat hij vindt. Voor mij althans.
Het onderwerp rust alweer een tijdje. We spreken elkaar tegenwoordig minder. Maar we houden deze week in een pauze vergadering over de talentenjacht, Timo uit de derde, Kevin, Kevins vriend Paco en ik. Timo en ik bespreken geluid, licht en hoeveel dat mag kosten. Paco is geweldig op dreef over de affiches en de flyers. Maar onze Kevin tettert er ongericht tussendoor, over niks. We reageren geërgerd.
Dan begint Kevin over de verkiezingen. “U moet toegeven, mevrouw, dat links-extremisme veel erger is dan rechts-extremisme.” Bedoelt hij hedendaags extremisme? Welk dan? Of vergelijkt hij Hitler en Stalin? Maar we moeten verder met licht, geluid, het budget en de affiches. Trouwens, de bel gaat al bijna. Ik kom aan de wedervraag niet toe. Bel. Klas. Les.
En nu pas, weken later bedenk ik: We hebben Kevin ook helemaal geen fatsoenlijke taak gegeven, in die commissie. En ik moet wel vragen wat hij bedoelde.