• blad nr 5
  • 1-5-2018
  • auteur A. Moerman 
  • Meer voor elkaar

 

Scherpe vragen leggen cijfers bloot

Je hoeft geen financieel deskundige te zijn om je school financieel te doorgronden. Dit zegt AOb-beleidsmedewerker Paul Hellings, die begin juni een workshop geeft op het jaarlijkse AOb-Medezeggenschapscongres.

Kan dat echt? Zonder expertise de financiën van je school doorzien?
“Jazeker. Met een paar goede vragen voorkom je dat je jezelf verliest in de details van een begroting of jaarrekening. Dat zie en hoor ik nog veel te vaak. Dat het gesprek gaat over enkele posten uit een begroting maar dat het grote geheel uit zicht blijft. penny wise, pound foolish, noemen de Britten dat.”

Makkelijk praten. Jij zit al je hele leven in de cijfers.
“Dat klopt. Ik kwam met mijn economische opleiding terecht op het ministerie van OCW en raakte de rest van mijn loopbaan ondergedompeld in de onderwijsfinanciën. De afgelopen zeven jaar bij de AOb.”

De boekhouder die het congres gaat toespreken. Dat zal saai worden?
“Juist niet. Ik deel mijn kennis al vele jaren via bijvoorbeeld de AOb Academie en op congressen. Soms vraag ik aan het begin van een bijeenkomst ‘wie denkt dat hij goede vragen kan stellen bij de financiële stukken van zijn school?’ Dan gaat er voorzichtig een enkel vingertje half de lucht in. Als ik dezelfde vraag aan het einde van een sessie stel gaan er altijd heel wat meer enthousiaste vingers omhoog.”

Dus ik kan zonder cijferkennis tot de kern van een begroting doordringen?
“Exact. Mensen zien vaak erg op tegen de financiële kant van het werk in de medezeggenschapsraad. Dat is jammer want ook bij scholen draait alles om geld. Maar je hoeft echt geen financiële cursus te volgen om het goede gesprek te kunnen voeren met de schoolleiding.”

Leg uit?
“Vraag eens naar de kengetallen en de signaleringswaarden die bij die getallen horen. Dit zijn cijfers die de inspectie ook gebruikt om de financiële gezondheid van een school te meten. En vraag ook meteen of het met die cijfers de goede kant opgaat. Als scholen dat soort informatie niet in hun stukken hebben staan, dan heb ik meteen al de nodige twijfels.”

Hoe drijf ik mijn bestuur verder in het nauw?
“Vraag welke risico’s het bestuur ziet en welk beleid ze voor die risico’s ontwikkelen. ‘Krimp’ zien ze vaak als een risico. Dat is natuurlijk niet zo, want dat zie je tien tot vijftien jaar tevoren al aankomen. Het gekke is dat directeuren vaak denken dat de krimp voor hun eigen school geen gevolgen heeft. Uitgaan van één zo’n scenario is altijd een risico.”

Nog meer tips?
“Kijk ook eens naar de jaarrekening. Als die jaar in jaar uit in positieve of negatieve zin afwijkt van de begroting zit er ook iets niet goed. Als je elk jaar vijf ton overhoudt, dan is er te voorzichtig begroot. Met dat geld had je ook leuke dingen kunnen doen. En check ook of allerlei fraai geformuleerde beleidsvoornemens in de inleiding terugkomen in de begroting. Zo niet dan is de kans groot dat het om loze beloftes gaat.”

Tot slot de gouden tip?
“Dat is de continuïteitsparagraaf van de jaarrekening. Die vat eigenlijk in een notendop samen hoe de school er financieel voorstaat. Meer dan een goed functionerend boerenverstand is niet nodig om deze paragraaf te snappen. En het setje ‘slimme vragen’ bij elke onderwerp, krijgt elke deelnemer straks mee naar huis.”

Congres 'Medezeggenschap en Professionele Ruimte', 6 juni in Amersfoort.



Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.