• blad nr 5
  • 1-5-2018
  • auteur W. de Lange, de 
  • Column

 

Geloof

Het is een kind om van te houden, Malika. Kwetsbaar maar niet zeurderig. Haar zus is uit huis geplaatst. De schreeuwende ruzies in huis mist Malika niet. Maar ze mist haar grote zus. Het besef dat mensen waar je van houdt noch voor vrede noch voor geluk in de wieg zijn gelegd, komt hard aan als je dertien bent. Wereldbeeld aan diggelen.
Ik zie Malika veel doorkrassen, als ik de klas vraag op te schrijven waar ze in geloven. Doorgekrast maar te ontcijferen, lees ik even later ‘Ik geloof in mezelf’. Dat hebben een paar klasgenoten tijdens het schrijven al hardop geroepen. Dus daar hebben we niet veel aan. Terecht doorgekrast. Daarna komt ‘en in geesten… [onleesbaar]…in me ooghoeken.’ Ziet ze haar lieve zus, haar oma, de duivel? Geen idee. Maar daarna komt iets belangrijkers en dat is helemaal niet doorgekrast ‘En soms hoor ik me naam.’ Een onzichtbaar iemand (zus? god? geest? oma? duivel?) gaat met Malika mee en kent haar, noemt haar naam. Helemaal zelf bedacht en tegelijkertijd op en top uit de heilige boeken. Lijm voor het wereldbeeld.
Youssra heeft niks doorgekrast ‘Ik geloof in Allah want hij zit in ons geloof hij doet allemaal goede dingen in de Islam is er ook een slechte meneer hij heet Satan en als je geen besmillah zegt dan eet hij met je mee wij lezen ook quraan en dat maakt mij heel rustig als ik een stomme dag heb gehad Allah stuurt engelen naar je je hebt er minimaal 2 ik vind mijn geloof fijn en ik geloof niet in andere dingen’, zoals punten en komma’s, denk ik er achteraan. Maar daar zeur ik wijselijk niet over. “Geloof je ook niet in geesten, in djinns?”, vraag ik later. “Nou, een beetje, misschien.”
Asha is heel stellig over geesten. Niet aan beginnen. “Mijn oma doet winti en met wit poeder en voorouders oproepen en raar praten en dansen. Maar mijn moeder wil niet, ik ook niet. Je kan namelijk aan een slechte geest blijven vastzitten. Daarom geloof ik er niet in.” Liever dit “Ik geloof in Jezus Christus en ik ga zondag naar de Kerk en ik doe elke goede vrijdag mee. En ik lees de Bijbel en ik zing met de mensen uit de Kerk.” Als ze dit heeft verteld, heeft Asha de enige Surinaamse in de klas eindelijk eens aanspraak. Braziliaanse Rogerio is ook kerkgaand christen en gelooft ook ergens wel en ergens niet in geesten.
“Ik geloof nergens in, alleen ben ik er wel voor dat mensen geen slechte dingen mogen doen, zoals oorlog voeren, dieren mishandelen, mensen pesten. Ik ben voor dat mensen niet alles mogen omdat ik het gwn zielig vind”, schrijft Maja uit Wormerveer. Ze gelooft niet in geesten, behalve als ze net daarvoor een enge film heeft gezien.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.