• blad nr 5
  • 1-5-2018
  • auteur K. Hagen 
  • Redactioneel

 

Geld tegen werkdruk geeft ‘een beetje lucht’

Het eerste resultaat van de stakingen is binnen. Scholen in het primair onderwijs krijgen vanaf komend schooljaar een groter bedrag om de werkdruk te bestrijden dan eerst de bedoeling was: 237 miljoen. Drie leraren vertellen over de plannen met dat geld.

De AOb is blij met wat het werkdrukakkoord wordt genoemd. “De nood is nu hoog”, legt AOb-bestuurder Eugenie Stolk uit. “Dit geld kan volgend schooljaar al uitgegeven worden.” Het wordt bovendien meer. Ten opzichte van 2018/2019 zal het bedrag in drie jaar tijd bijna verdubbelen. En het is structureel. Kiest de school voor extra inzet van een klassenassistent, dan kan hij of zij ook na 2021 blijven. Bovendien bepaalt het team wat er met het geld gebeurt.

Druppel
Toch is de animo om door te staken groot. Het bedrag blijft een druppel op de gloeiende plaat en zal niets veranderen aan het lerarentekort. Stolk: “De salariseis van het PO-front blijft onverminderd staan: er is extra geld nodig om het beroep aantrekkelijk te maken. Bovendien is de bestrijding van de werkdruk alleen maar effectief als er voldoende leraren te vinden zijn.”

Wil je weten hoeveel jouw school krijgt? Kijk ga dan naar www.aob.nl en zoek op ‘Werkdrukverlaging’

Volg de AOb op Facebook voor het laatste nieuws rond de stakingen -> www.facebook.com/aob.nl

‘Even fysiek de klas uit’
Lisa Vonk is leerkracht op de Bijenkorf in Assendelft; een Jenaplanschool met ongeveer 270 leerlingen.

“Een week na de estafettestaking van Amsterdam zaten we al rond de tafel. Wie ervaart nou waarvan werkdruk? Vaak werden genoemd: de grootte van de klassen, de piekbelasting voor vakantieperiodes en de haperende ict. We bleken ook best op één lijn te zitten over wat kan helpen, namelijk even fysiek de klas uit. Een beetje lucht, zodat je een groepje kinderen extra kunt ondersteunen, de administratie wat kunt bijwerken, enzovoorts. Daarom is nu het plan om de uren van de vakleerkracht gym uit te breiden, voor een tweede gym- of buitenspeelles in de week. En een eventmanager. Dat klinkt best sjiek, ja, haha. Maar we bedoelen bijvoorbeeld een klassenassistent die een x-aantal uur in de week de vieringen, excursies en uitvoeringen gaat organiseren. Onmisbare gebeurtenissen voor de school, maar tegelijk de taken die er echt bijkomen naast je werk. En waar niemand het overzicht over heeft. Klassen kleiner maken gaat met dit bedrag helaas niet lukken. En ook het lerarentekort lossen we er niet mee op. Een collega belde net nog: ‘ik ben morgen ziek’. We weten nu al dat we niemand hebben om haar te vervangen. Daarom moeten we zeker verder met actievoeren, zodat meer mensen het onderwijs in willen.”

{Voor ’t bordje het bedrag dat de Bijenkorf vanaf volgend schooljaar krijgt voor werkdrukverlaging}
@B1: De Bijenkorf 41.687 euro.

‘Een goede zorgstudent geeft ruimte’
Klaas-Henk de Jager is leerkracht op de IJsbreker in Amsterdam; een Daltonschool met ongeveer 390 leerlingen.

“Tom krijgt meer uren. Dat is in een notendop wat we waarschijnlijk met het werkdrukgeld gaan doen. Tom is een zorgstudent: hij doet een wetenschappelijke studie richting zorg of onderwijs in zijn geval psychologie en heeft een bijbaan bij ons op school. Hij komt twee keer per week drie uur. Hij gaat dan met een groepje pluskinderen rekenen of hij geeft juist een leerling die dat nodig heeft nog wat extra instructie. Tom staat echt boven de stof en leest zelfs in zijn eigen tijd over Daltononderwijs. Als hij een uurtje in mijn klas is, kan ik bijvoorbeeld meer met de middengroep doen. Die schiet er het makkelijkst bij in. Sowieso denk ik aan het eind van de dag vaak: ik had die leerling wat meer aandacht willen geven, of ik had meer tijd voor een bepaalde uitleg willen nemen. Dat is een knagend, onbevredigend gevoel. Wat willen we met onze kinderen? Dat is voor mij de hamvraag tijdens de stakingen. Willen we een vijfje of een zesje, of gaan we voor echt goed onderwijs? De verantwoordelijkheid voor goed onderwijs is bij de leraren gelegd, maar dan moeten we ook de middelen daarvoor krijgen. Wat mij betreft gaan we door tot aan Prinsjesdag.”

{Voor op ’t bordje: het geldbedrag dat basisschool de IJsbreker vanaf volgend schooljaar krijgt voor werkdrukverlaging:)
@B1: De IJsbreker: 60.353 euro

‘Het is nog steeds schipperen’
Bronia Moos is leerkracht en intern begeleider op basisschool de Nijepoort in Groenekan; een kleine school met ongeveer 150 leerlingen.

“Op een kleine school moet je alle werkzaamheden met een kleine groep mensen doen. Je komt dus altijd handen tekort. Over een ding waren we het na de inventarisatie snel eens: het geld mag naar extra handen in de klas. In ons geval ligt dan extra ondersteuning in een van de combinatiegroepen voor de hand. Waarschijnlijk het besluit is nog niet helemaal rond gaat een leerkracht uitbreiding krijgen voor een dag per week in deze combinatiegroep. Zij kan op die dag dan een van de twee groepen apart instructielessen geven en hulp bieden aan kinderen die extra oefentijd nodig hebben. Of juist tijd steken in kinderen die extra verdieping willen. Het geld dat overblijft zetten we in voor een halve dag remedial teaching. Bijvoorbeeld om zwakke lezers extra aandacht te geven. Maar het blijft schipperen, dit bedrag is zo op. Nog steeds is het een kwestie van of-of en niet van en-en, daarvoor is het te weinig. ”

{Voor op ’t bordje: het geldbedrag dat basisschool de Nijepoort vanaf volgend schooljaar krijgt voor werkdrukverlaging}
@B1: De Nijepoort 24.577 euro

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.