• blad nr 5
  • 1-5-2018
  • auteur . Overige 
  • Deze maand

 

Hoger onderwijs krijgt ruimte van minister

Instellingen in het hoger onderwijs mogen grotendeels zelf bepalen waaraan zij het geld besteden dat vrijkomt
door het afschaffen van de basisbeurs. Dat staat in het sectorakkoord dat minister Ingrid van Engelshoven heeft gesloten met universiteiten en hogescholen. Het Hoger Onderwijs Persbureau (HOP) berichtte hierover vorige maand.
Het geld moet de onderwijskwaliteit ten goede komen, maar anders dan in de zogeheten prestatieafspraken blijft het ministerie in het nieuwe sectorakkoord meer op afstand.
De Universiteitsvereniging VSNU, de Vereniging Hogescholen, de studentenorganisaties ISO en LSVb en het ministerie kunnen zich alle vijf vinden in het nieuwe akkoord.
“We zijn zakelijk tevreden,” zegt een woordvoerder van de universiteitenvereniging VSNU. LSVb-voorzitter Tariq Sewbaransingh is blij dat het ministerie geen harde prestaties meer eist waar instellingen op kunnen worden afgerekend: “Wij wilden koste wat kost voorkomen dat het rendementsdenken een tweede kans zou krijgen.” Volgens voorzitter Thom de Graaf van de Vereniging Hogescholen doet het akkoord recht aan de grote verschillen tussen de instellingen. “Je kunt niet alle hogescholen over één kam scheren.”
Begin dit jaar concludeerde Algemene Rekenkamer in een onderzoek dat geld dat vrijkomt door de afschaffing van de basisbeurs niet leidt tot extra investeringen in het hoger onderwijs. Universiteiten en hogescholen hebben kritiek op dat onderzoek.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.