- blad nr 4
- 1-4-2018
- auteur J. van Aken
- Juridisch advies
Schaal omhoog, trede omlaag: klopt dat wel?
Een leerkracht stapt over van het basisonderwijs naar het speciaal onderwijs. Van schaal LA en trede 3 gaat ze naar LB eveneens trede 3, terwijl ze anders naar trede 4 was gegaan. “Het uitgangspunt is dat het aanvangssalaris in een hogere schaal minimaal gelijk moet zijn aan het huidige salaris”, legt Wim Gulitz van het Informatie en Adviescentrum van de AOb uit. Deze leerkracht ontving een brutosalaris van 2539 in schaal LA en het brutosalaris in trede 3 van schaal LB is 2655 euro. “De inschaling klopt dus”, constateert Gulitz. De winst zit in het hogere maximumsalaris: 3826 in LB tegen 3482 in LA.
Een andere leerkracht in het primair onderwijs is benoemd in een LB-functie. Ze zat aan het einde van schaal LA en is in LB een trede omlaaggegaan. Is dat altijd het geval en wat betekent dat voor de bindingstoelage, vraagt ze zich af. De cao-po kent twee toelages voor werknemers die aan hun maximumsalaris zitten, de bindingstoelage en het schaal-uitloopbedrag. “Zowel de bindingstoelage als het schaal-uitloopbedrag worden meegenomen in de berekening van het nieuwe salaris”, vertelt Gulitz. Haar brutosalaris inclusief toelages is in LB inderdaad een trede lager. “Ze zit dan niet meer op het maximumsalaris van haar schaal en heeft dus geen recht op een bindingstoelage tot ze een jaar later in LB, trede 15 komt.”
VOOR JURIDISCH ADVIES KUN JE CONTACT OPNEMEN MET HET INFORMATIE EN ADVIES CENTRUM VAN DE AOB: AOB.NL/MIJNAOB