• blad nr 5
  • 18-3-2017
  • auteur A. Kersten 
  • Redactioneel

 

Vechten voor vaste banen

Invallers met flexcontracten haken af door gebrek aan perspectief. Intussen noopt een zieke leerkracht schoolleiders tot noodgrepen. De onderwijsassistent voor de klas of leerlingen verdelen over collega’s. Met meer werkdruk tot gevolg.

Je hebt de pabo afgerond en je staat te popelen om aan de slag te gaan in het basisonderwijs. Je sprokkelt een paar kleine aanstellingen bij elkaar. Invalwerk op tijdelijke contracten. Je bent blij met de kans om ervaring op te doen. Maar na verloop van tijd wil je toch eens een vast contract. Hoewel collega’s en schoolleiding tevreden over je zijn, blijf je veroordeeld tot flex-klussen. Sjezen van de ene naar de andere locatie, steeds weer nieuwe gezichten. Altijd klaar staan, zonder zicht op zekerheid.
Zo ziet de muur eruit waarop docenten stuklopen. Met de huidige Wet werk en zekerheid (wwz), in de wandelgangen de flexwet van minister Lodewijk Asscher genoemd, wil het kabinet meer vaste banen creëren door een strengere grens te stellen aan het aantal tijdelijke contracten. Werkgevers vinden de nieuwe regels te rigide. Onbedoeld gevolg: flexwerkers die eerder op straat staan, zonder vast dienstverband.
In de cao voor het primair onderwijs hebben werkgevers en werknemers elkaar gevonden in een compromis: meer zekerheid voor werknemers en flexibiliteit voor werkgevers. Toch klagen schoolbesturen sindsdien dat ze meer vrijheid willen, omdat ze geen invallers kunnen vinden en klassen naar huis moeten sturen.
Daarom is de wwz van januari tot en met maart drie maanden versoepeld om de griepgolf op te vangen. De AOb opende een meldpunt om zicht te krijgen op de situatie sinds januari. De reacties liegen er niet om, aldus een tussenstand begin maart. Tachtig invallers en ruim vijfhonderd vaste medewerkers hadden op dat moment een reactie achtergelaten.

Invallers zijn lastig te vinden
Het blijft moeilijk om invallers te vinden. ‘Er zijn helemaal geen invallers te vinden’, is een vaak gehoorde reactie. In de grote steden en in het speciaal onderwijs knelt het probleem extra. Een vast personeelslid meldt: ‘Probleem is niet de wwz, hier in de Randstad zijn gewoon te weinig vervangers te krijgen. De tijdelijke ontheffing wwz zet dan ook geen zoden aan de dijk. Het lerarentekort begint dramatisch te worden. Politiek lijkt hiervan niet doordrongen.’

Scholen gaan over tot noodgrepen
Schoolleiders proberen koste wat kost te voorkomen dat leerlingen naar huis moeten. Dat lukt in veel gevallen, want de overgrote meerderheid van de respondenten zegt dat er geen klassen naar huis worden gestuurd. Maar dat heeft wel andere gevolgen, voor leerlingen en personeel.
Een ruime meerderheid herkent dat klassen worden overgenomen door andere medewerkers. Door de schoolleider zelf, of door de intern begeleider. Maar ook worden onderwijsassistenten en stagiairs als docent-vervanger voor de groep gezet. Een andere noodgreep is een klas zonder docent verdelen over andere groepen. Twee derde van de respondenten ziet dat in de praktijk gebeuren. Die andere groepen worden daardoor natuurlijk voller. En dat voert de werkdruk op. ‘Het komt meer voor dat klassen moeten worden verdeeld, dan dat er een invaller komt.’ Ook wordt van leerlingen meer zelfstandigheid gevraagd: ‘Klas wordt in groepjes van vier tot zes leerlingen verdeeld over andere groepen en werken dan de hele dag aan een dagtaak.’

Drempel om je ziek te melden
Leerkrachten in vaste dienst zeggen dat ze soms blijven doorwerken als ze ziek zijn. Ze willen voorkomen dat ze hun collega’s met extra werkdruk opzadelen. ‘Leerkrachten voelen zich schuldig om zich ziek te melden, omdat ze weten dat er geen invallers beschikbaar zijn en dat de onderwijsassistent of schoolleider de klas op moet vangen.’ Iemand die al eens uitgeschakeld is geweest: ‘Een tweede burn-out ligt op de loer. Verantwoordelijkheidsgevoel zorgt dat je ook als je ziek bent, gaat werken. Per slot van rekening wil je de collega’s niet opzadelen met extra extreme werkdruk omdat jij ziek bent.’ En een andere vaste medewerker: ‘Er wordt soms tijdens vergaderingen vriendelijk verzocht niet ziek te worden. Dit wordt als grapje gebracht, maar de boodschap is duidelijk. Collega’s (en ik ook) gaan over hun grenzen heen om de school draaiende te houden.’

Invallers haken af
Intussen botsen invallers, waaronder veel jonge docenten die een vast plekje in het onderwijs ambiëren, tegen een muur aan. Invallers krijgen bovendien vaak geen begeleiding en professionaliseringsuren, geven zowel invallers zelf als vaste medewerkers te kennen. Goede docenten bind je op deze manier niet aan je school, merkt iemand op.
Sommige invallers kiezen bewust voor een flex-bestaan, maar de meeste niet. Een oudere docent, die eindelijk wel een vast contract in een invalpool heeft gekregen, wijst juist op het belang van een stok achter de deur. ‘Het verruimen van de maximale vervanging tijdens griepperioden voorkomt dat vervangers vast worden aangenomen. Dat zie ik als minpunt.’ Zonder zicht op een vaste baan houdt het een keertje op, vinden verschillende invallers. ‘Demotiverend is het. Op dit moment overweeg ik ernstig om een andere baan te gaan zoeken.’

{kader}
Doe mee en deel ook je ervaringen
De AOb hamert er al lange tijd op dat het beroep van leraar aantrekkelijker moet worden. Door een beter salaris, kleinere klassen en minder werkdruk, maar ook door in te zetten op meer vaste banen. Maatregelen zijn hard nodig om het lerarentekort het hoofd te bieden. Volgens de AOb is de wwz niet het probleem, maar een onderdeel van de oplossing. De mogelijkheden in de cao worden nog niet genoeg benut.
Het AOb-meldpunt over vervanging in het primair onderwijs en de wwz staat open voor invallers, en daarnaast ook voor vaste leerkrachten en schoolleiders. Deel je ervaringen: www.aob.nl/meldpunt

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.