• blad nr 18
  • 19-11-2016
  • auteur A. Jonkman 
  • Column

 

Hij zegt, zij zegt

“Beste mevrouw Jonkman, Karel wil met de lessen Russisch ophouden, want hij moet nu al voor de vierde keer strafregels schrijven. Hij had het huiswerk volgens de docent niet goed gemaakt, terwijl mijn man nog had geholpen, om er voor te zorgen dat het deze keer echt goed zou zijn.”
“Mevrouw Jonkman, ik wil toch nog even terugkomen op de lessen Russisch. Veerle vraagt zich af of zij kan wisselen naar Roemeens. Ze durft in de les niks te zeggen, uit angst het verkeerd te doen en straf te krijgen.”
“Annelien, even over jouw klas bij Russisch. Ik ben blij met ze. Vorig jaar had ik een hele drukke klas, maar die van jou zijn lekker rustig en ze werken hard. Iedereen doet het ook goed. Alleen over het niveau van Karel maak ik mij zorgen en van Veerle krijg ik totaal geen indruk. Zij zegt nooit iets in de les.”
“Mevrouw, ik heb dinsdag een proefwerk Bulgaars en daar ben ik bang voor.” Marit kijkt mij inderdaad angstig aan. Haar moeder had mij ook al gemaild dat haar dochter ‘m kneep voor die repetitie. “Marit had voor de drie SO’s over dit hoofdstuk alleen maar drieën, terwijl ze het heel erg goed had geleerd. Ze zal u vandaag de samenvattingen en schema’s laten zien. Kunt u haar helpen?”
“Annelien, het is goed dat ik jou zie. Marit voert voor Bulgaars niks uit. Zij haalt voortdurend drieën. En toen ik een extra vragenuur had ingelast, is zij niet komen opdagen.”
“Mevrouw, wij kregen vandaag bij Sterrenkunde allemaal een enorme preek van meneer X, omdat wij niks aan ons huiswerk gedaan zouden hebben. Hij was echt heel erg boos. Maar wij hadden het juist goed geleerd. Alleen Marije niet, want die was ziek geweest. En die kreeg natuurlijk net een beurt.”
“Collega, wil jij als mentor alsjeblieft iets doen aan de studievaardigheden van de leerlingen uit jouw klas? Ik hield vandaag een hele simpele mondelinge overhoring over de Melkweg en de eerste de beste die ik een beurt gaf kon geen antwoord geven op mijn vraag. Groeten, X.”
“Mevrouw ik moet voor een onderzoek voor Spaans met Koen samenwerken, maar dat gaat helemaal niet. Hij doet echt niks. En maandag is de presentatie. Kunt u met hem praten?”
“Mevrouw ik word echt gek van Loena. Zij doet net of zij mijn moeder is. De presentatie voor Spaans is maandag en het is nu pas vrijdag.”
Hij zegt, zij zegt. Zo gaat het al de hele week.

Dit bericht delen:

© 2023 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.