• blad nr 12
  • 17-6-2000
  • auteur . Overige 
  • Redactioneel

Een Nederlands lyceum in Engeland 

De nadruk ligt op discipline

In het introductieboekje dat leerlingen van het Rijnlands lyceum in Cobham (Engeland) voor aanstaande brugklassers hebben gemaakt, staat tussen alle informatie over toetsen, gedragsregels en buitenschoolse activiteiten ook een apart hoofdstuk over Engelse jongens. De leerlingen leggen uit dat Engelse jongens niet gewend zijn aan meisjes in de klas en daarom helemaal uit hun dak kunnen gaan: RJe krijgt allemaal liefdesbriefjes, ze achtervolgen je naar huis en soms word je zelfs ten huwelijk gevraagd.1

Het Rijnlands lyceum Cobham is een van de drie buitenlandse vestigingen van het Rijnlands lyceum in Wassenaar en is bedoeld voor Nederlandse kinderen in Engeland. De school telt slechts een dertigtal leerlingen en werkt samen met een traditionele Engelse jongensschool, de Reed1s school. Vestigingsleider en wiskundeleraar Ronald van der Bunt: 3De Engelsen hebben een lange geschiedenis van ongemengd onderwijs. Zij gaan ervan uit dat jongens en meisjes beter presteren, als zij niet bij elkaar in de klas zitten. Ook omdat er nog veel leerlingen intern zijn, willen ze geen gedoe. Pas in de vijfde klas worden Engelse meisjes hier op school toegelaten. Blijkbaar zijn de jongens dan serieus genoeg en staat de studie dermate centraal dat de aanwezigheid van het andere geslacht hen niet meer afleidt.2
De samenwerking met de Reed1s school drukt een groot stempel op de Nederlandse middelbare school. Vakken als Nederlandskunde, wiskunde en de moderne talen krijgen de leerlingen van Nederlandse docenten in hun eigen gebouw. De rest van de vakken volgen ze samen met de Engelsen in de gebouwen van de Reed1s school. Net als de Engelse leerlingen gaan ze één keer per week naar de kapel voor een mis en gezamenlijk nuttigen ze de typisch Engelse kost in de schoolkantine. Net als de Engelse leerlingen ten slotte zijn de Nederlandse leerlingen verplicht het schooluniform te dragen. Een grijze broek of rok, overhemd met stropdas en een blazer die afhankelijk van de strengheid van de docent aan of uit is.
De brugklassers zitten er niet zo mee. Het bovenste knoopje van het overhemd dat per se dicht moet, knelt natuurlijk wel. En soms wil je gewoon een kortere rok aan dan toegestaan. Maar over het algemeen vinden ze het uniform best handig. Stephanie: 3Je hoeft je niet druk te maken over bepaalde merken en je weet iedere morgen meteen wat je aan moet.2
Een uniform is duidelijk voor een leerling. De schoolregels zijn dat ook: in de ochtend wordt je aanwezigheid geregistreerd en tot het eind van de dag mag je het schoolterrein niet af. Ben je ziek, zwak of misselijk, dan meld je je bij de ziekenzaal en daar blijf je op bed liggen, tot je ouders je komen halen. En als de rector van de Engelse school de klas binnenkomt, staan alle leerlingen op.

Beleefd en lief
Het zijn regels die voor alle leerlingen gelden en die over het algemeen strikt worden nageleefd. En toch. Toch is er een wereld van verschil tussen wat men Rde Nederlandse kant1 noemt en Rde Engelse kant1. Het oordeel is eensgezind: van de leerlingen die zeggen rustiger te zijn bij Engelse leraren tot de ouders: 3Een glasdeur kapot? Dat moet wel aan de Nederlandse kant gebeurd zijn, zoiets gebeurt gewoon niet aan de Engelse kant.2 Opvallend is dat ook de docenten en de vestigingsleider van het Rijnlands lyceum dit verschil niet ontkennen, maar juist volmondig toegeven. Ronald van der Bunt: 3In ons eigen gebouw kan er meer. We zijn hier vrijer, fungeren als een soort uitlaatklep. Vergeet niet dat onze leerlingen aan de Engelse kant onder druk staan. Er wordt daar inhoudelijk veel van hen verwacht. Ze moeten ook steeds in een vreemde taal spreken.2
De vergelijking met kleine kinderen dringt zich op: bij anderen altijd beleefd en lief, maar thuis bij moeder soms druk en lastig. Daar hoeven ze immers niets meer op te houden en kunnen ze zichzelf zijn.
Het verschil in discipline heeft natuurlijk ook iets te maken met het aantal leerlingen. In de kleine klasjes aan de Nederlandse kant wordt het niet snel een puinhoop. Dus wanneer de Nederlandse brugklas van acht leerlingen Franse les krijgt, kan de stemming gemoedelijk zijn. Op het voorstel van lerares Kwantes een bepaalde taalregel te behandelen, roept Hylke instemmend door de klas: 3Ja, laten we dat maar doen.2 Bij het nakijken van een oefening meldt Philippe nog even tussendoor dat hij naar Parijs is geweest en de meisjes op de achterste bank verzuchten regelmatig hardop er helemaal niks van te snappen. Het is niet rustig in de klas, maar er wordt wel, door ieder op zijn eigen manier, gewerkt. Aan de dames achterin kan de grammatica nog eens apart worden uitgelegd. Philippe mag wat meer vertellen over zijn bezoek aan Parijs en Hylke blijft met een onvermoeibaar enthousiasme zijn antwoorden de klas inslingeren.

Niet duwen
Het is een relaxte sfeer die niet mogelijk is bij een volle bak met dertig leerlingen. Dat wordt snel duidelijk in het lesuur scheikunde dat hierna aan de Engelse kant volgt. Dezelfde acht leerlingen voegen zich nu bij een Engelse klas en na een hartgrondig Rsit down and shut up1 wordt het helemaal stil. Het blijft ook stil, de volle twintig minuten dat docent Mark Vernon aan het woord is over de cyclus van kalksteen. Pas wanneer de leerlingen zelf aan de gang mogen met proefjes, ontstaat er enig geroezemoes.
Maar behalve door het verschil in klassengrootte, wordt volgens Van der Bunt de strengere Engelse aanpak ook verklaard door een verschil in cultuur: 3De Engelsen leggen in hun opvoeding en onderwijs sterk de nadruk op discipline. Een autoriteit gehoorzaam je, daar ga je niet mee in discussie. Ze leren van jongs af aan respect te tonen en altijd beleefd te zijn.2 Van der Bunt hoopt dat zijn leerlingen daar iets van meepikken. 3Nette omgangsvormen, de deur voor iemand openhouden, niet duwen en dringen, dat vind ik belangrijk.2.
Omgekeerd kunnen de Engelse leerlingen ook iets van hun Nederlandse leeftijdgenoten leren, meent scheikundeleraar Vernon: 3Het eigen initiatief en de zelfstandigheid van de Nederlanders zijn heel goed. Je merkt dat ze gewend zijn niet alles zomaar te accepteren. Ze durven vragen te stellen en gaan voor het maximale resultaat. Bij proeven en kleine onderzoeksopdrachten scoren ze veel beter.2
Maar om van elkaars sterke kanten te kunnen leren, moet er natuurlijk wel contact zijn tussen de leerlingen. En waar de schoolgids hoog opgeeft over de Rintegratie van twee werelden1 blijkt dat in de daagse werkelijkheid van de brugklas nogal tegen te vallen. De Engelse jongens beginnen een beetje te giechelen, als hun gevraagd wordt naar de Nederlanders. De Nederlanders op hun beurt hebben niet veel positiefs te vertellen. Ze vinden die Engelse jongens maar kinderachtig en zelfs een beetje dom. Marielle: 3Ze doen heel vaak hun huiswerk niet en zitten alleen maar met hun mobiele telefoontjes te spelen.2

Sport
Oudere leerlingen uit de vierde klas hebben er een genuanceerdere mening over. Ymkje: 3Als je echt een avondje gezellig wilt videokijken, doe je dat met je Nederlandse vrienden, maar ik ga zeker wel om met de Engelsen. In de klas, maar vooral als we samen sporten.2
En daar is meer dan genoeg gelegenheid voor. Op school kun je zwemmen in het eigen zwembad, tennissen op de eigen tennisbanen en natuurlijk ook nog hockeyen, voetballen, paardrijden en rugbyen. Dit is dan nog maar een greep uit het hele aanbod van buitenschoolse activiteiten. Ook astronomie bijvoorbeeld, bridge of orkest behoren tot de mogelijkheden.
Maar wat dan, als de leerling weer terug moet naar Nederland? Valt de overgang niet rauw op het dak van deze bevoordeelde kinderen, die zo beschermd zijn opgegroeid in hun kleine klasjes? Dominique relativeert. Zij is bijna een jaar terug en zit in twee-havo van een grote scholengemeenschap in Voorburg: 3Mijn cijfers zijn goed gebleven en ik kan nu meer lol maken in de klas, omdat er meer kinderen in zitten. Maar die heel hechte band van Engeland mis ik wel.2
De brugklassers van nu onderstrepen haar mening: 3Iedereen gaat met elkaar om. Ook bruggers met vierdeklassers. Je kent elkaar en je voelt je thuis. Eigenlijk zijn we allemaal one big family.2

Dit bericht delen:

© 2023 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.