• blad nr 12
  • 17-6-2000
  • auteur R. Voorwinden 
  • Redactioneel

Heesheid, pijn in de keel en kuchen 

Lesgeven is slecht voor je stem

Zesenveertig procent van de leerkrachten op basisscholen rond de Veluwe heeft last van stemproblemen, zo blijkt uit onderzoek van de GGD Noordwest-Veluwe. Vooral vrouwen in de onderbouwgroepen hebben veel klachten.
De pabo¹s zouden volgens de GGD meer aan de preventie van stemklachten moeten doen.
En leerkrachten op basisscholen zouden een Œonderhoudsbeurt¹ moeten krijgen waarin ze leren om beter met hun stem om te gaan.
Maar of het zal helpen? ³Leraren gaan na een behandeling vaak weer op de oude voet verder. Ze zijn veel te eigenwijs.²

Ontzettend veel onderwijsmensen gaan verkeerd met hun stem om. Als ze mazzel hebben krijgen ze daar pas na een jaar of twintig last van, maar het kan ook al binnen een paar maanden gebeurd zijn. Ik zie regelmatig meisjes van 22 jaar oud voor de kleutergroep staan waarvan ik denk: Meisje, dat gaat niet goed.² Anko Knol, logopedist van GGD Noordwest-Veluwe, komt sinds jaar en dag als logopedist op scholen. Hij wordt tijdens die bezoeken regelmatig benaderd door leerkrachten die last hebben van stemproblemen, zoals heesheid of veelvuldig hoesten of kuchen. ³Nou zijn wij er als logopedisten primair voor de kinderen, dus hebben we de boot van de leerkrachten steeds afgehouden. Maar het werd me wel duidelijk dat er heel veel leraren zijn die problemen hebben met hun stem.²
Die signalen waren voor de GGD Noordwest-Veluwe aanleiding om een gedegen onderzoek te doen naar stemproblemen bij onderwijsgevenden. Ruim 800 leerkrachten en een controlegroep van 300 ambtenaren vulden daartoe een vragenlijst in. Eind vorige maand werden de resultaten bekend en die vielen niet mee. Leraren blijken ruim twee keer zoveel last te hebben van stemproblemen als gemeenteambtenaren. Zesenveertig procent van de leerkrachten heeft klachten als heesheid, pijn in de keel en stemverlies. Die klachten zijn voor zeven procent van de betrokkenen reden om af en toe een dag te verzuimen.
Uit het onderzoek blijkt dat vrouwelijke leerkrachten vaker last hebben van hun stem dan hun mannelijke collega¹s (51 tegen veertig procent) en dat leerkrachten die lesgeven in de onderbouw meer klachten hebben dan hun collega¹s in de bovenbouw. Knol had die uitkomsten wel verwacht. ³Vrouwen hebben in het algemeen meer problemen met hun stem dan mannen, omdat hun strottenhoofd wat fragieler is gebouwd.² Verder zouden leerkrachten in de onderbouw meer problemen hebben omdat ze in de rumoerige kleutergroepen vaak hun stem moeten verheffen. Om de aandacht te krijgen, maar ook om te zingen. ³Leerkrachten zingen vaak veel te hoog omdat ze hun stem proberen aan te passen bij de kinderstemmetjes.²

Slissen
De uitkomst van het onderzoek is toegestuurd aan pabo¹s tot in de verre omstreken. Want Knol vindt dat in de lerarenopleidingen voor het basisonderwijs best wat meer aan de preventie van stemproblemen mag worden gedaan. ³Ik heb het idee dat het vak logopedie aan iedere opleiding verschillend wordt ingevuld. Soms vraag ik een afgestudeerde wel eens wat hij op dit gebied heeft geleerd en dan kunnen ze soms een hele lijst Latijnse namen van spraakafwijkingen ophoesten. Maar dat is helemaal niet interessant. Ze moeten leren zelf goed met hun stem om te gaan en daar ontbreekt het nogal eens aan. Ik kom op scholen ook regelmatig slissende onderwijzers tegen, ik vind dat dat niet kan.²
Toch geven pabo¹s zeker wel lessen in stemgebruik, zegt Ton Hoebe, docent logopedie aan de Efa, de educatieve faculteit van de Hogeschool van Amsterdam. Hoewel: het aantal lessen is wel wat minder dan vroeger. ³Sinds ik hier in 1979 kwam, is er flink bezuinigd op het aantal uren. Logopedie is geen hoofdvak meer, dus het wordt alleen maar minder.²
Hoebe laat in het eerste jaar van de pabo de studenten ieder een stukje voorlezen. Hij let dan onder andere op uitspraak en articulatie. ²En bij de honderd studenten zitten er altijd wel één of twee waarbij ik denk: nou, nou, nou, dat wordt een moeizame zaak.² Als de problemen heel ernstig zijn verwijst Hoebe naar een kno-arts, bij wat lichtere problemen gaat hij zelf aan de slag. Hij heeft in de loop der jaren gemerkt dat stemgebruik en dus ook stemproblemen aan mode onderhevig zijn. ³Toen ik in het onderwijs begon, hadden veel meisjes een fluisterstem, wat ik de biljartcommentatorstem noem. Heel slecht voor je stembanden. Tegenwoordig is de geknepen stem in de mode. Die klinkt een beetje als een heksenstem, heel onaangenaam om naar te luisteren.²
Niet alle studenten zijn, zo weet Hoebe inmiddels ook, even gemotiveerd om iets aan hun stemgebruik te veranderen. ³Sommige studenten hebben een hese stem, zo¹n stem waarbij het lijkt alsof je de avond daarvoor naar de disco bent geweest. Dat klinkt een beetje sexy en tof, dus zijn ze niet erg bereid om er iets aan te doen.²
In het tweede leerjaar doet Hoebe stemoefeningen met groepjes studenten en leert hij ze hoe ze voor de klas moeten praten. ³Zo min mogelijk hard praten², houdt hij zijn studenten voor. ³Er zijn andere manieren om de aandacht te trekken, non-verbale manieren. Oogcontact en de juiste intonatie zijn heel belangrijk. En natuurlijk moet je iets interessants te vertellen hebben, want dan willen de kinderen moeite doen om te horen wat je zegt.²

Eigenwijzer
Na het tweede jaar van de pabo zijn de lessen van Hoebe in principe afgelopen, maar studenten kunnen ook in het derde en vierde jaar nog bij hem langskomen voor advies. En dat gebeurt ook. ³Vooral in het vierde jaar, want dan gaan ze drie dagen per week lesgeven en dan komt het erop aan. Dan worden ze zenuwachtig, en stress en stemproblemen zijn één pot nat. Je gaat dan als leraar je stem forceren, de kinderen horen dat de meester in paniek raakt, denken Œhier valt iets leuks te beleven¹, en dan gaat het van kwaad tot erger.²
Van sommige studenten die afstuderen is, zo schat Hoebe in, de kans groot dat ze later problemen krijgen met hun stem. Zekerheid daarover is echter lastig te geven. ³Sommigen hebben roestvrijstalen stembanden, anderen niet. Het is net als met roken: de een rookt een pakje sigaretten per dag en wordt tachtig jaar oud, de ander krijgt kanker.²
Gelukkig voor leerkrachten zijn problemen met de stembanden niet levensbedreigend. Sterker nog: logopedist Knol van de GGD heeft het in 24 jaar tijd maar twee keer meegemaakt dat een leerkracht wegens stemproblemen arbeidsongeschikt raakte. Ook arbo-artsen kunnen zich weinig gevallen herinneren. Een bedrijfsarts bij Arboned kreeg de afgelopen drie jaar één onderwijsklant met stemklachten, zijn twee collega¹s bij de Arbo-unie, een arbo-dienst die veel voor scholen werkt, schiet geen enkel geval uit het onderwijs te binnen.
Grote vraag is wat er dan wèl gebeurt als leerkrachten stemproblemen hebben. Het antwoord is: doormodderen, zo verklaart Inge Prevoo, zelfstandig gevestigd logopediste in Bilthoven. Zij krijgt diverse leraren in haar praktijk en die nemen hun stemprobleem vaak niet zo serieus. ³Tandartsen verzekeren hun vingers, dus het zou ook niet zo gek zijn als onderwijsgevenden wat zorgvuldiger met hun stem zouden omgaan. Maar je ziet vaak dat leraren heel lang een beetje last van hebben van hun stem en dat ze daar gewoon mee doorlopen. Vaak krijgen ze in de weekeinden en vakanties ook hun stem weer terug.²
Uit het onderzoek van de GGD blijkt dat de helft van de leerkrachten logopedistische begeleiding in de vorm van een preventieve onderhoudsbeurt¹ op prijs zou stellen. ³Een goede zaak², vindt Prevoo. Maar ze heeft haar twijfels of het zal helpen. ³Leraren gaan na een behandeling vaak weer snel op de oude voet verder, omdat ze helemaal vergroeid zijn met hun stemprobleem. Bovendien rennen ze van hot naar her want de werkdruk is groot, en zijn ze vaak wat eigenwijzer dan anderen. En dan gaan ze zeker een beetje bij een logopedist zitten voelen hoe hun ademhaling in elkaar zit? Kom zeg.²

Dit bericht delen:

© 2023 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.