- blad nr 9
- 9-5-2015
- auteur T. van Haperen
- Column
Aan geld geen gebrek
Op het eerste gezicht wel. Pak een landenvergelijkende tabel van de Oeso, met onderwijsuitgaven als percentage van de overheidsbestedingen. Het Oeso-gemiddelde ligt op 12,9. Nederland zit daar een procentpunt onder. Is dat erg? Niet echt. De landen om ons heen verschillen niet veel. En vanaf dan geldt: het is maar wat je meetelt. Bij ons zit de kinderopvang bij sociale zaken. Elders hoort die bij onderwijs. Wat maakt het uit? En vergelijk Nederland met een topper, bijvoorbeeld Brazilië. Hun Oeso-percentage ligt 9 punten hoger dan het onze. Vorig jaar staakten Braziliaanse leraren een maand. Voor een loon waarmee ze eindelijk eens in hun levensonderhoud kunnen voorzien. Daar moet je Nederland niet mee vergelijken. Wat dan rest is het binnenland. Misschien is daar een zuinige trend zichtbaar. De journalist en econoom Mathijs Bouman zocht dat uit. Zijn conclusie? Meer zorg, minder onderwijs. De uitgaven aan zorg zijn in 1971 2,1% van het bbp, nu liggen die op 9,6%. Onderwijs zakt in dezelfde periode van 6,3% naar 5,3%. Maar zo raar is dat niet. Veertig jaar geleden was Nederland jong. Nu zijn we oud. En dus krimpen de scholen en stijgt het gebruik van de gezondheidszorg.
Echt, onderwijs deelt hier mee in de welvaart, maar dat geldt helaas niet voor leraren. Niet het budget, maar de verdeling is het probleem. Al twintig jaar stroomt het geld van de burger naar de overheid, naar de praathuizen met hun uitdijende onderafdelingen organisatie, vernieuwing en advies. Pas nadat daar allerlei ideetjes en plannetjes zijn uitgedacht, komen leraren aan beurt. De praktijkwensen zitten aan het einde van de keten. Ziehier het verdriet van het Nederlandse onderwijs: een rijk beleid met een armoedige uitvoering.
Kortom: dat kinderen niet opstromen, maar afstromen, heeft niets met te maken met de omvang van het onderwijsbudget, maar alles met beleidsmalligheid als kwaliteitskaarten en internetvensters met een meetbaar doorstroomtempo. Vmbo-leerlingen verlagen in dit meten-is-weten-segment de score. En daarom zijn ze niet welkom op 4-havo. Dit risicomijdende gedrag is bevorderd door een Onderwijsinspectie die met haar jaarverslag de landelijke pers opzoekt, om vervolgens dit falen op het bordje van de scholen te leggen. En de leraren? Die luisteren allang niet meer. Zo werkt dat aan het einde van de keten.