• blad nr 7
  • 4-4-2015
  • auteur A. Moerman 
  • de Vereniging

 

Radicaliserende jongeren: niets nieuws onder de zon

De Nationaal coördinator terrorismebestrijding en veiligheid maakt half maart bekend dat leraren een gratis training kunnen krijgen. Immers, scholen ‘staan in de frontlinie van de strijd tegen radicalisering’. De AOb-groep Kleurrijk Onderwijs organiseerde twee weken eerder een eerste bijeenkomst over dit onderwerp.

Soms lijkt het wel oorlog, te oordelen naar het taalgebruik rond radicalisering. De NCTV richt zelfs ‘vliegende brigades’ op die scholen komen bezoeken waar het uit de hand dreigt te lopen. Op de bijeenkomst begin maart van Kleurrijk Onderwijs over radicaliserende jongeren klonk minder krijgshaftige taal. Maar volgens toehoorders was de gedachtewisseling niet minder de moeite waard.
“Je zou bijna denken dat docenten voortaan met een kalasjnikov voor de klas moeten gaan staan”, reageert politicoloog, journalist en docent aan de Universiteit van Amsterdam Ali Al-Jaberi. Hij was de deskundige spreker op de bijeenkomst. “Nu is sprake van een crisis. Dus ik begrijp de oprichting van een speciale unit. Maar eigenlijk ben ik niet zo'n voorstander van steeds wat nieuws optuigen. Liever zie ik dat scholen en onderwijsgevenden zich meer inspannen bij het creëren van ‘inclusieve gemeenschappen’. Scholen die iedereen het gevoel geven dat ze er bij horen.”
Jongeren die radicaliseren is iets van alle tijden meent Al-Jaberi. De profielen van IS-gangers, highschool-shooters in de VS, of jongeren die zich bij extreem rechtse clubs aansluiten, zijn grotendeels hetzelfde. “Het zijn angry young men: jongeren die zich uitgesloten voelen, met wrok tegen de samenleving rondlopen, die veel onrechtvaardigheid ervaren en via aansluiting bij een extreme beweging de strijd tegen dat onrecht aangaan. Ze willen zich daarmee een soort van heldenstatus aanmeten”, zo vat Al-Jaberi samen.

Niet meetellen
De component ‘islam’ is volgens Al-Jaberi bij radicalisering veel minder groot dan ‘het publieke discours’ doet vermoeden. Diverse onderzoeken leren dat radicaliserende jongeren daarvoor ongeveer alles deden wat hun god verbood. Gemeenschappelijk is het gevoel van ‘niet meetellen’, van vervreemding. “In Nederland bestaat nog steeds volop discriminatie op de arbeidsmarkt. Of hebben mensen met een kleurtje in vergelijkbare omstandigheden vijf tot twintig keer meer kans om een gevangenisstraf te krijgen. Ook doet de politie structureel aan etnische profilering. Dit soort zaken wordt keer op keer aangetoond door tal van onderzoeken. Hoewel de Nederlandse samenleving zichzelf graag anders ziet, is er volop racisme en discriminatie aanwezig. Nederland is zelfs een van de meest islamofobe landen van Europa.”
“Op ‘inclusieve scholen’ zouden al deze feiten bespreekbaar moeten zijn. Het zou daarbij helpen als het docentenkorps meer een afspiegeling van de schoolpopulatie is. Ook wordt het bijvoorbeeld hoog tijd voor een open gesprek over de verplichte vrije dagen. Hoezo wel verplicht vrij op christelijke feestdagen en niet op islamitische feestdagen? Praat hier met elkaar over. Erken dat de wereld en de samenleving verandert. Dat we twee miljoen mensen in Nederland hebben die niet van Nederlandse origine zijn. Dat heeft consequenties”, meent Al-Jaberi. “De samenleving en scholen communiceren nu nog veel te vaak: jij moet je aanpassen. Maar zo zou het niet moeten zijn in een democratische rechtstaat. We moeten jongeren laten zien hoe het wel werkt. Met welke democratische middelen de samenleving te veranderen is. En dat die weg veel effectiever is dan de gewelddadige weg. Geweld is een doodlopende weg, want de massa ziet helemaal niets in al die vormen van extremisme.”

{noot}
Voor de zomervakantie organiseert de groep Kleurrijk Onderwijs themabijeenkomsten over radicalisering, met als spreker Ali Al-Jaberi. Rayon Zuid 12 mei, Oost 11 juni, Noord 16 juni Zuidwest 18 juni, Noordwest…

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.