• blad nr 7
  • 4-4-2015
  • auteur J. van Aken 
  • Redactioneel

Stedelijk Lyceum Enschede mocht GMR-lid niet ontslaan 

Financiële vergoeding van enkele tonnen

Docent en GMR-voorzitter Kees Evers werd in 2011 ontslagen door het Stedelijk Lyceum in Enschede. Volgens zijn bestuur wegens verstoorde arbeidsverhoudingen. Maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde onlangs dat de school hem ten onrechte ontsloeg wegens zijn GMR-werkzaamheden. Een persoonlijke overwinning voor Evers, die gevolgen heeft voor de medezeggenschap in het onderwijs.

Economiedocent Kees Evers (62) straalt en gedurende het gesprek zal regelmatig een grote grijns op zijn gezicht verschijnen. “De afgelopen jaren waren niet de leukste van mijn leven. In twee jaar tijd ben ik vijftien kilo afgevallen. Ik heb drieënhalf jaar een zware last op mijn schouders gehad, die is er 12 maart in een keer helemaal afgevallen”, vertelt hij. Die dag is na jarenlange juridische strijd Evers’ ontslag uit 2011 ongedaan gemaakt door de hoogste ambtenarenrechter.
De zaak begint in oktober 2009, als er een wisseling van bestuurders plaatsvindt bij de school. Het Stedelijk Lyceum in Enschede verkeert in grote financiële problemen, mede door duurder uitgevallen nieuwbouw, waaronder de veel bekritiseerde Scholingsboulevard. “De nieuwe bestuurder, Peter Nieuwstraten, wil een bezuinigingsplan doorvoeren en functies laten vervallen, zonder de wettelijk verplichte instemming van de GMR te vragen”, vertelt Evers, voorzitter van de GMR, docent economie en cultuurcoördinator.
De oudergeleding besluit het omstreden plan voor te leggen aan de geschillencommissie medezeggenschap. “Ineens stond voor de volgende vergadering op de agenda: besluit tot collectief aftreden van de GMR. Ik heb meteen een mail gestuurd dat zo’n besluit onwettig is. MR-leden worden individueel gekozen, ik had een mandaat van de collega’s die op mij stemden.” Desondanks treedt een meerderheid van de raad af. Alleen Evers en nog enkele leden van de oudergeleding blijven in functie. Volgens het bestuur is er vanwege het collectieve aftreden geen GMR meer. “Het bestuur voerde een nieuw reglement en nog een aantal maatregelen door waarvoor eigenlijk instemming was vereist. Maar er was geen GMR volgens het bestuur.”

Twee GMR’en
Na verloop van tijd organiseert het Stedelijk Lyceum nieuwe verkiezingen en zo ontstaat de uitzonderlijke situatie dat er ineens twee gemeenschappelijke medezeggenschapsraden zijn. Zowel de Landelijke Commissie voor Geschillen WMS als de Ondernemerskamer oordeelt dat de GMR met het ‘eerstgeboorterecht’ (die van Evers dus) de aangewezen overlegpartner is. “Nieuwstraten trok zich daar niks van aan, we kregen geen stukken. Het is krankjorum dat een bestuurder zich niks van een rechterlijke uitspraak aantrekt. Achteraf blijkt dat we een nieuwe zaak hadden moeten starten om af te dwingen dat de uitspraak werd uitgevoerd.”
Evers en zijn medeleden gingen intussen door met hun GMR-werk. Ze stelden vragen en gaven adviezen op stukken die ze via via ontvingen. “Al onze brieven werden genegeerd. Nieuwstraten sommeerde me alleen twee keer per brief om me geen GMR-voorzitter meer te noemen.”
In mei 2011 heeft Evers een gesprek met het bestuur over disciplinaire maatregelen. “Ze gaven mij geen gronden, maar stelden alleen suggestieve vragen: Vind je zelf ook niet dat er geen basis is voor verdere samenwerking? Ik heb alleen ‘geen commentaar’ geantwoord.” Vervolgens kwam er in juni een brief dat hij per 1 augustus ontslagen was wegens disfunctioneren op grond van plichtsverzuim, waardoor hij geen uitkering zou krijgen. Later werd dat omgezet in ontslag wegens gewichtige redenen, een neutrale ontslaggrond. “Er waren echter nooit functioneringsgesprekken gevoerd waaruit dat bleek. Maar ze snapten wel dat ze niet konden zeggen dat ik te lastig was in de GMR.”

Steun collega’s
Het ontslag vormt het begin van een juridische strijd van drieënhalf jaar, die via de rechtbank in Almelo naar de Centrale Raad van Beroep leidt, de hoogste rechterlijke instantie in ambtenarenzaken. De zaak draait om de vraag of het bestuur terecht heeft gesteld dat de verstoorde arbeidsverhoudingen veroorzaakt zijn door andere omstandigheden dan Evers’ lidmaatschap van de GMR. Het Stedelijk Lyceum probeert dat aan te tonen met een verklaring van de directeur van de locatie Zuid over verstoorde verhoudingen tussen directie en personeel en Evers. “Die locatieleider kende ik helemaal niet, die was na mijn ontslag aangesteld.” Evers verzamelde verklaringen van collega’s die de verstoorde verhoudingen ontkenden. “Ik ben mijn collega’s ontzettend dankbaar dat ze zich hiervan distantieerden. Als je vanuit je achterban deze steun krijgt, helpt dat enorm.”
AOb-advocaat Frans Lathouwers, die Evers bijstaat, zegt: “Dan ziet de rechter dat er gejokt wordt. Rechters zijn dan net mensen, die houden daar niet van. Dat heeft een belangrijke rol bij de uitspraak gespeeld.”
De Centrale Raad van Beroep oordeelde op 12 maart 2015 dat ‘het aannemelijk is dat er een verband bestaat tussen het ontslagbesluit en het lidmaatschap van de GMR’. Met andere woorden: Evers is volgens de rechter ontslagen omdat hij kritisch was over het beleid van het schoolbestuur. En dat is in strijd met het ontslagverbod voor (G)MR-leden in de Wet medezeggenschap op scholen (WMS). De rechter maakte het ontslag van Evers ongedaan. “Sinds die dag schijnt voor mij de zon. Het is een ontzettend grote opluchting”, lacht Evers. Zijn advocaat en die van de school zijn in onderhandeling over een financiële vergoeding. Lathouwers zegt dat een gespecialiseerd bureau een berekening maakt. “Het gaat om misgelopen salaris en pensioen en met rente op rente gaat dat richting enkele tonnen.”

Dikke huid
De uitspraak heeft gevolgen voor de medezeggenschap in het onderwijs. Volgens de Centrale Raad van Beroep vloeit vanuit de WMS voort dat een GMR-lid grote vrijheid geniet bij kritiek en de wijze waarop hij die formuleert. ‘Termen als chantage en wanbeleid moeten worden bezien in de context waarin zij zijn gebruikt, namelijk een ernstig verschil van mening tussen GMR en het bestuur over de te varen koers. Van de overlegpartner van een medezeggenschapsorgaan (het bestuur, red.) mag een dikke huid worden verwacht.’
Lathouwers: “De Centrale Raad van Beroep toont hiermee dat MR-leden onbevangen hun werk moeten kunnen doen. Dat recht ligt al vast in de WMS, maar nu blijkt dat een ontslag nietig wordt verklaard zodra het te maken heeft met medezeggenschapswerkzaamheden. En een bestuurder moet tegen een stootje kunnen, daarvoor ontvangt hij een hoger salaris. De ontslagbescherming van MR-leden wordt volwassen met deze uitspraak.”
Evers: “Ik heb me verzet tegen bestuurders die denken dat ze hun eigen wetten en regels kunnen maken. Bestuurders die denken dat ze de medezeggenschap buiten werking kunnen stellen als dat ze niet uitkomt. Mijn verhaal is een extreem voorbeeld, maar er zijn meer bestuurders die niet schromen om mensen onder druk te zetten. Deze uitspraak maakt duidelijk dat je een onafhankelijke positie hebt in de MR en niet ja en amen hoeft te zeggen op de wensen van het bestuur. Het is plezierig dat mijn persoonlijke situatie verandert, maar de allergrootste winst is voor de medezeggenschap behaald.”

Niet zitten sippen
De afgelopen jaren waren niet de makkelijkste van zijn leven, blikt Evers terug. “In het begin heb ik zitten sippen, maar dat moet je niet te lang doen, daar ga je aan kapot. Ik ben eerst expert in uitkeringen geworden omdat mijn werkgever verkeerde gegevens doorgaf aan het UWV. Daarna heb ik consulentwerkzaamheden in Twente gedaan, een heel zinnige tijdsbesteding. En mijn hele muziekverzameling is gecatalogiseerd.”
Financieel was zijn situatie lastig. “Ik ben heel blij dat je in het onderwijs een aanvulling op je ww-uitkering krijgt, maar de eerste twee jaar heb ik me zorgen gemaakt of ik mijn huis zou moeten verkopen. Ik heb geen gezin, anders had ik dit niet vol kunnen houden.” Veel mensen verklaarden hem sowieso voor gek. “Volgens sommigen heb ik een overdreven rechtvaardigheidsgevoel. Maar ik zat in een situatie die zo onrechtvaardig voelde dat ik niet anders kon dan de belangen van collega’s beschermen. Als ik kan, wil ik wat aan onrecht doen.”

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.