- blad nr 6
- 21-3-2015
- auteur . Overige
- Redactioneel
Knallen met de musical
Tekst: Mandy Pijl
Als een hels karwei heeft ze het neerzetten van de eindmusical van de groepen 8 die ze heeft gehad wel ervaren. Toch doet Manon de Groot, bovenbouwleerkracht van basisschool Het Spectrum in Maassluis, niets liever. “De eindmusical is een van de belangrijkste momenten in de schoolcarrière van een kind. Ik vind het een eer een klas naar dat moment toe te helpen. De keren dat ik een groep 8 had, stond ik in de coulissen met het gevoel: dat hebben we toch maar weer bereikt. Ook een school kan trots zijn om leerlingen zo’n afscheid te geven.”
Desondanks snapt dramadocent Judith Pickard dat sommige leerkrachten er tegenop zien de eindmusical van de grond te brengen. “Het oefenen gaat vaak met veel geregel en hectiek gepaard en dat kost energie. In feite heb je er een job bij.”
Kies op gevoel
Een goede musical kiezen is het halve werk. Belangrijk is dat het stuk bij je groep past. “Kies op gevoel,” zegt Manon. “Als je het stuk doorleest en je ziet in gedachten leerlingen het al spelen, dan weet je dat dit dé musical is.” Laat de liedjes leidend zijn. Aan het verhaal kun je sleutelen, maar als de liedjes niet aanslaan, wordt het lastig om er een knaller van te maken. Belangrijk voor een geslaagde uitvoering: humor. En ook die moet passen bij de klas. Manon: “Sommige klassen houden van woordgrapjes, andere zijn meer van de slapstickachtige humor. Kijk of de humor van de musical overeenkomt met die van de groep.”
Maak het je eigen stuk
Ga er vanuit dat een kant-en-klaar stuk aanpassingen nodig heeft, wil de groep het kunnen opvoeren. Je wilt niet dat kinderen over ingewikkelde zinnen struikelen of dat gedateerde teksten er een niet al te erg aansprekend geheel van maken. Manon: “Zodra ik een musical heb gekozen en gelezen, ga ik hem herschrijven. Lastige zinnen pas ik aan, stomme liedjes gooi ik eruit, extra grapjes gaan erin en ik bedenk er rollen bij, zodat ieder kind een aandeel heeft.”
Begin op tijd
Waarschijnlijk begon je voorheen na de Cito-eindtoets met het oefenen van de musical. Dat de toets nu later wordt afgenomen, betekent niet dat je met de musical later hoeft te beginnen. “Eind maart vind ik toch wel het moment om te beginnen met het lezen van de tekst,” zegt Manon. “Ik weet dat sommige leerkrachten pas na de meivakantie beginnen, maar daar zou ik het Spaans benauwd van krijgen.” Een planning is helemaal zo gek nog niet. Judith: “Kijk wat er moet gebeuren: het instuderen van de teksten, het leren van de liedjes, een decor maken. En smeer dat uit over de maanden die je hebt.”
Laat ze het zelf doen
Helpt de hulp van collega’s en ouders jou de musical behapbaar te houden? Schakel die dan vooral in. Maar realiseer je dat je de benodigde hulp ook in je eigen groep hebt. “Kinderen zijn enthousiaster als ze alles zelf organiseren. Ze hebben het gevoel: dit hebben we met elkaar gemaakt”, zegt Manon. Stel commissies in voor onder meer de rekwisieten, kleding en danspasjes. “Vaak komen ze met oplossingen en ideeën waaraan ik zelf nooit gedacht zou hebben.” Bovendien: “Door ouders niet in te schakelen, heeft de groep een geheim en een gezamenlijke missie.”
Iedereen een rol
Elke leerling verdient een aandeel in het stuk. Kijk of het lukt om iedereen in ieder geval een minuut aan het woord te laten of een lied te laten zingen. Kinderen die een wel heel kleine rol hebben, kun je bij het zingen van groepsliedjes vooraan laten staan. Kijk of je verlegen leerlingen er een kunt geven waarvan ze gaan stralen. Een kleine rol is ook een rol. “Welke kinderen bij mij een grotere rol of een solo-liedje krijgen, is bij mij niet altijd te zeggen,” zegt Manon. “Soms zijn het leerlingen die helemaal niet mooi kunnen zingen. Maar daar gaat het niet om. Als ik ervoor kies om iemand een solo te laten zingen, dan is dat ook omdat ik vind dat hij of zij het applaus na zo’n lied nodig heeft of erg verdient.” Kijk ook of je talenten in je klas hebt die van pas komen, zoals leerlingen die een instrument bespelen of aan streetdance doen. Is er voor een leerling echt geen rol over? Laat hem de voorstelling presenteren.
Calculeer een dip in
Zo enthousiast als de leerlingen de eerste weken zijn, zo hardnekkig kan na een paar weken een dip toeslaan. Zoek naar creatieve oplossingen om de interesse terug te winnen. Is er een andere locatie waar je een keer kunt oefenen? Of speel het stuk eens door bij wijze van ‘Italiaantje’, om maar eens een toneelterm te noemen. Dat snel doorspelen van het hele stuk zorgt door het tempo voor goede energie. Ook een tip: als verrassing in de ‘musical-tijd’ juist iets heel anders gaan doen, zoals buiten lekker tekenen. Manon: “Ook plan ik midden in de dip een bezoek aan het theater waar we optreden. Dat maakt het beter voor te stellen hoe zo’n avond er dan uit gaat zien.”
Creatief met stil spel
Het schrikbeeld van een eindmusical: leerlingen die op een rijtje staan en hun tekst opdreunen. Oefen daarom met tekst én bewegingen. “Laat leerlingen daarover meedenken,” zegt Judith. “Laat ze in groepjes scènes spelen: wat gebeurt er en hoe ziet dat eruit? Vaak hebben ze de leukste ideeën voor stil spel.”
De understudy
Het instuderen van de tekst lijkt een hele kluif, maar gaat uiteindelijk toch vanzelf. Judith: “Lees de tekst een aantal keren met elkaar, maar laat ze tijdens de repetities zo min mogelijk met het script in de hand spelen. Op die manier weten leerlingen op welke teksten ze nog moeten oefenen en ontdek je welke zinnen niet lekker lopen en misschien beter anders kunnen.” Handig: je zult merken dat er altijd wel een leerling is die alle teksten kent. Maak daar gebruik van door hem de extra rol te geven van understudy, in het theater iemand die de rol van andere acteurs kent. Is er tijdens de uitvoering onverwacht een kind ziek, dan heb je een vervanger.
Blijf enthousiast en geniet
De musical tot een goed einde brengen vergt energie. Zorg dat je zelf enthousiast blijft, want dan blijven de kinderen dat ook. “Realiseer je waarvoor je het doet en wees trots op de kinderen,” zegt Manon. “Vooraf praat ik ze moed in door te zeggen dat ze moeten spelen alsof Joop van den Ende in de zaal zit, en dat we ervoor gaan zorgen dat het stuk in het Circustheater komt. We hebben misschien geen miljoenen te besteden, maar op die manier beseffen ze dat we precies zo’n zelfde spektakel neerzetten, maar dan in het klein. Aan de andere kant is er wat mij betreft weinig groter dan je klas een eigen musical te laten opvoeren en daarmee de wetenschap te hebben dat je ze met het volste vertrouwen de wereld in kunt sturen.”