• blad nr 6
  • 21-3-2015
  • auteur K. Hagen 
  • Redactioneel

 

AOb zet in op zekerheid, 3% meer loon en reparatie WW

De cao-onderhandelingen zijn in volle gang. Deze ‘ronde’ staat vooral in het teken van de nieuwe Wet werk en zekerheid. Wat willen de AOb-bestuurders bereiken? Een overzicht van de hoofdpunten en de belangrijkste issues per sector.
Tekst Karen Hagen Beeld Typetank

De focus van de AOb-onderhandelaars ligt op de nieuwe Wet werk en zekerheid (Wwz). Bij de laatste cao’s zijn er namelijk al ingrijpende veranderingen afgesproken. Zo is in het voortgezet onderwijs (vo) de seniorenregeling omgebouwd. Alle leraren, jong en oud, hebben nu een persoonlijk budget. In het primair onderwijs (po) is afgesproken dat de 40-urige werkweek wordt ingevoerd. “We moeten de onderwijssectoren de rust geven om deze veranderingen in te voeren”, zegt AOb-bestuurder vo Ben Hoogenboom. “Bovendien hebben we besloten om ons eerst te buigen over de Wwz en de afspraken die we daarover in de cao-akkoorden van 2014 hebben gemaakt. Andere onderwerpen komen op een tweede plan.”
De nieuwe wet zorgt voor veel wijzigingen, vooral als het gaat om sociale zekerheid. Hoogenboom: “Bij de vorige cao-akkoorden hebben we afspraken gemaakt met de werkgevers om sommige wijzigingen te repareren.” De Wwz is op 1 januari 2015 ingegaan. De belangrijkste veranderingen van de wet zijn verdeeld over verschillende onderwerpen: flexibele arbeid, ontslag en de werkloosheidswet (WW). De wijzigingen op de verschillende terreinen gaan niet allemaal tegelijk in.
Over de inzet van de AOb kun je, volgens AOb-bestuurder mbo André Steenhart, zeggen: “In alle sectoren willen we voorkomen dat mensen werkloos raken en ontslagen worden. Dreigt dit wel te gebeuren dan moet er een goed vangnet zijn en dat is dan geen hangmat, zoals de werkgevers het noemen. Mensen moeten bijvoorbeeld naar nieuw werk worden begeleid.”
De deadline? Op 1 juli 2015 hopen de AOb-onderhandelaars eruit te zijn.

Salaris
De AOb vindt, ondanks het plusje (1,2%) van vorig jaar, dat het loon omhoog moet. Zeker na jaren nullijn. “Er moet echt een stap gemaakt worden”, zegt André Steenhart. Het kabinet heeft aangekondigd dat er vanaf 2015 geen sprake meer is van een nullijn. De AOb wil de werkgevers en het kabinet daar graag aan houden en eist een loonsverhoging van 3 procent.
Ben Hoogenboom, AOb-bestuurder vo, wijst op een wijziging in het pensioenreglement van het ABP, het pensioenfonds waar veel onderwijspersoneel bij is aangesloten. Werkgevers hoeven minder premie over de pensioenen van hun werknemers te betalen. “Wij vinden dat dit geld naar het salaris van de werknemers moet.”

Opbouw en duur WW
Het is niet de vraag óf de WW wordt ‘gerepareerd’, maar eerder hoe dit gaat gebeuren. Met de Wwz wordt de duur van de WW korter: namelijk niet meer maximaal 38 maanden, maar slechts 24 maanden. Ook de opbouw van WW-recht wordt ingeperkt. AOb-bestuurder Ben Hoogenboom: “Na 10 jaar werken bouw je minder WW-recht op. Voor jonge mensen is dit een enorme verslechtering. Dat en de wijzigingen in de duur van de WW willen we in de cao’s weer terugdraaien in overleg met de werkgevers vanaf 1 januari 2016.” Bovendien wil de AOb dat er harde afspraken komen om werkloosheid tegen te gaan. “We moeten mensen van werk-naar werk kunnen begeleiden”, zegt AOb-bestuurder André Steenhart. Er moet op tijd worden nagedacht wat werknemers kunnen doen als ontslag dreigt. “Zij moeten scholingstrajecten kunnen volgen of voor een deel vrijgesteld worden met doorbetaling van loon om ander werk te zoeken.” Hoogenboom voorziet wel een knelpunt bij dit thema.
Werkgevers betalen namelijk uit de lumpsum, het geld dat scholen krijgen van de overheid en naar eigen inzicht mogen besteden, de lasten voor zowel de WW als de boven- en nawettelijke regelingen, zoals bijvoorbeeld een aanvulling van de WW tot maximaal 78 procent van het laatstverdiende loon. Zij verbinden de wijzigingen in de WW aan die regelingen. “Daar moeten we uit zien te komen”, zegt Hoogenboom.
Ontslag
Door de Wwz verandert de ontslagroute. Leraren uit het bijzonder onderwijs, zijn hierdoor aangewezen op het UWV als ze worden ontslagen om bedrijfseconomische redenen. Het openbaar onderwijs daarentegen, valt onder het ambtenarenrecht. De AOb pleit voor een eigen ontslagcommissie. “Het UWV heeft eigen regels, maar vaak sluiten die niet aan bij de specifieke kenmerken van het onderwijs. Wij mogen in de cao’s een eigen ontslagcommissie inrichten, dat gaat de AOb voor het bijzonder onderwijs proberen”, zegt AOb-bestuurder Ben Hoogenboom. Voordeel is dat zo’n commissie meer kennis heeft van de onderwijssector.

Flexibele arbeid
Minister Asscher van Sociale Zaken wilde met de Wwz flexwerken aanpakken en de positie van tijdelijke werknemers versterken. De AOb ondersteunt dat van harte. “De nieuwe regels, die meer zekerheid bieden aan flexwerkers, moeten zonder wijzigingen in de cao’s komen”, zegt AOb-bestuurder Ben Hoogenboom. Zo moeten flexwerkers na drie tijdelijke contracten een vaste baan krijgen. “Werkgevers moeten zich meer inspannen om mensen die goed zijn en die je nodig hebt, gewoon in vaste dienst te nemen.”

Primair onderwijs
Het aanpassen van de cao aan de nieuwe regels van de Wwz is hét thema voor het primair onderwijs. Vooral afspraken maken over vervanging, is in het po een belangrijk en urgent punt, volgens José Muijres, AOb-bestuurder po. “Als een leerkracht ziek is, gaat het gelijk om een klas die een hele dag moet worden opgevangen. In het vo gaat het om een tussenuur”, legt Muijres uit. Ze wil dat invalkrachten meer zekerheid krijgen en sneller in vaste dienst komen. “Zij moeten na drie tijdelijke contracten een vast contract krijgen.” Vooral vervangingspools zijn een goede oplossing. “Zo komen deze mensen toch in vaste dienst, kunnen ze scholing volgen, maar kun je ze nog steeds op verschillende scholen inzetten. Bovendien zijn de pools handig om mensen van werk-naar-werk te begeleiden.” Ook binnen de scholen kunnen vervangingsoplossingen worden gezocht. Denk aan een duo-partner die een dag de klas overneemt.
Naast de Wwz wil Muijres over een aantal minder ingrijpende, maar zeker niet onbelangrijke punten afspraken maken. “Zo willen we een evenredige vertegenwoordiging van leraren en ondersteuners in de medezeggenschapsraden.”

Voortgezet onderwijs
“De Wwz heeft de eerste prioriteit”, zegt AOb-bestuurder vo Ben Hoogenboom (zie hierboven). Specifiek voor de sector wil hij wel, naar aanleiding van de Wet onderwijstijd, praten over 23 klokuren les per week voor alle leraren. Voor onderwijsondersteuners wil de AOb dat er vervanging komt als zij zich willen professionaliseren en moet hun salarisgebouw worden aangepast.

Middelbaar beroepsonderwijs
In het mbo moeten er betere afspraken komen over de doorstroming van docenten naar hogere functies, zegt AOb-bestuurder mbo André Steenhart. “We zien vaak dat mensen blijven hangen in LB-functies of gelijk voor een managementfunctie moeten kiezen.” Leraren moeten meer carrièreperspectief krijgen in hogere functies die nog met het onderwijs zelf te maken hebben. “Docenten die bijvoorbeeld extra onderwijstaken hebben of werken met moeilijke leerlingen moeten beter naar een hogere functie kunnen doorstromen.”

Hoger beroepsonderwijs
De cao van het hbo loopt nog tot en met 31 maart 2016. “We zijn tot die tijd onder de pannen”, zegt Douwe van der Zweep, AOb-bestuurder hbo. Toch zitten de AOb-onderhandelaars niet stil. “Wij moeten onze cao ook voor 1 juli 2015 aanpassen aan de nieuwe Wwz en de rechtspositie van onze mensen beschermen.” Bij het hbo gelden de aanpassingen vooral voor de ontslagroute en de WW-uitkeringen.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.